Mijn mening:
Een supercel is volgens de definitie een bui met een aanhoudende roterende stijgstroom. In werkelijkheid zijn er buien in alle soorten en maten, en in elk geval hebben alle buien een stijgstroom. Aangezien bijna altijd wel een beetje vorticiteit een stijstroom binnenstroomt en die vorticiteit door de opwaartse versnelling versterkt wordt, is er heel vaak wel iets van rotatie aanwezig. Dat was waarschijnlijk vandaag bij de buien in Nederland ook zo. De vraag is meer vanaf wanneer je het een supercel noemt. Dat is een beetje arbitrair. Er is geen echt criterium, hoewel Chuck Doswell wel eens 1*10-2 s-1 als grens heeft voorgesteld, maar dat kunnen we vaak niet meten. Het is natuurlijk jammer dat het KNMI geen Doppler-wind-gegevens op zijn website zet, waaruit je dat tenminste een beetje zou kunnen afleiden.
Ik zou de buien in Nederland vandaag geen supercells willen noemen, maar een beetje rotatie is er hier en daar vast wel geweest.
Bij een van onze ESSL activiteiten (ESSL Testbed) evalueren we een mesocycloon-detectie-algoritme. Dat algoritme detecteert ook vaak lichte rotatie in omstandigheden zoals die van vandaag. Wordt de windschering sterker, dan detecteert het meer en ook krachtigere rotatie. Het is dus echt een glijdende schaal.
Gegevens van het ESSL Testbed van vorig jaar kun je overigens zien op de link onder.
Pieter
Quote selectie