Morgenochtend hangen er op de meeste plaatsen in de Benelux vrij veel wolken (met misschien hier en daar al een buitje) waardoor de temperatuur niet meteen snel kan stijgen. Tijdens de voormiddag kan de zon de bewolking wel geleidelijk doen oplossen. In de loop van de dag trekt een thermisch lagedrukgebied traag van ZZO naar NNW over de Benelux. Op de plaatsen in de buurt van het laag waar het dankzij opklaringen goed kan opwarmen, kunnen er enkele onweersbuien ontstaan. Deze verplaatsen zich slechts zeer traag (15-20km/u) naar het NNW waardoor er kans is op plaatselijke wateroverlast. Op vele andere plaatsen valt er bij momenten wat stratiforme regen uit restanten van buien elders. Wanneer het thermisch laag het centrum van de Benelux bereikt wordt het alweer donker en sterven de buien stilaan uit.
Op het kanskaartje betekent bijvoorbeeld voor wie op de grens van groen en geel woont, dat de kans dat het bij deze persoon zal onweren ongeveer 30% is.
De intensiteit geeft de maximale sterkte van het onweer aan indien het werkelijk tot onweer komt.
In het gebied met ‘licht’ als intensiteit kunnen de buien wat bliksem bevatten zonder bijkomende noemenswaardige randverschijnselen. In het gebied met ‘matig’ als intensiteit kunnen de buien een vrij hoge bliksemintensiteit en hagel tot 2 cm bevatten.
Quote selectie