Ik denk aan een combinatie van meerdere factoren die allemaal tegelijk anders uitvallen. Als er één breekpunt zou zijn hadden altijd wel een paar ensembleleden dat opgepikt. Maar met zoveel veranderingen had geen enkel lid rekening gehouden.
Verder is het zo dat een ensemble niet alle mogelijkheden dekt al bestaat het uit honderdduizend leden. Modellen schrijven is ook maar mensenwerk zodat computers de atmosfeer net iets anders simuleren dan de werkelijkheid ook al is de analyse perfect en de resolutie nog zo hoog. Hierdoor krijg je ook foutengroei. Modellen verschillen onderling van algoritme zodat UKMO tot een oplossing kan die buiten het ensemble van GFS of EC ligt. Het valt me op dat de modellen op lange termijn vaak met weerkaarten komen die weinig realistisch ogen. Bij GFS gebeurt dat na een dag of 6 en wordt na 180 uur snel erger en bij EC zie ik dat vanaf +192 uur. Ik wantrouwde GFS bijvoorbeeld omdat de oostelijke stroming er nogal rommelig uit zag. De druksystemen zijn op GKB kaarten vaak gefragmenteerd terwijl ze in werkelijkheid binden.
Maar wat ging er allemaal mis? Dat zullen we nooit te weten komen. Om toch een paar zaken te noemen denk ik dat de modellen ten eerste moeite hebben met het berekenen van processen in de stratosfeer. Daar vind nu flinke opwarming plaats waardoor de poolwervel instabiel raakt. Ik volg de stratosfeer twee maal daags en bij iedere warmteimpuls slaat, met name de oper van EC, een andere kant op. UKMO pikt de stratosfeer het slechtst op en kan wat mij betreft worden gediskwafiliceerd. De opwarming leidt tot een gestage drukstijging (in de troposfeer) boven het poolgebied. Maar het poolgebied is een blinde vlek in de modellen omdat het aantal waarnemingen daar zeer schaars is. Echter daarvoor hebben we ensembles toch?
Verder heb ik gisteravond GFS18, EC12 en UKMO12 doorgenomen op WA en CA. In alledrie modellen stelde de WA op de oceaan weinig voor. Ik ben het dan ook niet met Jef eens dat het daarvan af hing. Het opbouwende hoog boven Groenland wordt hoofdzakelijk gevoed door WA onderin de stratosfeer vanaf de noordpool. Wel is de wijze hoe de kou de andere kant de oceaan opstroomt van belang voor de positie van die diepe depressie.
Ook niet onbelangrijk is de koude hoogtetrog over onze omgeving met dieptepunt boven Noorwegen. Boven het warme water van de Noorse Zee blijft die voortdurend nieuwe lagedruk genereren en leeft van convectie (winterse buien). Dergelijke kleinschalige processen zijn moeilijk te berekenen. Maar het is wel van belang of het het frontensysteem van de oceaandepressie aanzuigt. UKMO laat die twee lagedruksystemen mooi samenvloeien op een voor ons nefaste locatie.
Maar de genade klap voor de winter zou van die warmbloedige depressie die later, ver uit het zuidwesten over de Atlantische Oceaan komt aanstormen, moeten komen. De modellen verschillen onderling sterk in de ontwikkeling daarvan.
(Invalid img)
Victor
Quote selectie