Wederom een prachtig verhaal van Reinout.
Nog even een aanvulling op zijn verhaal. Windsnelheid op grotere hoogte, in dit geval 10hPa, is aan het afnemen, met te verwachten voortdurende wave 1, is mijn gok dan ook de straalstroom zwak(ker) blijft en blijft meanderen. Nieuwe kansen komen. Of ze benut worden is natuurlijk een ander verhaal. Zie plaatje onderaan. Op 1hPa reductie van 80 (begin januari, tot verwacht rond de 20)
Komen er later alsnog kansen voor de winter?
13.01.2014 10:32
In ons verhaal van gisteren beschreven we al hoe de ontwikkeling naar een meer winterse situatie, zoals die ongeveer een week geleden een tijdje op de weerkaarten te zien was, nog voordat ze echt wortel had kunnen schieten alweer om zeep werd geholpen. De vraag is nu, het is nog maar half januari, of de winter in een later stadium alsnog de kans krijgt?
Voorbeelden zijn er wat dit betreft genoeg.
Te denken valt aan de winter van 1956 (al is dat meteen wel een heel extreem voorbeeld) en de winter van 1991, maar – recenter – ook de winters van 2005 en 2006, toen het later in februari en in maart alsnog winters werd. En wat te denken van het meest recente voorbeeld in 2012? Ook dat jaar had de winter nog niets gepresteerd op het moment dat aan het einde van de januarimaand een groot hogedrukgebied boven Rusland een uitbouw kreeg tot over Scandinavië en zeer koude lucht onze omgeving kon bereiken. Het was het begin van een koudegolf die twee weken duurde en Nederland aan de rand van een Elfstedentocht bracht.
Sterke straalstroom
Als je al die winters op een hoop gooit, dan is de belangrijkste verandering in de atmosfeer, die bijna steeds aan zo’n grote weersverandering voorafgaat, het om wat voor reden dan ook in kracht afnemen van de straalstroom. De straalstroom is de permanente storm op grotere hoogte, die bij ons meestal vanuit het westen of zuidwesten waait en in grote lijnen bepaalt waar de hoge- en de lagedrukgebieden terechtkomen.
Lagedrukgebieden in noorden, hogedrukgebieden in zuiden
Als het gedurende de wintermaanden lange tijd zacht en wisselvallig is, zoals in vrijwel alle van die voornoemde winters, is de straalstroom meestal al die tijd ook sterk en vertoont maar weinig bochten. Vergelijk het maar met een rivier die over een groot verval omlaag stroomt. Die heeft ook geen tijd om bochten te maken en stroomt rechtuit. In het geval van de straalstroom betekent dit dat boven de Oceaan tussen de VS en Canada enerzijds en Europa anderzijds een snelweg komt te liggen, waarover de ene na de andere storing in onze richting wordt geblazen, met de bijbehorende wolken, regen en wind. En steeds weer nieuwe porties zachte lucht. In tijden van een sterke straalstroom volgen lagedrukgebieden vaak een noordelijke koers en hebben hogedrukgebieden een voorkeur voor posities boven de zuidelijke helft van Europa. De afgelopen weken bij voorbeeld is dat steeds het geval geweest. Bij ons is de wind dan zuidwestelijk en blijft het voortdurend zacht.
Zwakkere straalstroom gaat ‘bochten’
Neemt de kracht van de straalstroom om welke reden dan ook af, dan trekken er meteen bochten in. Hoe groter die bochten worden, hoe meer de storingen in hun verplaatsing worden afgeremd. Tegelijkertijd zie je op andere plekken hogedrukgebieden ontstaan.
Lagedrukgebieden zuidelijker, hogedrukgebieden noordelijker
Bij een in kracht afnemende straalstroom kunnen lagedrukgebieden (in de bochten van de straalstroom die met de punt naar het zuiden wijzen – de bovenluchttroggen) verder naar het zuiden komen, terwijl hogedrukgebieden (in de bochten van straalstroom die met de punt naar het noorden wijzen – de bovenluchtruggen) juist een noordelijker positie voor zich kunnen opeisen. Het is een beetje een tombola, maar als alles volgens een bepaald schema gebeurt, kun je dan de situatie krijgen met hogedruk in het noorden en lagedruk in het zuiden. De wind bij ons is dan niet langer zuidwestelijk, maar oostelijk tot noordoostelijk en dan wordt het natuurlijk kouder.
Straalstroom is al minder sterk
Na een lange periode van maximale activiteit, zagen we vorige week al aankomen dat de straalstroom minder sterk zou worden en flink zou gaan ‘bochten’. Dat is ook gebeurd. De modelberekeningen gingen nog wat verder dan wat er nu is gebeurd en voorzagen een situatie waarin we boven Europa te maken zouden krijgen met noordelijke hogedruk, boven Scandinavië en lagedrukgebieden met een koers over Zuid-Europa. Een omslag naar oostelijke tot noordoostelijke winden feitelijk, met de bijbehorende temperatuurdaling. Die is er niet gekomen.
Het lukte nog niet
De golven in de straalstroom kwamen toch op een iets andere plek te liggen. En wel zo dat we nu in plaats van een noord-zuid een west-oost verdeling hebben gekregen, van lagedrukgebieden op de Oceaan (daar gevangen in een golf van de straalstroom met de punt omlaag) en een hogedrukgebied boven het continent in het oosten, met de kern nu nog heel ver weg naar het noorden, maar later deze week boven Finland en Noordwest-Rusland. Zo’n west-oost verdeling levert bij ons zuidelijke winden op en die zijn redelijk zacht. Maar eigenlijk is het ook een status-quo. De belangrijkste luchtmassa’s blijven in een drukverdeling als deze namelijk min of meer op hun plaats en kleine veranderingen in het patroon kunnen later alsnog tot een omslag in het weer leiden.
Een belangrijke stap is wel gezet
Een belangrijke stap op weg naar mogelijk kouder weer is intussen wel gezet; de straalstroom is daadwerkelijk een stuk minder sterk geworden. Stel dat dit de komende tijd zo blijft, dan doen zich ongetwijfeld nieuwe kansen voor, ook op winters weer. Deze week gebeurt dat niet meer. Het blijft voorlopig zacht en vanaf morgen is het grijs met af en toe regen of motregen. De temperaturen liggen morgen en woensdag rond een graad of 6 a 7, maar donderdag en vooral vrijdag doen ze er nog een schepje bovenop. Al die tijd blijft de wind zuidelijk en is geen verandering in zicht.
Nieuwe onzekerheid
Daarna komt er opnieuw meer onzekerheid in de berekeningen. Het lijkt erop dat de fase van verslapping, waarin de straalstroom zich op dit moment bevindt, langer aanhoudt. De weerkaarten naast dit verhaal laten dit ook zien. Het blijft een verzameling van golven en dalen, met de lage- en de hogedrukgebieden daarin gevangen, waardoor ze niet echt van hun plaats komen.
Nog een poging?
Vooral het Europese model rekent op de wat langere termijn toch weer langzaam naar een situatie toe met een aanhoudende aanwezigheid van hogedrukgebieden boven Scandinavië en het noordoosten van Europa (waar het de rest van de week ook koud blijft) en lagedrukgebieden, die hun werkterrein langzaam naar het Middellandse Zeegebied verleggen. Koud wordt het dan overigens niet meteen, omdat het bijna overal om Nederland heen nu zacht is.
Wel zie je op de langere termijn de bovenlucht bij ons afkoelen en toch ook steeds meer oostelijke tot noordoostelijke winden het pakket aan berekeningen binnensijpelen. Meer dan een onzekere ontwikkeling is het vooralsnog niet, maar het zal niet de eerste keer zijn dat er in meerdere stappen uiteindelijk toch een verandering komt. Dat is precies wat in bij voorbeeld een winter als die van 2012 gebeurde, toen het in februari, na een lange, zachte fase koud werd. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat er ook voldoende voorbeelden zijn van winters waarin het uiteindelijk niet meer gebeurde. Die van 2007 bij voorbeeld bleef tot het einde zacht en verliep erg wisselvallig.
Er zijn zeker kansen
Zijn er dus nog kansen voor de winter, later deze maand of in februari? Duidelijk wel, zeker als de situatie van nu, met een verzwakte straalstroom met veel bochten, nog wat langere tijd aanhoudt. Dan is het nog vroeg genoeg om het in een later stadium alsnog winters te laten worden.
http://www.weer.nl/weer-in-het-nieuws/weernieuws/ch/e0c486279c47ae0879982c870766301b/article/komen_er_later_alsnog_kansen_voor_de_winter.html
Quote selectie