Deze week kreeg ik de volgende gedachte, die ik niet kan kwantificeren. Misschien kan iemand anders dat.
Is het mogelijk dat het snelle afsmelten van ijs op de wereld, of beter gezegd: de netto afsmelt van ijs, is factor is in de stagnerende opwarming?
Immers, smelten kost warmte; en als er meer ijs smelt dan de prognoses aangaven, dan moet die extra afsmelt ook ergens een verminderde opwarming of een afkoeling geven. Is er iets te zeggen over de energie-balans ivm met deze ijskwestie?
Overigens schijnt het mij toe, dat juist dit soort dynamische aspecten van de klimaatverandering een complicatie zijn die de modellen moeilijk adequaat kunnen verwerken. Maar misschien vergis ik mij, want het is een losse gedachte zonder enige argumentatie vanuit de techniek van de klimaatmodellen. Die kan ik uiteraard niet beoordelen. Wel weet ik dat Labohm suggereert, dat de voorspelling van een gemiddelde temperatuur een fundamentele onzekerheid heeft doordat het heterogene systeem niet in evenwicht verkeert. Dat lijkt me overigens een opmerking van geringe waarde, omdat er niet duidelijk wordt gedefinieerd, wat tot het systeem gerekend wordt; bovendien wordt gesuggereerd, dat klimatologen niet zouden weten dat er geen evenwicht is en dus iets over het hoofd zouden zien. Dat lijkt me een slag in de lucht, te meer daar dit niet wordt toegelicht. (Ik moet nog verder lezen, dus misschien komt dat nog)
Groet,
Cees
Quote selectie