Vandaag mochten we genieten van een zonovergoten dag waarbij de zon geen minuut heeft geweken en het zeer genietbaar wandel - en fietsweer werd. Het was nogthans bibberen vanochtend bij -4,8 in de hut en -5,6 graden op de grasmat, om dan nog maar te zwijgen over de wind die met momenten nog 26 km/h haalde en voor afkoelend effekt zorgde, maar overdag wist de zon alles nog op te warmen tot 5,8 graden, zij het dat hier enig tuineffekt mee gemoeid was door de felle zon. De tijdens de nacht gevormde rijp op planten en gazon hebben op beschaduwde plekken immers de hele dag standgehouden. Tegen de late namiddag en avond doemde er aan de westelijke horizon hoge bewolking op die trouwens voor een fraaie zonsondergang zorgde, maar tevens de voorbode is van een sneeuwzone die langzaam onze richting uitkomt en het Malderse weerstation mogelijk met een dunne witte vacht zal aankleden. Waar de grens tussen regen en sneeuw ligt wordt moeilijk te voorspellen, vooral in het westen is er veel kans dat het zal ijzelen ipv sneeuwen en ook in Malderen zou dit wel eens het geval kunnen zijn. Een eventueel sneeuwdek zal echter niet lang overleven want zoals eerder gesteld zal het kwik tegen het einde van de week weer opklimmen richting tieners.
Na de erg zonnige tweedaagse moesten we het vandaag met heel wat minder doen. De laatste opklaringen verdwenen al snel in westelijke richting terwijl vanuit het noorden en noordoosten hardnekkige wolkenvelden kwamen opzetten. Deze hadden een weinig korrelsneeuw aan boord waarvan er doorheen de ganse dag fijne vlokjes boven Malderen ronddwarrelden. De hoeveelheden waren echter zo gering dat het landschap nauwelijks van uitzicht veranderd is. De bewolking zorgde er samen met de snijdende noordoostenwind (tot 19 km/h) voor dat de temperatuur netjes beneden het vriespunt bleef en we aldus een echte ijsdag beleefden, zonder dat het echter extreem koud werd, lager dan -3,3 graden wilde het kwik niet gaan. De bewolking zal ook komende nacht aanwezig blijven zodat het kwik waarschijnlijk niet zo diep zal zakken als eerst voorspeld werd, al wordt het effekt van de vorst door de gure oostenwind flink versterkt, en zullen de temperaturen ook morgen wellicht negatief blijven. Het einde van de winterprik is echter onafwendbaar: zachte zeelucht zal vrijdag tot in Malderen doordringen terwijl er ook een flinke geut regen zal vallen samen met een krachtig windveld. De eerste neerslag kan dan tijdelijk nog als sneeuw vallen, maar al snel overgaan in ijzel alvorens de dooi zich definitief inzet.
Grijs, grijs, grijs en nog eens grijs, saaiheid en somberheid in het kwadraat waardoor de eindeloze reeks troosteloze winterdagen alleen maar langer wordt. Rond de middag was er even een verrassende wending toen het uit het grauwe wolkendek zowaar lichtjes begon te (mot)sneeuwen, maar het was slechts een schijnmaneuver van de natuur want het werd daarna weer droog en de dag leek aldus bijna volledig op gisteren. Temperaturen tussen 0,3 en 1,0 graden en een zuidwestelijk briesje tot 22,5 km/h waren de elementen die hem toch van de andere dagen konden onderscheiden.
Voor de verandering kregen we nog eens een ouderwetse Belgische winterdag voorgeschoteld waarbij we de hele dag aankeken tegen een somber Stratus wolkendek. De temperaturen daalden 's ochtends tot 2,8 graden, maar naarmate de dag vorderde trad er een geleidelijke opwarming op die na de middag tijdelijk gepaard ging met motregen en lichte regen. Er dreven wat losse wolkenflarden onder de eigenlijke Stratuslaag door waardoor er met wat moeite toch nog een beetje variatie in het luchtruim op te merken was, en er stond opvallend veel wind: met snelheden tot 35,4 km/h uit het zuidwesten. Na zonsondergang stroomden er warmere luchtmassa's binnen terwijl de motregen het voor bekeken hield, waardoor de temperatuursstijging zich ongestoord verderzette en uiteindelijk kort voor middernacht de maximumtemperatuur van dit etmaal kon worden opgetekend met 6,8 graden. Het uiteindelijke neerslagtotaal bedroeg 0,0 mm wat al genoeg zegt over de intensiteit van de motregen die deze namiddag is gevallen.
Bij ochtendtemperaturen van -3,9 graden en een snijdende oostenwind tot 22,5 km/h heeft zich op de meeste stilstaande waters verrassend snel een ijslaag gevormd waardoor het wintergevoel nu helemaal compleet was. Net als gisteren warmde het echter snel op eens de zon goed en wel was verschenen en zaten we in de thermometerhut binnen de kortste keren boven het vriespunt met 1,7 graden als maximum. Wellicht een iets te hoog gemeten waarde want de witberijpte grond bleef er de hele dag door bevroren bijliggen. Een belangrijk verschil tegenover gisteren was de aanwezigheid van Cirrusbewolking die vanuit het noordoosten kwam binnengedreven, waarbij de scherp begrensde zone met heldere lucht langzaam naar het zuidwesten werd teruggedrongen. In het uiterste noordwesten van Nederland werden er ook wat Stratocumulusvelden waargenomen maar ook daar bleef het overwegend zonnig. Tijdens de avond sloeg de invallende vorst nog harder toe dan gisteren en zaten we al meteen een tweetal graden onder het vriespunt. Waarschijnlijk gaan we deze keer met matige vorst te maken krijgen. Neerslag is er ook vandaag uiteraard niet gevallen (0,0 mm)
Voor de verandering ging het vandaag weer de sombere toer op, want de Altocumulusbankjes van gisteren waren de voorboden van een koufront dat vanochtend niet onopgemerkt doorheen het land is gewalst. Het begon allemaal met motregen uit een somber Stratus wolkendek, en het werd gevolgd door regen die tijdelijk best wel pittig was te noemen. Na de middag kwamen we aan de achterzijde van het front terecht en kregen we terug opklaringen te zien. De bewolking ging toen over in Stratus, welke op haar beurt gevolgd werd door Stratocumulus en Cumulus. Deze laatste zorgde ervoor dat we niet van de nattigheid verlost waren, want ze ontwikkelde zich tot buienwolken waarvan er enkele tot in Malderen konden doordringen. Hiervoor kregen we echter fraaie wolkenlandschappen terug, die veel weg hadden van een typische voorjaarslucht en ervoor zorgden dat de weerfotografen onder ons niet in een diepe winterslaap hoefden weg te dommelen. De buien werden tijdens de avond zwakker en we kregen terug brede opklaringen te zien waaronder het snel afkoelde. De overdag tot 35,4 km/h uithalende zuidwestenwind hield het eveneens voor bekeken en in deze omstandigheden zal het vannacht wellicht tot lichte (plaatselijke) vorst komen. Ondanks de regen die we gezien hebben bedroeg het (gemeten) neerslagtotaal niet meer dan 0,2 mm.
Aan de voorzijde van een naderende depressie kregen we terug met aflandige luchtstromingen te maken die het vandaag erg koud en guur maakten bij temperaturen die zich tussen -1,9 en +0,4 graden ophielden. Er hing veel bewolking, maar gelukkig ging het deze keer niet om de gevreesde sombere Stratus maar een afwisseling van Altostratus, Altocumulus, Cirrostratus en Cirrus die in het warme licht van de zwakke winterzon erg fraai oogde. Dit bleef zowat de ganse dag het geval al had de bewolking tegen de avond weer de neiging om zich terug te trekken naar het westen terwijl het aandeel van de Altocumuluswolken groter werd. De afname van de bewolking en de overdag nog 22,5 km/h halende zuidwestenwind zorgden ervoor dat het kwik weer flink onderuitging, maar later op de avond werd de afkoeling door nieuwe wolkenvelden weer tot staan gebracht zodat de minima van deze voormiddag niet meer werden scherpgesteld. De invallende vorst zorgde ervoor dat het resterende sneeuwdek van 10 centimeter van een harde korst werd voorzien die de afsmelt de komende dagen wellicht zal vertragen. We eindigden de dag met een neerslagtotaal van 0,0 mm.
Nog steeds was grijs de hoofdkleur, al kon men in grote delen van West- Europa genieten van brede opklaringen. Niet in Malderen dus en op de koop toe werd het minder warm bij temperaturen die geleidelijk terugliepen van 9,3 graden 's ochtends naar 6,3 graden in de late avond. De Stratusbewolking werd slechts onderbroken door een mengvorm met Stratocumulus waar je met veel verbeelding lichtgrijze in plaats van donkergrijze kleuren kon in herkennen. Ondanks de saaie en troosteloze bedoening stond er aardig wat wind met snelheden tot 32,2 km/h uit zuid- zuidwestelijke richtingen. De motregen die zo nu en dan naar beneden kwam vulde het dagtotaal aan tot 0,0 mm en er volgde een zwaarbewolkte en ondanks de afkoeling nog zachte avond.
Het eerste deel van de nacht werd gekenmerkt door felle rukwinden en daarna volgden een aantal opklaringen waardoor we tijdens de voormiddag een flits zonlicht konden waarnemen. Tussendoor viel er nog een spat regen maar rond de middag konden we voor een paar uur van droog weer genieten. Het was nog steeds zacht al zette de temperatuur een klein stapje terug met maximaal nog 9,6 graden. Een pittige regenzone passeerde halverwege de namiddag en zorgde voor een korte periode van zware regenval waarna nog een aantal lichtere buitjes volgden. Het waren echter niet die spierwitte exemplaren die in een prachtige diepblauwe lucht uittorenden, maar gewoon ingebedde exemplaren in een sombere mix van Altostratus en Stratus fractus bewolking waardoor het een namiddag was om snel te vergeten. Tijdens de avond kwam het nog tot perioden van lichte motregen al keerde de rust geleidelijk weer. Er stroomde wat koelere lucht binnen waardoor we nu pas de minima van 6,7 graden bereikten naast een neerslagtotaal van 5,6 mm. De maximale windnslheid ward afgelopen nacht reeds gemeten met 41,8 km/h uit het zuidwesten, de avond verliep immers bijna windstil.
Geen Flashback op Weerwoord wegens ziekte, panne of buitenlandse reis? Lees de Flashback nu ook op mijn website! Elke dag automatisch bijgewerkt vanaf 0H01 Belgische tijd, voor alle datums vanaf 1 mei 2004.