In de berekening van 'zonneschijnduur' wordt de globale straling gebruikt, die wordt berekend met de waargenomen directe straling en een schatting van de turbiditeit (troebelheid) van de atmosfeer. Deze laatste factor wordt overschat, waardoor het aantal uren met 'zonneschijn' (eigenlijk effectieve straling) wordt onderschat t.a.v. de vroegere metingen met Campbell-Stokes meters. Verder toont de grafiek volgens mij de maximale daglengte en niet de maximale 'zonneschijnduur', d.w.z het maximale aantal uren dat aan de WMO-definitie van zonneschijn voldaan kan worden.
NB: zonneschijnduur is niet het aantal uren dat de zonneschijf zichtbaar is, maar dat de globale straling minimaal 120 W/m² bedraagt. Het is dus juister om te spreken van effectieve-stralingsduur.
Gr. Ben
Quote selectie