Geen idee of je hier wat aan hebt, maar dit zijn mijn 'flashbacks' van die bewuste onweersdag
(edit: heb er die van juli ook nog even bijgepropt, mijn foto's staan nog op weerwoord als je ff in de archieven zoekt)
25 mei 2009
Het was deze ochtend al meteen alle hens aan dek toen een van activiteit bruisend onweerscomplex op Malderen leek af te stevenen. Door aangroei aan diens zuidoostelijke flank boog het systeem echter af naar de Ardennen waar het voor grote hagel en fel onweer zorgde. De aambeeldbewolking van de compacte onweerscel spreidde zich echter over gans Belgiƫ uit waardoor we na de middag veel Cirrostratus en Altostratus te zien kregen. Er was ook veel mammatus te zien, en vanuit Brussel hadden we tijdelijk zelfs uitzicht op de stapelwolken die het systeempje voedden, meer dan 100 kilometer hier vandaan. Ondanks deze bewolking kon het echter gemakkelijk opwarmen van 12,7 naar 28,7 graden. Tussen de grond en de onstabiele bovenlucht bevond zich een warme luchtlaag die ervoor zorgde dat er geen andere wolken konden uitgroeien (inversie). Het Luxemburgse onweer kreeg dus alle energie voor zich alleen en bleef urenlang in topconditie. Maar ten zuiden van ons werd de stabiele inversielaag opgeruimd door een naderende depressie, waardoor er boven Frankrijk massaal hevige onweersbuien gevormd werden. Dit zorgde in het westen van het land reeds voor flinke buien, maar in Malderen bleef het voorlopig beperkt tot Cirrus densus en Stratocumulusvelden die zich snel tot enorme stapelwolken ontwikkelden in het laatste schemerlicht. Het zwaardere werk bereikte ons omstreeks 2H in de nacht en bestond uit een roterende supercel en een squall die achter elkaar met grote snelheid voorbij trokken. De supercel zorgde voor meerdere bliksemflitsen per seconde die helaas in de wolken verborgen waren, en een zacht maar aanhoudend gerommel in de verte. Het meest indrukwekkende waren echter de rukwinden die plots opliepen tot 61,2 km/h uit het noordoosten, ruim twee centimeter grote hagelstenen en 12,4 mm regen die aan 168 mm/h over het weerstation werd uitgekieperd. Zowel de hagelstenen als de rukwinden hebben een enorme ravage aangericht bij de reeds door droogte verzwakte planten terwijl er in de buurt talloze volwassen bomen werden ontworteld of doormidden gebroken. Op verschillende plaatsen werden hagelstenen van 5 tot 10 cm waargenomen waardoor we er ondanks de puinhoop nog goedkoop zijn vanaf gekomen. De squall moet Malderen nog bereiken, en lijkt een heel ander gedrag te vertonen dan de supercel. De bliksemactiviteit is nu veel lager, maar de ontladingen zijn nu mooi zichtbaar tussen de grond en de wolkenbasis.
26 mei 2009
Kort na de supercel die afgelopen nacht langstrok, kregen we inderdaad bezoek van de squall waarvan de passage een stuk rustiger leek te verlopen. Hoewel rustig misschien veel gezegd is door de nabije inslagen die het weerstation lieten trillen en beven op haar grondvesten. Op het eerste zicht leek er geen hagel tussen te zitten en waren er ook geen felle rukwinden meer. Nadat we het hele zootje over ons heen hadden gekregen, bleef het nog narommelen tot het weer licht werd. We konden vervolgens toezien hoe het onweer als een donkere lucht naar het noorden wegtrok, en in het zuiden terug een veelbelovende heldere hemel te zien was. De lucht was echter vochtig en er werd plots Stratus en Stratocumulusbewolking gevormd die alles weer netjes toestopte. Nadien kwamen we dan onder de invloed van de buien vlakbij het eigenlijke koufront, welke de definitieve genadestoot zal geven aan het zomeropstootje. Het koelde weer af zodat de maxima van 18,6 graden reeds in de voormiddag werden opgetekend, en we keken aan tegen een herfstachtige hemel waaruit met regelmaat nog pittige buien vielen. Kort na de middag werd het droger, maar al snel bereikten de koufrontregens ons en werden we weer in nattigheid ondergedompeld. De naar het west- noordwesten draaiende wind zorgde dan weer voor de nodige aanvulling met haar snelheden tot 45,1 km/h. In de late namiddag kwamen er terug opklaringen tevoorschijn en zagen we het duidelijk begrensde koufront met dikke Stratocumuluslagen wegtrekken naar het oosten. Wat 's avonds nog resten waren heel onschuldig ogende Stratocumulus translucidus veldjes die in de diepblauwe lucht voorbijdreven. Het koelde af naar 9,2 graden en we eindigden het etmaal met een neerslagtotaal van 1,6 mm.
21 juli 2009
Het warmtefront van gisterenavond had duidelijk haar naam niet gestolen. Toen we vanochtend ontwaakten leek het immers alsof we ons opeens 5000 kilometer dichter bij de evenaar bevonden. Het werd 's nachts niet kouder dan 15,6 graden en overdag schoot het kwik als een raket de hoogte in. Dit bleef natuurlijk niet zonder gevolgen, want de atmosfeer was vochtig en onstabiel terwijl de Altocumulus floccus veldjes reeds aangaven dat er iets op til was. Er werd voor het uiterste zuidoosten van het land inderdaad 'zwaar weer' voorspeld terwijl het noordwesten wegens bewolking en lagere temperaturen aan het onweer zou ontsnappen. De maxima die met 30,4 graden ruim vier graden hoger zaten dan voorspeld, en het onverwachts zeer zonnige weerbeeld gaven echter aan dat het risicogebied een stuk noordwestelijker kwam te liggen dan berekend werd. En dit zouden we in Malderen snel geweten hebben. Halverwege de namiddag kregen enkele Stratocumulus castellanus veldjes het reeds voor elkaar om er een licht buitje uit te persen, en vervolgens doemden in het zuidwesten de aambeeldvormige silhouetten van volwassen onweerscellen op. Een eerste exemplaar miste ons maar nipt en trok ten westen van ons langs. Wat verderop ontstond een tweede onweer dat aanvankelijk weinig leek voor te stellen, maar zich plots reorganiseerde met een duidelijke shelf en veel nabije blikseminslagen. De lucht vulde zich hierbij met een opvallende houtskoolgeur van door regenwater gesmoorde barbecuevuurtjes. Pas op het einde van het onweer kregen we de volle lading over ons heen met intense stortregens die opliepen tot 110,8 mm/h, hagelstenen van 1,5 cm en felle bliksemschichten. De rukwinden waren niet overdreven krachtig (51,5 km/h uit het zuid- zuidwesten), maar zorgden toch voor de nodige overlast. Het onweer trok vervolgens weg met massieve wolkentorens en een zeer scherp begrensd aambeeld terwijl het in de zon snel ondraaglijk warm werd. Verderop in het zuidwesten lag echter een nieuw onweer te lonken, dat eerst weinig leek voor te stellen maar al snel verrassend uit de hoek zou komen. Aan diens zuidwestelijke flank verscheen immers een roterende wallcloud waardoor meteen duidelijk werd dat we met een 'classic supercell' te maken hadden. Dit werd meteen ook de eerste wallcloud die ooit te Malderen werd waargenomen. De bliksemactiviteit was nu heel anders en speelde zich af in de hoogte langs de onderzijde van het aambeeld. Het uitzicht was ronduit apocalyptisch te noemen, en als toemaatje leek de wallcloud voortdurend pogingen te doen om een tornado te vormen. Meer dan een korte funnel was er echter niet te zien, en het hele zaakje verdween vervolgens achter de regengordijnen in het zuidoosten zodat we het vervolg nooit zullen weten. De mesocycloon is wellicht via Steenhuffel over Londerzeel getrokken. Er volgde weer felle regen, maar deze keer geen hagel of rukwinden. Nadien keerde de rust definitief weer bij een mix van Stratocumulus castellanus, Altocumulus, cirrus densus en Cumulus fractus. Het 'noodweer' liet ons achter met een neerslagtotaal van 9,0 mm.
22 juli 2009
Ondanks het onweersgeweld van gisterenavond was de warmte nog steeds niet uit de lucht gewassen. We ontwaakten vanochtend dus bij erg zwoele ochtendminima die niet beneden de 18 graden zakten (laagste temperatuur pas op het einde van het etmaal met 16,0 graden). Daar hoorde een grijze hemel bij waarbij Stratocumulus, Cumulus en Stratus fractus de belangrijkste vertegenwoordigers waren. Het zomerweer herpakte zich echter snel waardoor we even later weer konden genieten van mooie opklaringen. We kregen nu verspreide Stratocumulusveldjes en mooiweerscumulus te zien, wat een erg stabiele en onschuldige indruk maakte. Een valse indruk in elk geval, want het koufront is nog steeds niet het land uit en stuurde een uitslaande golf richting Malderen. We kregen vanuit het zuidwesten Cirrus en Cirrostratus te zien terwijl de Cumuluswolken volmumineuzer en rafeliger werden. Uitgestrekte velden van Stratocumulus castellanus en Altocumulus onder een Altostratus wolkendek toverden nog voor het einde van de namiddag de zon weg. Hieruit druppelde het af en toe lichtjes terwijl het bij maxima van 27,2 graden erg zwoel ging aanvoelen. De aangevoerde lucht was immers erg vochtig terwijl de west- zuidwestenwind ondanks haar snelheden tot 29,0 km/h maar nauwelijks verkoeling kon brengen. De betrokken hemel zag er zelfs zonder opklaringen erg indrukwekkend uit door toedoen van de Stratocumulus castellanusbewolking die geleidelijk overging in forse stapelwolken. Toch moesten we tot na zonsondergang wachten voordat de actievere regenbuien ons bereikten. Het onweer bleef hierbij beperkt tot een aantal bliksemflitsen in de verte, en dit in tegenstelling tot een aantal plaatsen ten zuidoosten van ons, welke bezoek kregen van felle onweersbuien die ook nog eens verdachte rotaties vertoonden op de radarbeelden. Hoewel Malderen hieraan ontsnapte, ging het ook op deze locatie enige tijd flink doorplenzen, gevolgd door een lange periode van lichte of matige regenval. Het neerslagtotaal kon hierdoor toch nog oplopen tot 10,2 mm.
Quote selectie