De unieke winter van 91; siberische koudeput.

Bericht van: Cees-Rotterdam , 21-09-2007 12:53 

Bij alle dromerijen over de grote winters van weleer , komt de winter van 1991 niet vaak ter sprake. Degenen die hem hebben meegemaakt zullen zich die februariwinter herinneren als één met een behoorlijke portie kou en vrij veel sneeuw.

Omdat ik onlangs een lans brak voor een zuid-russisch laag als aanjager van de kou richting west Europa, heb ik de ontwikkelingen van 1991 nog eens nader bestudeerd. Ik kwam tot de ontdekking dat een portie siberische kou een indrukwekkende reis maakte over Europa, met bij ons een koudegolf en behoorlijk wat sneeuw als gevolg.

Het is de moeite waar om de kaarten, zoals bij GFS in het archief, te bestuderen.
Tot 29 januari had de winter bij ons vrijwel niets gepresteerd: het koudegetal stond in De Bilt op 2,0.
De voorbereidende ontwikkelingen voor de winter begonnen echter al rond 23 januari. De poolwervel splitst zich waarbij een groot lagedrukgebied vanuit het poolgebied noord-Rusland/Siberië in trekt. Boven west-Europa ligt een hogedrukgebied dat ons rustig weer brengt met licht vorst in de nacht.
Op 24 januari breidt het genoemde lagedrukgebied zich uit in de richting van de Kaspische Zee en voert siberische kou binnen in europees Rusland.
Op 25 en 26 januari trekt een nieuwe depressie over de Noordkaap Rusland binnen. Aan de achterzijde daarvan stijgt de luchtdruk waardoor een nieuwe portie uiterst koude lucht opstoomt naar Europa. Bij ons nog steeds dat grote hogedrukgebied met het centrum boven Engeland.

Je zou nu het aloude scenario verwachten, waarbij de kou richting Zwarte Zee en Balkan stroomt en ons ongemoeid laat. Er gebeurt iets anders. Eerst wordt heel Rusland gevuld met Siberisch kou. Het hogedrukgebied boven Engeland breidt zich uit in de richting van Spitsbergen. Op 29 en 30 januari trekt een afzonderlijk lagedrukgebied over Rusland naar het zuiden. De kern ligt op 30-1 met 1010 hPa boven de zuid Rusland en een dag later met 1005 hPa boven Turkije. Inmiddels heeft een rug van hogedruk zich ontwikkeld tot in het poolgebied en is boven de Oostzee een afzonderlijke kern van hoge druk ontstaan met luchtdrukwaarde 1035 hPa.

In de laatste dagen van januari beleven wij licht vriesweer in de nacht terwijl het kwik overdag 1 tot 2° boven 0 komt. Zware kou is dan doorgedrongen tot Polen, Hongarije en de Balkan. Ik veronderstel dat in die buurt ook sneeuw gevallen is. Er vormt zich de dagen daarop een afzonderlijk gebied met grote kou tot op grote hoogte. De bel met siberische kou zou een hoofdrol gaan vervullen voor de winter in Nederland. Het zou echter nog een kleine week duren voor dit gestalte kreeg.

Op 3 februari ligt het centrum van deze koudepool boven de Oekraïne. Bij ons is het ook kouder geworden met matige vorst in de nacht en ochtend; De Bilt registreert op 3 februari de tweede ijsdag. Sinds 29 januari heeft het koudetal bijna 20 punten geproduceerd, wat betekent dat er op diverse plaatsen al beschaatsbaar ijs heeft gelegen.

In deze februaridagen zien we het sluitstuk van de ontwikkeling van de koudegolf: boven Scandinavië stijgt de druk tot boven de 1050 hPa en boven het Middellandse Zeegebied daalt de luchtdruk. Het vrij aanzienlijke gebied met siberische kou komt in beweging in de richting van ons land. Op 5 februari ligt het centrum boven Slowakije met op 850 hPa een temperatuur omstreeks -20 en op 500 hPa omstreeks -40. In De Bilt komt het maximum nog 2° boven 0.
6 februari: de siberische kou is ook in ons land. De Bilt meldt Tx=-1,9°C. Om 12 uur in de middag ligt de temperatuur in het 850 hPa-vlak boven ons land op -16 tot -18. De bel met koude lucht strekt zich uit van Schotland tot Roemenië en van Zuid Zweden tot Zuid Frankrijk.
7 februari: bij ons strenge vorst in de nacht en matige vorst overdag.

In de daarop volgende dagen blijft de kou in west Europa hangen. De Bilt telt 6 ijsdagen op rij met daarin 4 maal strenge vorst. Aan de voorwaarden voor een koudegolf is dus ruimschoots voldaan. Het hogedrukgebied boven Scandinavië en Rusland handhaaft zich tot de 11-de en de koudeput blijft tot de 14-e in onze omgeving hangen. Hierdoor valt er in de periode 11 t/m 15 februari regelmatig sneeuw. Het koudegetal loopt op tot 67 op de 11-de. Daarna komt het kwik door zwakke aanvoer van zee tot iets boven 0. Na 20 februari is het gedaan met de vorst. Deze periode heeft dan een koudegetal van ongeveer 75 gebracht in drie weken.

Een prachtige koudegolf door een indrukwekkende tocht van siberische kou over Europa.
Wie zou hier niet voor tekenen in deze tijd? Waarom zou dit niet meer kunnen?

Groet,
Cees

http://www.vwkweb.nl/cms/index.php?option=com_content&task=view&id=830&Itemid=198