Zoals gevreesd was de toenemende Cirrostratus en Altostratusbewolking waarmee we gisteren de dag afsloten inderdaad de voorbode van vochtig en grijs herfstweer. Het was tijdens de vroege ochtenduurtjes welliswaar nog droog, maar het volledige luchtruim was reeds met wolken gevuld en in het begin van de voormiddag ploften dan uiteindelijk de eerste regendruppels neer op Malderse bodem. Het waren zeker niet de laatste want we werden geconfronteerd met de perikelen van een golvend koufront dat in haar lengte over België trok. Hogedrukinvloeden boven het Noordzeegebied zorgde ervoor dat de regen zich tegen een onzichtbare muur net ten noorden van onze landsgrenzen te pletter liep terwijl ze in de noordelijke helft van Nederland nog volop konden genieten van de zon onder rustige en droge omstandigheden. Vanuit het zuiden probeerden warme luchtmassa's eveneens op te dringen naar het noorden, en in combinatie met de koele lucht die eveneens vlakbij zat, zorgde dit voor een lichte destabilisatie van de atmosfeer, wat zich vertaalde in een toenemend buiig karakter van de neerslag naar de avond toe. In vergelijking met de buiencomplexen die zich boven Frankrijk vormden waren het slechts onbeduidende regenbuitjes. Het neerslagtotaal maakte meer indruk met maarliefst 15,2 mm op het einde van het etmaal. Een golftop op het koufront zorgde ervoor dat de regen in de vooravond wat terugweek naar het westen waardoor we tussendoor wat drogere perioden kregen en de neerslag minder intens was. De zon kregen we echter niet te zien en het is dan ook niet verwonderlijk dat het kwik ondermaats presteerde met waarden tussen 11,5 en 13,2 graden, en dit bij een oostenwind met snelheden tot 17,7 km/h
Een volledig betrokken hemel tijdens de vroege ochtend gaf aanvankelijk de indruk dat het een saaie en grijze herfstdag ging worden, maar de zachte lucht die werd aangevoerd (minima van 9,7 graden) in combinatie met aardig wat wind op dit vroege tijdstip, toonden reeds aan dat de atmosfeer behoorlijk wat potentie had. De gevolgen lieten niet lang op zich wachten, want het begon al snel lichtjes te motregenen en nog voordat het eerste schemerlicht haar kans zag om het luchtruim te doordringen, werd het Malderse station plots gegeseld door felle stortregens die onmiskenbaar bij een aktief koufront hoorden. De felle regen duurde niet zo lang, maar daarna bleef het nog enige tijd lichtjes verder regenen aan de achterzijde van het front waarbij de bewolking uit Nimbostratus en Stratus fractus bestond. Uiteindelijk verschenen er in het noorden opklaringen, maar wie van de neerslag verlost dacht te zijn, had het behoorlijk mis want er volgden opnieuw een aantal flinke buien. Na een tijdje werden de opklaringen breder en hielden de buien het eveneens voor bekeken zodat we weer konden genieten van flink wat zon aan een met onschuldig ogende stapelwolkjes getooide, diepblauwe lucht. Rond de middag zag deze er behoorlijk indrukwekkend uit doordat er in het zuiden een scherp afgelijnde laag van netjes geordende Altocumuluswolkjes verscheen waaronder zich stapelwolken vormden die zich in lange wolkenstraten schikten die min of meer evenwijdig liepen met de Altocumuluslaag. Hiervan konden we een paar uurtjes genieten voordat de Altocumulusbewolking weer helemaal verdween. Ondertussen zag het kwik haar kans schoon om in de opklaringen stiekem naar 17,5 graden te sluipen, wat meteen ook de maximumtemperatuur werd. Op het einde van de namiddag begonnen een tweetal van de eerdergenoemde stapelwolkjes er 'verdacht' uit te zien doordat ze langzaam in volume toenamen terwijl de rest van de wolkjes al bijna volledig waren weggeschrompeld door de afnemende thermiek. En inderdaad: vanuit het noordwesten kwam prompt een nieuwe buienlijn aanzetten die met een spektaculaire wallcloud, whale's mouth en rukwinden tot 40,2 km/h uit het west- zuidwesten weer een mooie show wist te brengen. De neerslag dat het ding produceerde was echter niet overdreven en er zat ook geen onweer of hagel op, in tegenstelling tot de buien die onze noorderburen vandaag voor de kiezen kregen. Nadat de buienlijn was overgetrokken, keerde de rust weer, maar begon het flink af te koelen onder de steeds bredere opklaringen die na zonsondergang kwamen voorbijgedreven. Al het buien en fronten- geweld bleek goed te zijn voor 3,4 mm als dagtotaal.
Het grootste deel van de nacht werd gekenmerkt door regen en motregen, maar bij het krieken van de dag werd het dan alsnog droog onder het gesloten Stratus wolkendek dat over Tokyo hing. De wegen lagen er nog kletsnat bij, en de bewolking bleef tot kort voor de middag hangen zij het dat ze geleidelijk dunner werd. Daarna ging ze over in Stratus fractus en deze wolkenflarden groeiden uit tot Cumuluswolkjes. Ze spreidden zich uit tot Stratocumulusveldjes en dit was het weersbeeld dat ons bij het opstijgen naar Londen begeleidde. Zoals wel te verwachten was, hingen deze wolken vooral boven land en was het boven de Japanse zee helder terwijl er in het oosten Altocumulusbewolking te zien was van het wegtrekkende warmtefront. Boven China waren er weer stapelwolkjes te zien, maar deze spreidden zich niet uit en ze werden schaarser en kleiner terwijl we naar het noordwesten vlogen. In het noorden van Siberië was het helemaal helder en ontvouwde zich een winters maanlandschap met besneeuwde toendra's waar hier en daar half bevroren riviertjes doorliepen. Toen we even later boven de Noordelijke Ijszee aankwamen werd het terug bewolkt (Stratocumulus) door de vochtige zeelucht waar we in (boven) terecht kwamen. De Global Warming liet duidelijk haar sporen na want er was niet het kleinste spoor van ijsbergen of pakijs te zien voor zover het oog reikte. Ten westen van Nova Zembla kwamen we in onstabiele lucht terecht waardoor er Cumulus congestus ontstond die beneden voor sneeuwbuien en boven voor turbulentie zorgde. Deze ging in het noorden van Noorwegen weer over in Cumulus die uitspreidde tot Stratocumulus zoals bij het opstijgen in Tokyo maar vermoedelijk stukken frisser. Een heldere hemel maakte vervolgens haar opwachting in Fins Lapland waarna Stratocumulusvelden ter hoogte van Stockholm het roer overnamen tot net ten noorden van Nederland waar duidelijk nazomerweer heerste. Een heel verschil met de aankomst in Londen waar een hyperactief koufront haar woede op het vliegtuig bekoelde en voor een bijzonder ruwe crosswind landing zorgde. Bij de vlucht naar Schiphol lag het front reeds boven Nederland waar het even voordien nog helder was, en ook hier kwamen flinke rukwinden en pittige regenvlagen voor. Bij de terugtocht naar Malderen regende het nog steeds goed door en daarna vonden we een bijna zwemmend weerstation terug terwijl het nog een hele tijd naregende of motregende.
Na een andermaal tamelijk frisse en erg nevelige nacht werd het vandaag weer stralend zomerweer. De temperaturen die vanochtend rond 10,6 graden schommelden deden niet meteen vermoeden dat we maxima van 28,5 graden zouden optekenen, maar eens de zon op was warmde het inderdaad razendsnel op en ging het meteen drukkend aanvoelen, zelfs in de schaduw. Nu was er geen enkel teken van bewolking te bespeuren en stond er ook erg weinig wind met hooguit 9,7 km/h uit het oost- zuidoosten. Zelfs op winderige plaatsen zoals kustlijnen en op zeeboeien werd nauwelijks wind gemeten vandaag. Na zonsondergang koelde het weer bliksemsnel af en werd er terug op grote schaal dauw gevormd, net als de voorbije dagen. Het neerslagtoaal bleef uiteraard steken op 0,0 mm.
We bevonden ons vanochtend nog steeds in de opklaringen aan de voorzijde van het koufront. Hoewel dit in theorie tropische lucht is, kon het onder de open hemel nog afkoelen tot 8,3 graden. Bij het aanbreken van de schemering zagen we dat de ijle sluierwolken gezelschap hebben gekregen van Altocumulus lenticularis en undulatus wolken. Deze breidden zich over het ganse luchtruim uit, maar het koufront waar dit alles bijhoorde bleek niet bepaald actief te zijn. Er bleven brede opklaringen over en de zon kreeg ruime kansen om het terug te laten opwarmen tot 20,8 graden. Wel stond er redelijk wat wind met uitschieters tot 30,6 km/h uit het zuid- zuidwesten. Op het einde van de namiddag kwam er meer bewolking opzetten die vooral uit Altostratus en Stratocumulusvelden bestond en deze was de voorbode van een sombere maar tamelijk rustige avond. Want ook nu viel er maar amper neerslag op een paar buitjes met een tiental regendruppels na. De wind zwakte geleidelijk af en we sloten af met een neerslagtotaal van 0,0 mm.
Het was vanochtend opnieuw aan de frisse kant bij minima van 6,4 graden, wat natuurlijk niet verwonderlijk was met een heldere hemel en van origine continentaal polaire lucht. Helemaal wolkenloos was het nochtans niet want in het noordoosten was een band van Stratocumulus te zien die min of meer ter plaatse bleef hangen. Daar de zon in deze tijd van het jaar alleen nog maar aan de zuidelijke helft van de hemel kwam merkten we er in Malderen echter niets van en konden we ons andermaal opmaken voor een stralende nazomerdag. Het warmde snel op en we haalden maxima van 19,7 graden terwijl er net als de voorbije dagen weer een schrale, uitdrogende oostelijke wind stond. Tegen de middag hing de wolkenband er nog steeds maar ze was dunner geworden waardoor we nu op fijne, witte wolkjes keken waar de zon waarschijnlijk vlot doorheen kon breken. Na de middag verdween de wolkenband grotendeels en had de zon het weer helemaal voor het zeggen. Wel stond er nog steeds een schrale oostelijke tot zuidoostelijke wind die 's avonds dan misschien wel ging liggen, maar plaats maakte voor een flinke afkoeling. We eindigden met een neerslagtotaal van 0,0 mm in een door de kurkdroge lucht vrijwel dauwvrije omgeving.
Alle resterende bewolking is tijdens de nacht opgelost en we keken vanochtend tegen een schitterende sterrenhemel aan die gevolgd werd door een diepblauwe lucht. Vooral boven ons dan, want de onderste luchtlaag was blijkbaar erg vochtig en nevelig waardoor de zichbaarheid in horizontale richting nogal tegenviel. Tot echte mist kwam het echter niet, en de zon kon dan ook al vanaf de eerste seconde haar werk doen om de minima van 9,9 graden om te zetten in maxima van 23,4 graden. Hier en daar waren wat vliegtuigstrepen te zien en tijdens de namiddag werd de lucht helderder terwijl er stapelwolken werden gevormd. Later dreef er Stratocumulus bewolking binnen vanuit het noorden, maar dit bleef zonder verdere gevolgen. De bewolking was gebroken en zorgde voor een sfeervol plaatje in de zachte kleuren en dito temperaturen van de avond.
Geen Flashback op Weerwoord wegens ziekte, panne of buitenlandse reis? Lees de Flashback nu ook op mijn website! Elke dag automatisch bijgewerkt vanaf 0H01 Belgische tijd, voor alle datums vanaf 1 mei 2004.