Die wisseling van seizoenen is altijd weer een boeiend fenomeen. Dat staat los van de vraag of ik van donker en grijs weer houd of niet.
Wie daar geen oog voor heeft, heeft het moeilijk in de komende maanden.
September, de aarzelende maand. De uitbundigheid van de zomer is weg, het licht wordt steeds mooier en verzengende warmte is er niet meer. Als je naar de lucht kijkt zie je soms een zomers beeld en soms een herfstachtig beeld. September aarzelt en twijfelt. Het wordt vroeger donker en als je om een uur of half negen buiten bent bij rustig en helder weer en je voelt de afkoeling, dan twijfel je zelf of de sfeer zomers is of misschien al een heel klein beetje winters.
Eerlijk gezegd: september vind ik een mooiere maand dan augustus.
Dan komt oktober met zijn kleuren, af en toe stilstaand weer en af en toe een beetje heftig herfstachtig weer. De verwachting van winter hangt in de lucht, ja zelfs komt af en toe nachtvorst voor.
Afgezien van de mogelijkheid van een storm en van herfstmist, die ik beide prachtig vind, is de periode november-december toch wel de vervelendste: steeds donkerder, veel nat en somber weer en steeds kouder. Een kleine of grote vorstperiode of een pak sneeuw maakt dan soms weer veel goed.
Als ik niet van sneeuw en ijs hield, met de daarbij behorende spanning, zou ik november t/m maart misschien ook een nare tijd vinden. 22 oktober t/m 22 december is ook in vele opzichten de minste tijd, gezien vanuit het perspectief van licht, warm en zonnig weer.
1. in het koude halfjaar
2. in het halfjaar van dalende temperatuur
3. in het donkere halfjaar
4. in het halfjaar van afnemend licht
Daar komt bij dat met name in de 2e helft van deze periode het percentage zonneschijn het kleinst is en de duur van de neerslag het grootst.
Groet,
Cees
Quote selectie