Modellenbeoordeling.
SYNOPTISCHE SITUATIE:
Een klein secundair laag net te noordwesten van ons land vult op en trekt richting de Duitse Bocht. Vervolgens passeert in de avond en nacht een zwakke rug het land. Een laag ten zuidwesten van Ierland diept uit onder invloed van een sterke jet en koerst via Het Kanaal richting het noorden van Polen. Aan de westzijde van het laag komt een noordwestelijke stroming te staan waarin steeds koudere polaire lucht wordt aangevoerd.
MODELBEOORDELING:
Al dagen is er grote onzekerheid in de precieze koers van het laag. Een kleine verschuiving in de route heeft grote gevolgen voor neerslagsoort en windsnelheid in ons land. Via de Clickable Control T+0 Image van het EC kan het laag in de tijd 'getrackt' worden, voor alle ensembleleden. Dit geeft een bandbreedte aan en automatisch ook de onzekerheid. Het verschil zit 'm met name in de latitudinale verdeling, van west naar oost zijn de timingsverschillen tussen de verschillende modellen een stuk geringer. We doen een tweetal aannames: de bandbreedte omvat de gehele oplossingenruimte. Niet alleen alle 52 leden van EC, maar ook de 12 UTC-runs van Hirlam, Harmonie en GFS bevinden zich in deze oplossingenruimte als het gaat om de koers van de kern van het laag. De meest noordelijke koers begint om 5 UTC ongeveer bij Dover en bevindt zich om 12 UTC in de nabijheid van Twente. De zuidelijkste koers begint een stuk zuidelijker van Dover, rond 50 N en blijft dan rond deze meridiaan oostwaarts verplaatsen. Om 5 UTC is de bandbreedte in noord-zuid richting dus zo 75 mijl, om 12 UTC is dit 125 mijl. Ten aanzien van de vorige run is Hirlam nu want minder expressief met het uitdiepen van het laag, maar hij blijft het noordelijkst. Om 00 UTC is het verschil tussen Hirlam en EC00 al zo'n 50 mijl, de actualiteit van dat moment kan dus een goede aanwijzing zijn voor de daadwerkelijk te volgen koers. In de noordwestelijke stroming achter het laag is de trog die aan het einde van de periode de Duitse Bocht in duikt verdwenen in de nieuwste run en ook dan zijn er nog verschillen met EC00.
Aandachtspunten.
WIND:
Met name aan de zuidflank van het laag worden zware windstoten berekend, Hirlam TKE tekent deze in voor Zuid-Limburg, maar is ook de meest noordelijke oplossing. Als het laag circa 20 mijl zuidelijker trekt, dan ligt dit gebied al weer een stuk zuidelijker. 20 mijl op de bandbreedte van circa 120 mijl om 09 UTC geeft een kans van 15-20% op zware windstoten (uitgaande van een evenredige spreiding van routes). Dit komt exact overeen met de waardes in de staafdiagrammen van het EC EPS. Harmonie, een zuidelijker oplossing laat inderdaad zien dat het gebied met zware windstoten zuidelijker uitkomt. Later bereikt een kleine gebied met zware windstoten het zuidwesten, maar de kans hierop lijkt kleiner te zijn dan in Zuid-Limburg.
BEWOLKING:
Vooral in winterse neerslag en nabij het laag kans op een wolkenbasis onder de 500 voet. Verder vooral stratocumulus/nimbostratus. Zodra de noordweststroming inzet cumuliforme bewolking in de vorm van Cb en TCu.
NEERSLAG:
Argument voor sneeuwval is de afkoeling grenslaag a.g.v. doorvallende neerslag, progtemps in Hirlam laten dit proces duidelijk zien. Net als bij de wind is de precieze koers van het laag bepalend. Het zuidwesten van het land lijkt met dezelfde bandbreedtemethode 50-60% kans op sneeuw te hebben, richting het midden en oosten lijkt deze kans zelfs nog iets groter te zijn. Om ook in het zuiden en zuidoosten tot sneeuwval te komen moet het laag aanzienlijk zuidelijker trekken, maar ook dat is niet uitgesloten. Naast de koers moet ook de rest kloppen om tot sneeuwval te komen. De temperaturen liggen in ieder geval te hoog om het meer dan kortdurend wit te laten worden. Voorlopig gaan we uit van een mengvorm, waarbij de sneeuw kan overheersen. De buien die aan het einde van de middag het land gaan bereiken kunnen vergezeld gaan van korrelhagel en onweer.
ZICHT:
In (natte) sneeuw 1-3 km, mogelijk daaronder. In regen 5-8 km, mogelijk 3-5 in matige (mot)regen.
TEMPERATUUR:
Komende nacht landinwaarts dalend naar 3 a 4 graden, morgen loopt de temperatuur maar nauwelijks op en in winterse neerslag zakt de temperatuur terug naar 1 graad. In Zuid-Limburg kan het 10 graden worden, bij de noordelijker Hirlamkoers dan pakken het zuidoosten van Noord-Brabant en de rest van Limburg deze waardes ook mee. Verschillen tussen KTG en Hirlam zijn daarom vooral in het zuidoosten groot, maar in mindere mate zien we verschillen rond het middaguur. In de middag zal de temperatuur geleidelijk oplopen, met name aan de kust tot 6 a 7 graden.
Paraaf meteoroloog: zwagers
Uitgifte: 15/12/2011 17.01 uur LT.
Quote selectie