De onderste laag van de atmosfeer is onstabiel en zeer vochtig. Daardoor zit er tussen 700m en 1100m wat cape (aangeduid in het grijs) die voor een snelle ontwikkeling van cumuli zorgt wanneer het land opwarmt. De cumuli spreiden zich uit en daarom raakt de lucht nogal snel zwaar bewolkt. De cumuli zijn meestal net niet hoog genoeg om regen te produceren, al lukt het plaatselijk wel om wat lichte neerslag te lossen.
Van zodra het avond wordt, lossen de wolken stilaan weer op, je zal zien dat wanneer het bijna donker is, de meeste lage wolken weer verdwenen zijn.
GFS neemt echter de convectieve bewolking niet altijd (helemaal) mee.
Quote selectie