Afnemende zonaliteit wil nog niet gelijk zeggen dat andere windrichtingen dominanter worden, dat hangt nog steeds af van de positie van drukgebieden. Door afnemende barocliniteit (lees: temperatuurcontrast in meridionale richting) neemt de kracht van hoge en lagedrukgebieden af. Om even op het noordelijk halfrond te blijven: het Azorenhoog ligt op zijn plek niet alleen dankzij de globale temperatuurverdeling op het noordelijk halfrond, maar ook vanwege de breedtegraad en de ligging van de continenten en reliëf daarop en de invloed daarvan op de circumplanetaire circulatie en de hydrologische cyclus.
Het Azorenhoog is een belangrijk onderdeel van de Hadley circulatie. De kracht van die circulatie wordt grotendeels bepaald door de barocliniteit en de hydrologische cyclus in de gematigde breedten (i.v.m. convectie). Bij afnemende barocliniteit neemt de stroming af, dus wordt er minder energie richting de polen gepompt. Maar er is misschien nog een ander gevolg: door de polaire amplificatie van de opwarming breidt de Hadley cell zich noordwaarts uit. Hierdoor komt ook de straalstroom noordelijker te liggen, waardoor Nederland wel eens een verschuiving zou kunnen gaan zien van hoofdzakelijk zuidwestenwinden naar west tot noordwestenwinden. Dit kan de opwarming in ons land enigszins matigen, omdat we dan vaker aanvoer hebben van iets noordelijkere breedten (de luchtsoort blijft nog wel vochtig, dus maritiem).
Een interessante studie uit 2007 over die noordwaartse uitbreiding van de Hadley cell, terwijl de kracht ervan met 3 tot 7% afneemt afhankelijk van het seizoen, vind je via onderstaande link.
Gr. Ben
http://ams.confex.com/ams/pdfpapers/124519.pdf