De totstandkoming van Warnsveld
Bericht van: Ben Lankamp (Lelystad), maandag 17 juli 2006 @ 20:39
Op 23 augustus 1944 werd net onder Zutphen op het KNMI-station Warnsveld een maximumtemperatuur opgetekend van 38,6 graden. Dit is tot op heden nog altijd het hoogst gemeten maximum dat bekend is in Nederland. Er is relatief weinig bekend over de synoptische omstandigheden waaronder dit record werd behaald. Ik zal proberen met behulp van een heranalyse van de NCAR, een historische dataset aan sonderingen van de DWD en een simpele benadering te reconstrueren hoe de situatie op die dag in elkaar stak.
Met behulp van de beschikbare waarnemingen is voor die dag een zo nauwkeurig mogelijke heranalyse gemaakt van de gronddruk. Dit is gedaan door de NCAR en de betreffende dataset loopt van 1899 tot het heden. De resolutie is niet hoog, slechts 5x5 graad, maar voor het grootschalige beeld is dit voldoende. Op figuur 1 is de gronddruk afgebeeld om 00 UTC. Het bekende Azorenhoog ligt relatief westelijk, een oceaandepressie ligt nabij IJsland met een zuidelijke uitloper (koufront vermoedelijk) ten westen van Ierland. Boven het zuiden van Scandinavië ligt een sterk hogedrukgebied van 1020 tot 1025 hPa met een noordwest-zuidoost georiënteerde as, waarbij in ons gebied sprake is van een zuidoostelijke stroming. Uit de kaartjes van de dagen ervoor blijkt dat het brongebied van de overheerseende luchtsoort op de 23ste, het zuiden is van Frankrijk en met een kleine omweg ook nog het oosten van Spanje en noord-Afrika. Onderweg lijkt de lucht ook nog eens de Alpen te zijn gepasseerd, waarbij adiabatische opwarming aan de lijzijde wellicht nog wat bijgedragen heeft aan de hoge temperatuur van de luchtlaag.
Figuur 1: gronddruk op 23 augustus 1944, bron: NCAR heranalyse
Het grote probleem in die tijd was echter dat de Tweede Wereldoorlog in volle gang was, wat betekent dat er weinig weergegevens beschikbaar zijn en al helemaal weinig van de bovenlucht. Er was nauwelijks uitwisseling van weerggevens en veel gegevens zijn ook verloren gegaan of überhaupt niet uitgevoerd. Het is dus moeilijk om een goed beeld te krijgen van de eigenschappen van de luchtsoort. Gelukkig echter heb ik via de DWD een prachtig historisch bestand kunnen opduikelen met vele sonderingen uit de oorlogstijd. Aangezien er dus een matige zuidoostelijke stroming was op de 23ste, is de ochtendsondering van Freiburg het meest representatieve wat beschikbaar is. Overigens moeten we de voorgeschiedenis ook niet uit het oog verliezen, de dagen voor de 23ste was het ook al erg warm met in De Bilt vanaf de 18de zomerse temperaturen (zie figuur 2).
Figuur 2: verloop Tx, Tg en Tn te De Bilt in augustus 1944, bron: ECA, KNMI
Op 23 augustus om 00Z werd op 3142 meter een druk van 700 hPa en een temperatuur van 7,22 graden gemeten. Jammer genoeg ontbreken de waarnemingen op lagere niveaus, dus de werkelijk gemeten T850 hebben we niet. Deze valt wel te benaderen als we even veronderstellen dat de grenslaag zo diep was dat deze tot 700 hPa reikte en dus een nagenoeg droogadiabatisch temperatuurverval gehad heeft tot die hoogte. Het droogadiabatische temperatuurverval is 0,978 graden per decameter, als we dit nu invullen voor de hoogte van 3142 meter waarop 7,22 graden is gemeten, kom je voor een hoogte van 1550 meter (~850 hPa) tot een temperatuur van circa 23 graden. Trekken we de lijn nog verder door tot aan de grond, dan kom je op een T2M van bijna 38 graden. Dit komt heel goed in de buurt van de Tmax die in Warnsveld is gemeten!
Samenvattend, met behulp van de heranalyse van de NCAR en een historische sounding van Freiburg kan geconcludeerd worden dat het absolute temperatuurrecord in Warnsveld tot stand is gekomen in een uiterst warme zuidoostelijke stroming, waarmee zeer warme lucht vanaf noord Afrika via het westen van Spanje en de Alpen naar ons land is getransporteerd. De T700 bedroeg daarbij op de ochtend de 23ste ruim 7 graden wat bij een droogadiabatisch temperatuurverval neerkomt op een T850 van circa 23 graden en een T2M van circa 37 graden. Bij een licht overadiabatisch profiel net boven de grond, wat veel voorkomt boven gebieden met zand- en heidegrond, kom je dan meestal nog zo'n 1 à 2 graden hoger uit, waarmee je weer vrijwel exact op de waargenomen waarde van Warnsveld uitkomt.
Gr. Ben
Gebruikte bronnen:
ECA (KNMI)
NCAR reanalysis 1899-heden (NCEP/NCAR)
DWD (Deutsche Seewarte. 1939-1942, Täglicher Wetterbericht, Bibliothek des Bundesamts für Seeschifffahrt und Hydrographie, Hamburg.)
Quote selectie