Vandaag heb ik de ontwikkeling van het - onverwachte - Mesoscale Convective System gevolgd, en dit ook in samenhang met de korte-termijn-modellen, met name WRF-ARW 12 km. Want die scoort de laatste tijd beter dan HiRLAM.
Je kunt je voorstellen dat de kleinere buien niet goed voorspeld worden door de modellen, omdat die door de mazen van het net heenglippen. Maar je zou verwachten dat een zo groot systeem als een MCS, met een doorsnede van meer dan 200 km, wèl redelijk goed voorspeld zou moeten worden. Dit blijkt echter niet of nauwelijks het geval! En dan kan ik me nog voorstellen dat het ontstaan ervan moeilijk te voorspellen is - dit begint immers toch ook op tamelijk kleine schaal - maar als het er eenmaal is zou toch op zijn minst de vervolgkoers en -intensiteit goed meegenomen moeten worden.
Maar helaas: zelfs dat valt tegen. We zien nu dat de 12-uur-run van WRF-ARW 12 km op de zeer korte termijn van 6 tot 12 uur vooruit al flink de mist in gaat. Op dit moment is de neerslag namelijk vrijwel Duitsland uit, en zit het zuiden van Denemarken nu in de regen. Tot 2 uur vannacht, 00 uur GMT, gaat dit nog verder over Denemarken.
De verwachting geeft deze neerslag nog wat te zuidelijk, zodat de treksnelheid te laag wordt ingeschat. Daarbij ontstaat er in het model aan de westflank een pittige bui over de Duitse Bocht, die er in werkelijkheid in het geheel niet is!
De verdiepingsvraag na deze detail-analyse is dan ook: waar zou het nu aan schorten in de modelbeschrijving, dat een zo groot systeem als een MCS zó slecht berekend wordt? Welke parameters worden verkeerd ingeschat? Of wat zou er modelmatig - fysisch/mathematisch - niet goed beschreven worden?
Het geklaag over de slechte verwachtingen is m.i. niet helemaal onterecht. Nu wil ik niet klagen, maar wel deze vraag stellen: hoe kan het beter? Waar ligt het aan? Al zal die vraag zomaar niet te beantwoorden zijn.
Quote selectie