De afgelopen dagen was er een, voor de zomer, uiterst verbazingwekkende gang van zaken te zien. Althans in de ogen van de meteorologen en klimatologen. Een pittige depressie met zelfs uurgemiddelden van stormkracht aan de Noordzeekust verbaasden eenieder. Zo ook ikzelf. Echter vandaag besefte ik mij iets cruciaals, iets wat in de huidige dagen van de moderne technologie, waarbij viermaal daags diverse computermodellen trachten onze atmosfeer te begrijpen, steeds vaker uit het oog verloren wordt. De essentie van de natuur, in een zekere zin. Namelijk de onvoorspelbaarheid.
In de krant, op discussiefora op Internet, zelfs op straat, is het weer nog altijd het gesprek van de dag. Opperingen over warme zomers, een natte en winderige herfst en ijskoude en sneeuwrijke winters zijn nog altijd een favoriet gespreksonderwerp. Echter in de hedendaagse tijd grijpt men steeds sneller naar de genoemde computermodellen, de zogenaamd wetenschappelijk verantwoorde bepalingen van hoe onze atmosfeer zich de komende dagen, weken of zelfs maanden gaat gedragen. En als de computermodellen nog geen antwoord kunnen geven op de vragen die eigenlijk toch onbeantwoord behoren te blijven, dan grijpen we weer terug op een oeroude menselijke eigenschap: de fantasie, de droom of de wens. Hetgeen men wilt zien of wil hebben. En achteraf blijkt dan de onvoorspelbaarheid wederom de grootste afknapper voor deze mensen. Waarom kwam het niet uit? Omdat het zo behoorde te zijn, zeg ik dan. Wat is de natuur toch een prachtig iets.
Het weer komt nooit zoals je het wilt, schreef ik in de kop. Zelfs in de huidige tijden doet het mij, als jonge kerel nog wel, toch genoegen te doen als het nog steeds blijkt te kloppen. Op naar een warme zomer? Niemand weet het, maar ik accepteer hetgeen komt toch gewoon zonder klagen. Want we krijgen toch nooit wat we willen…. gelukkig maar.
Quote selectie