Een uitspraak die ik in mijn jeugd heb opgepikt en die me altijd bij is gebleven;
"de kans op griep is behoorlijk veel groter 5-7 dagen voorafgaand aan koud, droog hogedrukweer"
Dit heb ik jarenlang zijdelings gevolgd en mezelf en mijn omgeving als referentie genomen klopt dit aardig.
Zou de huidige griepgolf en de naar dit weer tenderende verwachtingen hier dan ook mee te maken kunnen hebben? Of kan deze stelling ontkracht worden?
Zijn van die kleine frappante zaken die het allemaal nog interessanter maken 
Mijn huisarts zegt altijd: als het vriest is de wachtkamer leeg. Koud en droog weer is kennelijk ongunstig voor ziektekiemen. Meer verkoudheid en griep dus bij zacht en regenachtig weer.
Stel nu, dat een vorstperiode vaak voorafgegaan wordt door een periode met meer zacht en vochtig weer 1), dan verklaart dat mogelijk een griepgolfje voorafgaand aan een koudeperiode.
Groet,
Cees
1) Johan Effing noemt altijd het overstromen van de Dinkel als voorwaarde voor invallen van de vorst. Een week voor de inval van de vorst in december 62 kreeg het Noordzeegebied nog een stormpje te verwerken. De enige van het seizoen. De temperatuur liep in De Bilt op tot 11,1 graad. Ook in januari 1947 liep het kwik een week voor de grote vorstperiode hoog op. Tot 11 in De Bilt en 16 in Maastricht.
Quote selectie