De tocht vanuit het Noorden richting lage landen is lang, maar bijzonder leerrijk. De methode die door de winterverantwoordelijken wordt gevolgd bij het bestuderen van de omstandigheden waarin de inval van de winter dient te geschieden, is elk jaar anders, en ze geeft aanleiding tot een wisselend succes.
Het behoeft weinig uitleg dat de manier waarop de voorbije jaren met de nochtans waardevolle informatie die op de reis richting zuiden kan worden verzameld, zeer slordig is omgesprongen door W05's voorgangers. De rapporten die hij dienaangaande opvroeg en hem enkele dagen voor z'n vertrek werden overgemaakt, laten daarover weinig twijfel bestaan. Vorig jaar bijvoorbeeld werd de laattijdige start van de Oost-Duitse korthalsgans niet eens in de verslagen opgenomen, laat staan adequaat geïnterpreteerd. Dit jaar zouden dergelijke fouten in elk geval niet worden gemaakt.
De basisinstrumenten van W. zijn een eenvoudig GPS-systeem (eenvoudig, maar niettemin met talrijke desktop-faciliteiten) en z'n oude schoolhandboek 'Fauna en flora in West-Europa'. Bij het aftellen van de breedtegraden maakt W. nauwkeurig de balans op van plant- en diersoorten die hij waarneemt, en correleert deze met de GPS gegevens. De bekomen afwijking van de 30-jarige normaal (welke door hem overigens ter discussie wordt gesteld, gelet op de bekwaamheid van z'n voorgangers die de informatie voor het opstellen van deze normaal hebben toegeleverd), wordt vervolgens statistisch verwerkt met een zelf geschreven programma. Het tweevoudige resultaat, waarvan de gewogen som de biovariantie wordt genoemd, bestaat uit een element dat alle levende wezens omvat die beschikken over hersenen, en één dat de hersenloze schepsels betreft. Deze laatste zijn niet de domme diersoorten, of deze die hun opleiding niet naar behoren hebben voltooid, maar dus wel de planten die, zoals algemeen aanvaard, niet beschikken over enig zenuwstelsel.
De vierkantswortel van de biovariantie levert vervolgens de standaarddeviatie en is, in tegenstelling tot de beschrijvende analogen van deze parameters in de tegenwoordig aanvaarde statistiekbeleving, eerder een indicatie van te nemen maatregelen, dan wel een getal om te bespreken tijdens één of ander belangrijk congres of tijdens een examen dat over deze materie handelt.
De éénheid van het bekomen getal is trouwens de Helmann per m³ per °C en per hectare, met de Helmann als maat voor het aantal winterneuronen (voor meer uitleg verwijs ik gaarne naar het werk 'Psyschodynamica van onze atmosfeer voor beginners', Gent, 2003, 35 EUR, in linnen met ijsblauwe kaft).
De eerste door W05 opgemerkte levende wezens, waren de op bijgaande figuur afgebeelde pinguïnachtigen. Aanwezigheid van neuronen kon niet worden vastgesteld, maar is waarschijnlijk wel een feit. De diersoort in kwestie (zeer Sociaal Voelend overigens) staat wel bekend als een koudeminnend ras, maar het verwonderde W05 enigszins hen reeds zo vroeg op z'n tocht te mogen ontmoeten, almaar verder trekkend naar het noorden.
Op het moment van de ontmoeting was er een kleine panne aan hun voertuig, maar al gauw ging de tocht onverdroten voort. Het gevaar bestond dat de arme dieren, onbekend met het terrein, weldra de pool voorbij zouden trekken. De twee papegaaien en de nijlreiger die hij opmerkte, beschouwde hij als een kleine aberratie en niet de moeite om ernstig te nemen. Helaas een niet zo verstandige beslissing…
(wordt vervolgd)
Quote selectie