Op de eerste foto zie je duidelijk dat er hoogstens van sluierbewolking sprake is op het moment van opname(ik tel zes sterren zonder enige belichtingspraktijken toe te passen). Bovendien was er volgens het artikel sprake van de maan, die tijdens het moment van opname waar te nemen was door de sluierbewolking heen.
Tevens staat er in het artikel vermeld dat daarna de bewolking toenam en samen met de toenemende bewolking het noorderlicht verdween (logisch). Als dit de weerkaatsing van het licht van een booreiland zou zijn geweest, is het heel bizar als die weerkaatsing met dikker wordende bewolking verdwijnt. Het tegendeel zou logischer zijn.
Mvgn,
Guy
Toch niet: als de bewolking op korte afstand van de waarnemer toeneemt, dan verdwijnt daardoor het zicht op wat daarachter zit. En dus ook het zicht op de reflectie van een booreiland op tamelijk grote afstand.
Quote selectie