we waren toen in volle voorbereiding van onze mountainbiketocht die op 5 december doorging. Volgend het verslag voor het clubblaadje heb ik toen geschreven...:
De eerste verkenningsritten
Eind september stond het parcours zo goed als vast, bij de eerste verkenningsrit met het bestuur aangevuld met Baggio moesten er al wijzigingen aangebracht worden. Het weer op die dag was een blauwdruk van wat de nazomer al was geweest namelijk gietende regen in combinatie met een strakke zuidwester. Het parcours lag er zwaar bij, een strook ter hoogte van de Vene diende geschrapt te worden omdat je er niet door kon zonder snorkel en duikbril. Ik begon me steeds meer zorgen te maken over de zwaarte van ons parcours, “geen mietjestocht, iets voor diehards” zei Luc dan altijd.
Eind november viel “gelukkig” de winter in, op 27 november reed ik nog in Waarschoot een ploeter-VTT in modder en natte sneeuw, ’s avonds klaarde het fel uit en viel de vorst in. Zondagochtend 28 november bij -5 °C stonden maar liefst 25 Ghostbikers klaar om een deel van de rit te verkennen. Op één nacht was de ondergrond keihard bevroren en was alles goed berijdbaar geworden. ’t Was wel opletten geblazen voor hard bevroren sporen en op bevroren plassen - vooral op diepe plassen zakte je soms door het ijs.. De rit kende veel vertragingen door tal van bevroren boddy’s die zelfs met behulp van warme koffie “opgelost” dienden te worden. Hoewel ik redelijk tevreden was over de staat van het parcours, bleef het zwaar, de overvloedige regen van de laatste maanden had diepe plassen en sporen achter gelaten. Vooral de slag naar de Bellebargie was daardoor bijna niet te berijden en iedereen dokkerde daar over de bevroren akker in plaats van op de slag zelf dat was natuurlijk niet de bedoeling. Moeten we die er niet uitlaten vroeg ik, “neen, zal wel lukken, iets voor de diehards” hoorde ik in koor.
Woensdag 1 december, een sneeuwrit om nooit meer te vergeten
Woensdagnamiddag kwam ik van school naar huis gefietst, het was somber grijs weer en er stond een felle Siberische tegenwind uit het noordoosten. Ik kwam helemaal verkleumd thuis, de thermometer gaf -5 °C aan en het begon lichtjes te sneeuwen. Het plan was om op die avond met de mountainbike de pijlen te controleren die er de dagen ervoor al gehangen waren maar toen het plots intenser begon te sneeuwen had ik daar nog weinig zin in. Toen ik een berichtje naar Luc stuurde met de vraag of we het wel een goed idee was om in zulke Siberische omstandigheden op pad te gaan wist ik eigenlijk al het antwoord “Tuurlijk! We zijn toch geen mietjes?”. Achteraf bleek dat Luckse een spijkerband op zijn mountainbike had gelegd!
Thuis werd ik al zot verklaard maar om 18u30 stonden zowaar nog drie andere zotten – Jos, Prinsken en Luc - in een halve sneeuwstorm te wachten op een vijfde zot nl. Jean-Pierre Acke. Die laatste kwam er maar niet door, de plotse sneeuwval had overal files veroorzaakt en JP was genoodzaakt om tot zijn grote ergernis terug huiswaarts te keren. De “Magicshine’s” dan maar alleen op pad zonder “Betty”, aanvankelijk heel voorzichtig rijdend op een 6 cm dik vers sneeuwtapijt. De sneeuw was echter heel luchtig en de banden sneden er goed doorheen. Het stopte met sneeuwen en in het donker rijden door een maagdelijk wit landschap met enkel het knerpend geluid van de sneeuw onder onze banden gaf ons een enorme kick. Onvergetelijk mooi was het om door de Lembeekse Bossen te biken, de stilte, de weerkaatsende sneeuw maakten het idyllisch. Maar er moest ook nog gewerkt worden,pijlen controleren en pijlen bij hangen waar het nodig was.
De offroadstukken tussen de Wellingstraat en de Kerkstraat baarde ons wel wat zorgen, de diepe tractorsporen waren keihard bevroren en af en toe moesten die gedwarst worden. ’t Is op één van die sporen dat Prinsken nog een ferme tuimelperte maakte, daar moest dus nog aan gewerkt worden.
Op den après waren we het er over eens dat het in deze omstandigheden een zeer mooie tocht zou worden. Toch begon ik me stilaan zorgen te maken, de weermodellen hielden namelijk halsstarrig vast aan een flinke dooi-aanval zondag. Misschien schoof dit nog wat op naar maandag hoopte ik, ik zat nog een beetje in de ontkenningsfase.
De barre boze vrijdag
’s Ochtends -10,6 °C, strenge vorst, niets laat vermoeden dat het zondag – tijdelijk - over en uit zou zijn met de winter.
In de voormiddag had Luc al wat tractorsporen kapot geklopt, het traject hier en daar aangepast en ’s avonds gingen we alweer op pad om kilometers lint te spannen. Het vroor alweer -8 °C en er stond een gure wind waardoor we in het donker zo snel mogelijk probeerden te werken om de kou te doorstaan. Inmiddels was de sneeuwlaag aangegroeid tot meer dan 10 cm en Luc zei “Dat kan toch zondag allemaal niet weg zijn”…. Ik durfde niet te antwoorden… en naarstig liep ik terug de nacht in om linten te spannen tot bijna in het oneindige.
Zaterdag 4 december, een halve sneeuwstorm
Zaterdagochtend heerste er een gezellige drukte aan de gemeentelijke basisschool, iedereen was druk in de weer, tenten opzetten, bar installeren enz… Ik toog op pad met Lieven en Philip C om de bossen te gaan uitpijlen, niet per fiets maar te voet. Om 10u begon het ferm te sneeuwen, in de bossen zelf hadden we daar weinig last van maar door de bomen heen zagen we de sneeuw horizontaal voorbij vliegen. Bij het terugrijden met de auto zagen we de sneeuw zich ophopen op windluwe plekken.
Tijdens de broodjeslunch in de school heerste er een soort gelatenheid, “we zullen wel zien wat er op ons afkomt morgen”, “we kunnen maar ons best doen, aan de organisatie zal het niet liggen” enz…
Peter (Iceman) en Jean-Pierre werden bereid gevonden om het 50 km-traject nog eens te checken met de bike. Na hun drie uur durende pooltocht kwamen ze tot de conclusie dat sommige stukken zeer zwaar lagen omdat de sneeuw van de velden geblazen was en zich opgehoopt had tot sneeuwduinen van 30 cm waarin je je vastreed. Dat beloofde…
Zaterdagavond begon het terug te sneeuwen, het echte dooifront kwam eraan… Ik denk niet dat ik de enige was die voortdurend naar buiten keek om te zien of de sneeuw zich niet transformeerde tot regen… De sneeuw werd in de loop van de avond steeds natter en rond 21u plots tikkende ijsregen die nadien overging - in jawel - ordinaire regen… Een beetje regen kan geen kwaad maar wat er die nacht nog uit de lucht viel was niet normaal… ’s Nachts een paar keer wakker geworden door zware regenval die drenste op de dakpannen, de sneeuw op het dak was zeker al weg… nogmaals omdraaien in bed en proberen verder te slapen.
Zondag 5 december, D-day of was het may-day, may-day?
’s Ochtends de gordijnen open getrokken en het eerste wat ik zag waren wat ellendige sneeuwdrapplekjes op het gazon, … ramp-o-ramp… “de diehard-dag is aangebroken”.
Na het ontbijt snel naar school gereden, er heerste daar al bij al een gezellige drukte zonder bedrukte gezichten. Inmiddels waren Philip B, Jos en Baggio al bezig aan hun verkenningsrit in de pikkedonker, achteraf gezien een kleine hel. Baggio lelijk gevallen en een open elleboog…. Chapeau voor die mannen om in die omstandigheden de volledige rit af te haspelen, geen sinecure me dunkt. Ook Steve heeft deze heldendaad op z’n eentje verricht.
Na het wegvoeren van de seingevers ben ik snel door gereden naar de Bellebargie om de pijlen te verhangen dit om ten minste al één zwaar stuk uit het parcours te halen.
Terug thuis ben ik op de bike gesprongen om zelf eens het parcours af te tasten… Eerste domper was de akker na het brugje op het chiroterrein, daar moest ik al van de fiets, de wielen zakten een goede decimeter diep in de modder… De Kattewegel was bedekt door ijs met daarop een laag water, een gevaarlijk gladde coctail, behoedzaam rijden dus… En zo ging het maar door, enkel de banen waren nog redelijk te berijden al wat offroad was waren moeilijke evenwichtsoefeningen of ploetertoestanden. De ontvangst aan de eerste bevoorrading door Strobbe en co was dan ook hartverwarmend, die krijgen zeker de prijs van de beste aanmoediging. De bevoorradingen waren overigens super, een waar buffet en op de koop toe kon je je nog opwarmen aan de houtkorven. Eén na één zag je er de bikers toekomen, bijna toestrompelen eigenlijk, de ene zijn ogen al wat dieper verzonken dan de andere…. Ik hoorde Dirk Schamp nog roepen naar ons “da doe ik toch nie geirne zenne!”.
Op naar de Lembeekse Bossen, zelfde verhaal, de anders goed berijdbare hoofdslag was omgevormd tot een ijsbaan en in die korte tijd twee bikers neer zien stuiken, gelukkig zonder erg.
Inmiddels had ik er zelf ook een beetje genoeg van en besloot ik om in te korten. Toch nog het weike meegenomen van Marc De Roo, maar van rijden was hier ook geen sprake. Als het hier zo slecht ligt dan moeten de preiakkers van Danny en verderop de veldslagen en akkers naar de Kerkstraat toe er ook verschrikkelijk bij liggen, dacht ik bij mezelf. Een belletje gedaan naar Luc DB met de vraag om die stukken af te sluiten en iedereen langs de baan naar het eindpunt te leiden.
Ook de tweede bevoorrading was gezellig en uitgebreid maar hier en daar zag je al bikers die last kregen van natte koude voeten enz… En zo sukkelde ik verder met de broerkes Verstraeten, Marc H en Luc Flamen om uiteindelijk moe en wat teleurgesteld de school te bereiken. Aan de afspuitstand riep Mikele mij nog lachend toe “Waar is dienen parcoursbouwer hier, ik heb nog een eike met hem te pellen!”.
Den après was deze keer het beste en het gezelligste onderdeel van de VTT geworden, vreemd ook hoe snel iedereen dan het “slechte” parcours en de natte kou-ellende vergeet.
Zo’n een weersomstandigheden, dat kom je maar zelden tegen, de kans dat dit ons volgend jaar weer overkomt is uiterst klein, toch gaan we deze keer geen risico nemen en gaan we voor een gemakkelijker parcours, de diehards kunnen een jaartje overslaan.
Dank aan al die mensen die zich ongelofelijk ingezet hebben voor deze VTT en volgend jaar gaan we er weer met goede moed tegenaan.
Quote selectie