Vrij koud maar "vriendelijk" weerbeeld.
Want onder invloed van een hogedrukgebied ten noorden, wordt bij ons in een noordoostelijke aanvoer droge polaire lucht aangevoerd.
Een zwak en verder opvullend lagedrukgebiedje trekt morgen in de loop van de dag vanuit het noordwesten over ons gebied.
De invloed van dit systeem valt op te merken aan tijdelijk wat meer wolkenvelden.
Weerbeeld.
Komende avond en nacht: vrij helder, in het noorden echter ook wolkenvelden. NO wind 2-4 Bft en Tmin -5/0 C.
Dinsdag:
Vrij zonnig, later vanuit het noorden enige wolkenvelden, droog. NO wind 2-4 Bft en Tmax 4-6 C.
Aanhoudend droog maar vrij koud weer.
Deze verwachtingsperiode bepaalt noordelijke hogedruk samen met zuidoostelijke lagedruk ons weer. Levert een NO aanvoer van droge polaire lucht op.
Weerbeeld.
Woensdag en donderdag: flinke zonnige perioden, droog en N/O wind 2-4 Bft, Tmin -5/0 C en Tmax 4-6 C.
Maart blijft koud en vrij stabiel, mogelijk draaipunt eind 2e decade.
Eind deze week trekt westelijke hogedruk zich iets westelijk terug, waardoor de gordel van hogedruk ten noorden met verbinding naar Rusland, verbroken gaat worden.
Dit mede door lagedruk dat zich boven Scandinavie gaat ophouden.
De stroming wordt vrijdag daarom meer NW/N, en vooral deze dag is er onder invloed van laag boven Scandinavie een verhoogde kans op winterse buien.
Komende weekend schuift de westelijke hogedruk dan al weer oostwaarts op, waardoor in een NW/N aanvoer er al weer een rappe stabilisering gaat optreden.
Polaire luchtsoorten blijven in ieder geval tot midden volgende week tot ons komen.
Weerbeeld.
Vrijdag meer bewolking en maartse buien, zaterdag nog slechts in het N/O een buienkans.
De overige dagen tot midden volgende week meest droog weertype, met flinke zonnige perioden.
De maxima liggen de gehele 10 daagse zo gemiddeld rond de 5 C, in de nacht en ochtend blijft er bijna dagelijks kans op lichte vorst, vooral de eerste nachten en ook komend weekend weer, regionaal ook matige vorst.
Zo vanaf midden volgende week geeft in ieder geval een deel van de Uitvoer een overgang naar meer normale, of zelfs (GFS oper 12z!) zicht op temperaturen tot boven de 10 C richting 3e decade.
Draaipunt zal tegen die periode mogelijk zitten in de positie van een hoogterug die zich dan moet gaan vormen.
In de optiek van de zachtere leden, vormt deze hoogterug zich ten oosten van ons gebied. Met lagedruk ten ZW, komt er dan een zachtere- of werkelijk zachte- aanvoer uit ZZW tot stand.
De leden die veel gematigder zijn, vooral in de EC ens te vinden, laten de hoogterug opnieuw zich ten westen opbouwen. Samen met lagedruk ten NO, blijft de aanvoer dan onverminderd uit NW/N richtingen.
Deze laatste optie lijkt mij vooralsnog de meest kansrijke.
Mvg, Ronald
Quote selectie