Die grote kanalen bestaan uit één enorme bult vast water dat constant in beweging is. De moleculen krijgen niet de mogelijkheid om afzonderlijk in hun ijsvorm over te gaan.
Bij Theo wordt het zeewater telkens tegen de kust opgeduwd en stroomt vervolgens weer terug in zee, dit zorgt ervoor dat het water een periode enorm wordt uitgevlakt, zeker als het eb is.
Die enorm dunne laagjes water die over de kust heen spoelen (of bij eb over het wad) krijgen niet de mogelijkheid om te golven of te vermengen met dieper gelegen water en bevriest dus.
Ook het ijs dat ontstaat op de wadden wanneer het eb is wordt door de zee omhoog gedrukt als het weer vloed wordt en op de kust gekwakt.
Ook natuurlijk het opstuivende water dat over de kustlijn (stijgers enzo) heen spat bevriest veel makkelijker wat het spectaculaire plaatje bepaald.
Quote selectie