Er is geen mooie Nederlandse benaming voor het systeem dat ons land morgen gaat aandoen maar als we het willen classificeren zou ik het een 'cold air mesoscale vortex' noemen. Onder deze definitie vallen alle mesoscale (in de orde van enkele honderden km doorsnede) vortices (lagedrukgebiedjes) die vormen ten noorden van het polaire front*.
Een polar low is dan een zeer intense 'cold air mesoscale vortex'. Er zijn verschillende definities bekend van een polar low. De volgende definitie is de meest gangbare op dit moment (Rasmussen & Turner, 2003):
"A polar low is a small but fairly intense maritime cyclone that forms poleward of the main baroclinic zone (the polar front), the horizontal scale of the polar low is approximately between 200 and 1000 km and surface winds near or above gale force."
Vrij vertaald:
"Een polar low is een kleine maar vrij intense depressie boven zee die vormt ten noorden van de barokliene zone (het polaire front), de horizontale afmeting is ongeveer tussen de 200 en 1000 km en windsnelheden nabij of boven de 8 bft."
In andere definities worden soms ook andere zaken aangehaald, zoals de temperatuur op 500 hPa, of het ontbreken van fronten. Echter het is gebleken dat er een zeer uiteenlopend spectrum bestaat aan polar lows (Rasmussen & Turner definitie), met verschillen in ontstaanswijze en uiterlijke kenmerken. Door bijvoorbeeld te stellen dat de 500 hPa temp onder de -40 moet zijn sluit je mogelijk enkele systemen uit die een T500 van -38 hebben, terwijl ze aan de grond voor hetzelfde weertype zorgen en ook het achterliggende mechanisme exact hetzelfde is.
Sommige PLs hebben hun bestaan grotendeels te danken aan barokliene processen (horizontale temperatuurgradienten), terwijl anderen mogelijk meer worden getriggerd door een trog in de bovenlucht. Wanneer het systeem eenmaal bestaat haalt het haar energie uit het temperatuurverschil tussen het wateroppervlak en de bovenluchten en dit mechanisme is exact hetzelfde als dat in tropiche cyclonen.
Het systeem dat morgen ons land aandoet vertoont veel overeenkomsten met een polar low. Het lijkt getriggerd te zijn door een combinatie van lei-cyclogenese en baroclinische instabiliteit** (zie sterke gradiënt in 850 hPa temperaturen). Echter door de sterke hogedrukinvloed, de niet extreem lage 500 hPa temperaturen en het slechts kortdurend boven zee bevinden lijkt dit systeem zich niet tot een polar low te kunnen gaan ontwikkelen. Toch wil dit niet uitsluiten dat er lokaal veel sneeuw kan gaan vallen. Met name de lucht die aan de westzijde het systeem wordt ingezogen heeft een aardige fetch (strijklengte) over de westelijke Noordzee en kan best wat vocht oppakken. Met de sterke hogedrukinvloed zal de convectie waarschijnlijk vrij ondiep zijn, maar met de extreme verschillen tussen de zeewatertemperatuur en de lucht op enkele kilometers hoogte kan dit toch flinke sneeuwbuien op gaan leveren. De kleinschaligheid van het systeem en de afwezigheid van een duidelijk sturende achtergrondstroming maken het erg lastig voor de weermodellen.
Groeten,
Bas
*Het polaire front is de grote scheidingslijn tussen polaire lucht en subtropische lucht. Het is het front waarlangs de jetstream blaast, en waar onze doorsnee herfst- en winterstormen op ontstaan.
**De stormen die ontstaan op het polaire front ontstaan ook door baroclinische instabiliteit.
Quote selectie