Winterverwachting 2007-2008
Temperatuursprong?
2-11-07
Hoe staat het nu met de betrouwbaarheid van lange termijnverwachtingen? In 1962 hadden we een kapper in Almelo die de strenge winter van 63 lang van tevoren zag aankomen. Dat was een voltreffer waarmee hij landelijke bekendheid kreeg. Lang duurde zijn succes niet, want toen hij in de loop van 1963 opnieuw een strenge winter aankondigde, liep het mis. De winter van 63-64 was zeker niet streng en werd in de schaduw van de voorgaande winter als niet zo koud beleefd. Toen echter op 6 december een vorstperiode aanbrak die 20 dagen duurde, met daarin naar mijn schatting 11 schaatsdagen, leek het even of kapper Flink gelijk kreeg. Het pakte anders uit.
De winter van 63-64 was er één waar we nu direct voor zouden tekenen. Met een koudegetal van 100,8 en naar schatting 16 schaatsdagen bracht die winter veel meer ijsvertier dan de afgelopen 10 winters bij elkaar! Vooral december was rijk aan vorst. Op 2 december begon het voorzichtig te vriezen, het werd allengs kouder en rond het midden van de maand kon er geschaatst worden. Op eerste kerstdag viel de dooi in en stond het koudegetal op 54,3. Later volgde nog een zwakkere vorstperiode in januari, die nog een paar schaatsdagen opleverde. Het gemiddelde van december-januari-februari bedroeg 0,9°C en dat is 2,4° onder normaal. Kortom: een koude winter.
Kunnen lange termijnvoorspellers voor ons land enige pretentie hebben? Ik denk dat het antwoord moet luiden: nee, Het KNMI gaat er van uit, dat een wintervoorspelling voor onze omgeving zinloos is. Intussen denken anderen daar anders over: de Engelse weerdienst en Röder komen met serieuze winterverwachtingen; ze spreken elkaar regelrecht tegen. Ik kom daar later in dit verhaal op terug.
Het weer in onze regio, laten we zeggen Noordwest Europa, is te wispelturig en chaotisch om voldoende vat op te krijgen. Als voorbeeld mag de winter van 2006 dienen: vanaf medio januari leek het er op, dat we een zeer koude periode tegemoet zouden gaan. Door enkele details in de ligging van de druksystemen drong de kou nauwelijks tot ons land door; Midden en Oost Europa werden intussen getroffen door hevige kou en uitzonderlijk veel sneeuw.
Mijn eigen winterverwachting moet ook pretentieloos heten en heeft zeker geen wetenschappelijke pretenties. Met een dosis intuïtie probeer ik op basis van allerlei gegevens een beeld te krijgen van de komende winter. Ik schrijf daarover omdat ik het leuk vind, waarbij ik hoop dat de lezer daarvan kan genieten. In de loop van deze herfst zal op deze pagina duidelijk worden hoe ik mijn gedachten over de winter van 2007-2008 ontwikkel.
Allez, daar gaan we dan. Ik heb het op diverse plaatsen geschreven: we hebben van begin juni 2006 t/m eind juni 2007 een lange periode beleefd van (veel) te warm weer. Slechts onderbroken door een koele augustus 2006. Spectaculair is de serie maanden van september 2006 t/m april 2007 : alle maanden scoorden meer dan 2° boven normaal met juli 2006 als kampioen met 4,9° boven normaal. Ook het lopend jaargemiddelde steeg tot extreme hoogte, namelijk tot 12,7 op 8 juni 2007. Dat was een overschrijding van het oude jaarrecord met 1,3°C. Wat is er nu precies gebeurd aan het eind van juni 2007? Vanaf 20 juni 2007 kregen we te maken met normale temperaturen, waarbij de volgende vier maanden alle licht onder normaal uit kwamen: juli -0,4 ; augustus -0,1; september -0,4 en oktober -0,2. Je zou het een temperatuursprong kunnen noemen.
Wat betekent dit nu voor het weer in de komende maanden? Strikt genomen is daar geen uitspraak over te doen, omdat we niet weten waardoor die temperatuursprong is veroorzaakt. Duidelijk is wel, dat de overdaad aan zachte/warme zuidwestelijk stromingen, zoals die een jaar lang ons weer bepaalde, voorbij is. Of het voor lange tijd voorbij is, is niet met zekerheid te zeggen. Ik vind het intussen wel een hoopvol signaal voor de komende winter. Het is heel goed mogelijk dat deze situatie langere tijd aanhoudt. Zo lang het duurt zitten we nu in een fase waarin ook stromingen met temperaturen beneden normaal weer een goede kans krijgen.
Terug naar de eerder genoemde voorspellers. Volgens Röder moeten we op een te koude winter rekenen. De engelse weerdienst Met Office spreekt zich juist uit voor een zachte winter in onze streken. Wie heeft de beste papieren? Ik weet het niet. Geen van beide hebben ze in het verleden overtuigd met hun score. Op zich lijkt de Engelse methode wel zinnig: men gaat uit van de zeewatertemperaturen en verwacht op basis daarvan een NAO-index. De NAO-index beschrijft de drukverdeling op de oceaan: een lage NAO-index duidt op een verzwakte west-circulatie. Welnu, de Engelsen verwachten een ongeveer normale NAO-index en op basis meer kans op te zacht dan op te koud weer. Zie voor uitleg van de NAO-index in het archief: Bulletin no 3 van het seizoen 04-05.
Intussen is ook de theorie van de invloed van de zonnevlekken weer opgedoken. Aangezien we op dit moment ongeveer in een zonnevlekken-minimum zitten, zou de kans op een koude (elfsteden)winter het komend jaar groot zijn. Een volgende keer ga ik daar op in. Laten we voorlopig goede moed houden; mij lijkt de kans op een normale winter in ieder geval groot en de kans op zo’n zachte winter als in 2007 zeer klein. En met normale winter bedoel ik een winter met alle soorten weer, met een pak sneeuw en in ieder geval een echte vorstperiode, die met een beetje geluk op een echte schaatsperiode uitloopt.
Quote selectie