lijkt me beter om gewoon met drie termen te werken:
- vriesdagen: negatieve minima, positieve daggemiddelden
- vorstdagen: positieve maxima, negatieve daggemiddelden
- ijsdagen: negative maxima
Maandag wordt dus plaatselijk een vriesdag als ik het goed zie op de modellen.
IJsdag
Van een ijsdag is sprake wanneer gedurende een etmaal de temperatuur (op 1,5 meter hoogte) op enig moment niet boven het vriespunt is gekomen. De maximum temperatuur ligt dus ook beneden het vriespunt. De maximumtemperatuur van die dag is dus kleiner of gelijk aan 0,0°C.
Vorstdag
Van een vorstdag is sprake wanneer gedurende een etmaal de temperatuur (op 1,5 meter hoogte) op enig moment beneden het vriespunt is gekomen. De minimumtemperatuur van die dag is dus kleiner of gelijk aan 0,0°C.
Nachtvorst
Situatie, waarbij overdag de huttemperatuur boven het vriespunt blijft terwijl deze 's nachts onder nul komt. Bij lichte nachtvorst, waarbij in de hut op 1,50 m hoogte ook 's nachts de temperatuur boven nul blijft, wordt in de weerberichten tegenwoordig de term vorst aan de grond gebruikt. Als ook in de hut de temperatuur onder nul komt wordt de vorstterminologie gebruikt.
Vorst aan de grond
Situatie waarbij dicht bij de grond (op 10 cm hoogte) de temperatuur onder het vriespunt is, terwijl de huttemperatuur boven nul is. Met name tijdens stralingsnachten kan vorst aan de grond optreden. Vooral in de land- en tuinbouw kan vorst aan de grond in de lente grote schade aanrichten. Vroeger werd de term nachtvorst gebruikt.
Quote selectie