Er wordt in het stuk een relatie gelegd tussen sneeuwbedekking, het op drift raken van het magnetische veld en een naderende ijstijd.
Voor zover ik weet hebben die nauwelijks een relatie. Meer sneeuw kan bv. duiden op juist meer zachte lucht boven de polen en de relatie van het magnetische veld en een naderende ijstijd ontgaat me ook, of het veld moet een invloed hebben op de hoek van de rotatie-as van de aarde.
Volgens mij worden er nog steeds afwijkingen ruim naar boven gemeten op de NP.
Quote selectie