Er zijn veelbelovende tekenen dat het enigszins geblokkeerde stromingspatroon ver ten westen van ons op de oceaan plaatsmaakt voor een ietwat zonaler patroon. Dat betekent dat de straalstroom weer meer op ons gericht komt te staan, waardoor depressies sneller passeren en de wind ook wat vaker uit het westen tot zuiden gaat waaien.
Onderstaande kaart toont het ensemblegemiddelde van het ECMWF EPS van gisteravond voor +192 uur, aanstaande vrijdag. De groene achtergrondkleuren geven een benedengemiddelde -spreiding- aan (onzekerheid), de paars kleuren een bovengemiddelde spreiding. De getallen zijn relatief, de werkelijke spreiding in decameters is rechts weergegeven, alleen dan met het hoogtepatroon erbij geplot dat is berekend door het operationele model.
De linkerfiguur stelt meteorologen in staat om met een snelle blik te zien waar -relatief gezien- de grootste zekerheid en onzekerheid zit. Verder kunnen we afleiden of er onzekerheid is in de -fase- van de golven in het patroon of juist in de -amplitude-, anders gezegd: of er onzekerheid bestaat over de vorming of positie van een rug of trog, of alleen over de diepte of sterkte ervan.
We zien op de kaart voor vrijdag dat de passage van een trekrug relatief grote zekerheid heeft. Verder zien we een trog ten zuidwesten van Ierland zit. Daar zit een aardig gebied met relatief grote onzekerheid in de opwaartse tak van de trog. Dit betekent dat er onzekerheid bestaat in de -fase-, dat wil zeggen dat de trog wat oostelijker kan liggen dan het ensemblegemiddelde of westelijker. Als het paarse vlak zich juist midden in de trog zelf bevond, dan was er vooral onzekerheid over hoe diep de trog wordt.
Achter de voorgenoemde trog is geen noemenswaardige blokkade meer te zien en is de onzekerheid relatief normaal. De kans is derhalve vrij groot dat het patroon hierna netjes doorschuift en de hoogtestroming geleidelijk evolueert naar een gematigde westelijke stroming. Het Azorenhoog, dat nu aanpunt richting Groenland, keert terug op zijn oude plek. Er passeren vrij geregeld lagedrukgebieden, maar aan de voorzijde kan de wind even richting zuid gaan, waardoor er warmere lucht wordt aangevoerd. De temperatuur op 850 hPa stijgt richting 4-5°C, waarmee de maximumtemperatuur met wat zon al snel weer op 15-17°C uitkomt, vrijwel normaal voor de derde decade van mei.
Uiteraard is dit slechts het beeld dat ECMWF en het ECMWF EPS ons schetst, maar ik zie dat het ensemble van GFS ook duidelijk een oplopende T850 laat zien richting ~5°C. De koelste meiperiode in decennia lijkt dus, voorzichtig gesteld, eind volgende week ten einde te komen.
Gr. Ben
Quote selectie