Het is gewoon een statistisch feit dat het krimpen van het stromingspatroon bij ons van zuid naar oost en noordoost een vrij zeldzaam fenomeen is (alsof er op zuid een moeilijk inneembare barrière zit, die wellicht te verklaren is door de loop van de straalstroom op het NH). Alleszins krimpt de wind uiteraard vaker van noord naar (noord)west en van (noord)west naar zuidwest en zuid. Een winterse periode bij ons wordt bijna altijd ingeluid door het ruimen van de wind naar NW, N en NO/O.
Het krimpen van zuid naar oost en noordoost is dus zeldzaam. Maar ... als dat dan wél gebeurt dan duidt dit op een uitzonderlijk sterke blokkadevorming boven het continent met retrograde accenten.
Ik zal daar eens een gedurfde uitspraak over doen zie. Het krimpen van het patroon van zuid naar oost bracht de afgelopen 150 jaar de Allergrootste Winters op gang (met hoofdletters geschreven). De markantste koudeperiodes van februari 1929, februari 1947, december/januari 1963 ... allemaal met een dergelijk patroon begonnen. Vroeger wist men niet wat men zei dus.
Quote selectie