[...]
Dat weet ik, maar mijn punt is, dat je vaak CB's hebt die tot meer dan 12 km groeien, maar vaak ook helemaal niet.
En bovendien heb ik gelezen dat de tropopauze 's zomers op 12 km ligt, niet op 10.
Maar ik vraag mij dus ook af, is dat wel zo, en wisselt die tropopauzehoogte niet dagelijks.
De hoogte van de tropopause is afhankelijk van de luchtsoort en het seizoen.
In de winter ligt de tropopause lager dan in de zomer. Ik weet zo gauw geen waarde, maar ik denk dat het in de winter in de buurt van de 6 tot 9 km ligt, afhankelijk van de luchtsoort. In arctische lucht (uit de poolstreken) ligt de tropopause het laagst.
In de zomer ligt de tropopause hoger. Maar, in polaire lucht, waar we nu vermoedelijk mee te maken hebben ligt de tropopause lager dan gemiddeld. In tropische lucht (uit de meer subtropische regionen rond 40 graden NB) kan de tropopause gemakkelijk de 12 km halen. In de tropen is 16 km mogelijk.
De hoogt van buien zal bepaald worden door de onstabiliteit van de lucht. Als in het bovenste deel van de tropopause de stabiliteit groter is (kleinere temperatuurgradiënt) dan zal een bui hier een plafond vinden en niet verver doorgroeien. Als de top inmiddels uit ijskristallen bestaat (wat onder de huidige omstandigheden vanaf ongeveer 4 km het geval is) gaat de top uitwaaieren en vormt zich een aambeeld.
In een tropische bui kan het gebeuren dat pas op een kilometer of 7 of 8 de vorming van ijskristallen plaats vindt. Als de (voorwaardelijk) onstabiele laag dik genoeg is groeit zo'n bui aan tot geweldige proporties, bv tot 12 of 15 kilometer hoog.
Daardoor zijn buien in de tropen ook op een afstand van 200 tot 300 km zichtbaar bij helder weer.
Kortom: het hangt van de specifieke eigenschapen van een luchtlaag af hoe hoog buien groeien.
Groet,
Cees
Quote selectie