We kregen net als gisteren opnieuw een zwaar bewolkte dag, zij het dat het wolkendek met momenten erg dun was waardoor het leek of de zon alsnog een doorbraak zou kunnen forceren voor langere tijd doch in de loop van de namiddag is de bewolking dan weer flink gaan toenemen (lees: aandikken) waardoor de rest van de daglichtperiode erg somber oogde. Het was wel erg zacht: de temperaturen schommelden tussen 7,4 en 9,9 graden, onder begeleiding van en zuidwestelijk briesje dat maximaal 18 km/h haalde. Het bleef ook zowat de ganse dag droog op uitzondering van een verdwaalde motregendruppel in de avond, maar de toegenomen bewolking is een voorbode van een zwakke regenzone die de komende nacht nog meer verdwaalde motregendruppels op Malders grondgebied zal droppen. Na morgen een tijdelijk droog intermezzo te zullen krijgen, komt dan in de namiddag het zwaardere werk met een erg aktieve regenzone die zich met de Lage Landen een tijdlang zal bezighouden. Ook de verdere vooruitzichten zijn wisselvallig maar vorstvrij.
Door de opklaringen is het kwik er uiteindelijk toch nog in geslaagd om beneden het vriespunt te duiken, al was het maar nipt bij -0,7 graden. Voor de talloze sneeuwmannen waarmee Vlaanderen bevolkt is, was dit natuurlijk een zegen, en het feit dat de temperatuur ook overdag niet hoger dan 5,6 graden (tuineffekt inbegrepen) raakte zorgde ervoor dat de sneeuwlaag ook vandaag nog gedeeltelijk intact bleef, al zijn de gevolgen van het dooiproces reeds goed merkbaar. We hielden het overigens niet droog vandaag, zo waren er vooral in de nacht en vroege ochtend enkele buien van stofhagel en natte sneeuw aktief terwijl we te Malderen ook rond de middag op een zeer licht exemplaartje vergast werden, alles tesamen + het smeltwater van de ondergesneeuwde pluviometer leverden vandaag 4,0 mm op, doch na de middag bleef het dan volledig droog bij een wisselende bewolking zodat de zon zich af en toe ook eens kon laten zien, en dit terwijl de wind zich koest hield met maximaal 11 km/h uit het noordwesten. Het kwik stevent echter weer op het vriespunt af zodat de sneeuw zonder problemen tot morgen zal overleven. Enkele buitjes kunnen nog voor wat aanvulling zorgen, maar op de meeste plaatsen zal het droog blijven, en dit wellicht tot vrijdag wanneer een volgende regenzone door het land zal spoelen. Gedurende de ganse periode blijft de aangevoerde lucht van polaire of arctische oorsprong waardoor we niet meteen op hoge temperaturen hoeven te rekenen, maar de regen op vrijdag zou gewoon onder vloeibare vorm afgeleverd worden.
Hoewel we de hoogste temperaturen reeds achter de rug hebben sinds zaterdagmiddag, werd het ook vandaag een erg aangename, zachte herfstdag met nazomertrekjes waarbij de opklaringen breed uitvielen en er de hele dag door volop van de zon kon geprofiteerd worden. Er dreven wat wolkenvelden voorbij die voornamelijk uit Stratocumulus, Altocumulus en een weinig Cumulus fractus bestonden, maar deze gooiden zeker geen roet in het eten. De temperatuur liep onder begeleiding van dit alles geleidelijk op van 7,1 naar 17,1 graden terwijl er nog behoorlijk wat wind stond uit het zuid- zuidwesten (tot 33,8 km/h). Het weersbeeld veranderde nauwelijks na het intreden van de duisternis, al leek de bewolking hierbij nog verder af te nemen. Het bleef ondanks de afwezigheid van isolerende wolkenmassa's lang zacht bij temperaturen die nog het grootste deel van de avond rond de twaalf graden bleven hangen. Neerslag van betekenis is er op geen enkel moment gevallen waardoor we de dag konden afsluiten met de 0,0 mm waarmee we vanochtend zijn van start gegaan.
Vanochtend was het nog steeds niet droog, maar er waren wel opklaringen waardoor we in het felle maanlicht nog konden genieten van fraaie wolkenstructuren die te Malderen verantwoordelijk waren voor de lichte regen die er viel. Korte tijd later was het echter uit met de pret want nog voor zonsopgang sloeg het weer volledig om. Er vormde zich Stratusbewolking die de buiencomplexen aan het oog onttrok en de opklaringen inruilde voor een sombere, grijze wolkenlucht. Het werd bovendien erg nevelig terwijl het plaatselijk tot mist kwam. Tijdens de voormiddag veranderde dit weersbeeld nauwelijks, al was er wel nog wat structuur in de wolken te zien. De neerslag bestond nu hoofdzakelijk uit motregen en lichte regen die van tijd tot tijd naar beneden kwam. Na de middag bleef het weersbeeld nagenoeg onveranderd, al bleef het dan voor het grootste deel droog. Hetzelfde geldt voor de avond waardoor deze dag in rustige en droge omstandigheden ten einde loopt. Met temperaturen tussen 4,9 en 7,7 graden zaten we weer aardig in de buurt van de normaalwaarden voor eind november terwijl de dag voorts werd gekenmerkt door een zwakke zuidwestenwind met snelheden tot 12,9 km/h. De neerslag die zich vooral op de ochtend en voormiddag consentreerde, bleek goed te zijn voor een schamele 0,2 mm.
Veel leven leek er vandaag niet meer in het weersgebeuren te zitten. We begonnen de dag onder een somber Stratus wolkendek waaronder het erg nevelig en plaatselijk mistig werd, terwijl de temperaturen zich aanvankelijk ophielden bij 3,7 graden. In de loop van de voormiddag trok de nevel/mist op en wakkerde de zuidwestenwind geleidelijk aan tot 40,2 km/h. Het wolkendek was duidelijk niet opgewassen tegen al dat 'geweld' en scheurde uiteen tot Stratus fractus. Hogerop in de atmosfeer stond echter een dikke Altostratuslaag klaar om in de 'bres' te springen bij de strijd tegen de zon, waardoor het nog steeds grijs en betrokken bleef. Bijkomende versterking had de bewolking niet nodig, maar die is er toch nog gekomen in de vorm van Altocumulus en Stratocumulusbewolking die zich eronder ontwikkelde. Bovendien kwam er geleidelijk koelere lucht binnengestroomd waardoor het vooral 's avonds guur en onaangenaam aanvoelde. Voor regen en motregen werd eveneens gezorgd al bleven de hoeveelheden binnen de perken (0,2 mm) en verliep het grootste deel van de namiddag nog droog. De afkoeling zette zich tijdens de avond langzaam verder, maar de minima van afgelopen nacht werden niet meer bijgesteld. Overdag waren er daarentegen nog maxima van 6,4 graden mogelijk.
Afgelopen nacht is er opnieuw een beetje rust en stilte in het weersgebeuren gekomen, en ontwaakten we onder een met Stratocumulusvelden bedekte hemel. De temperatuur is hierbij weer gestegen 8,7 graden om 4H30. Tussen de laaghangende Stratocumulusvelden waren er wat opklaringen te zien, en het was hierin dat we de aambeeldvormige contouren van nieuwe buienwolken konden ontwaren als verwittiging dat we nog niet van de buiigheid verlost waren. Rond zonsopgang kwam het op sommige plaatsen inderdaad weer tot buien, maar deze werden op hun beurt opnieuw gevolgd door een rustige en droge periode met brede opklaringen. De warmte was nu echter grotendeels weggespoeld, want het kwik was omstreeks 8H reeds weggedoken naar 6,4 graden. Tussen de opklaringen was echter opnieuw Cirrus densus te zien die vanuit het westen kwam opzetten en het begin van nog meer regen en buien betekende. De eerder genoemde wolken gingen snel over in Altostratus waartussen Stratus fractus, Cumulus en Cumulonimbuswolken opdoken, waarbij deze laatsten op sommige plaatsen reeds voor de middag nieuwe buien wisten te droppen. De samengekoekte buiencluster zorgde voor een betrokken weerbeeld waardoor we uiteindelijk met een klassieke Nimbostratuslucht te maken kregen waaruit het matig ging regenen. Tijdens het tweede deel van de namiddag ging het echter weer de 'goede' kant uit en kwam er weer wat ruimte tussen de afzonderlijke buienwolken. Dit liet een paar vluchtige zonnestraaltjes toe terwijl de buienwolken zelf prima tot hun recht kwamen in het zachte avondlicht. Dat de zonsondergang in schoonheid plaatsvond was dan ook geen wonder, maar van de buien bleven we hierdoor niet gespaard. Integendeel, na het vallen van de duisternis leek de activiteit zelfs nog toe te nemen en kregen we opnieuw met vrijwel continue regenval te maken. Dat het neerslagtotaal opliep tot 8,0 mm was dan ook al evenmin een wonder, maar de temperaturen bleven bij dit alles aan de zachte kant met maxima van 8,7 graden tot gevolg. Daar stond dan weer een krachtige west- zuidwestenwind tegenover dit het met haar snelheden tot 51,5 km/h erg guur deed aanvoelen.
Terwijl het westen van het land koud toegedekt lag onder een dikke sneeuwvacht met Stratusbewolking erboven, ontwaakte het kale Malderen onder een afwisseling van Stratocumulus en Stratus fractus bewolking bij minima van -0,3 graden. Er volgden brede opklaringen waardoor het vooral achter glas aangenaam toeven was. De bewolking werd naar het westen verdreven waardoor de zon na verloop van tijd in zowat het hele land kon doorbreken. De maxima liepen op tot 3,8 graden maar de dauwpunten bleven rond of net onder het vriespunt waardoor eventuele sneeuw en rijp op beschaduwde plekjes nauwelijks afsmolten. De opklaringen werden nog breder tijdens de avond, de tot 27,4 km/h uithalende zuidwestenwind ging liggen en zo waren we meteen gelanceerd voor een flinke afkoeling die de minima van vanochtend tegen middernacht scherpstelde naar -2,4 graden. De weinige natte sneeuw- klodders die afgelopen nacht nog tot in Malderen konden doordringen, waren verantwoordelijk voor het neerslagtotaal van 0,2 mm.
Vandaag stond er een koufrontpassage op het programma, en de warmte die ons afgelopen nacht zacht hield bij temperaturen die niet beneden een zevental graden zakten, was dan ook geen lang leven meer beschoren. De bewolking bestond eerst uit Stratus fractus die zich in grote banden gingen schikken welke van zuid-zuidwest naar oost- noordoost liepen. Met de opklaringen daartussen zorgde dit voor een dramatisch uitzicht. Telkens er zo'n band boven ons hing, kwam het tot wat lichte motregen, en daarna volgde een periode met lichte tot matige regenval terwijl de wind aanwakkerde tot 45,1 km/h uit het westen. Het leek wel alsof we een ruige herfstdag voor de boeg hadden, maar voor we het wisten klaarde het plots op en keken we aan tegen een vrolijke nazomerlucht met donzige stapelwolkjes en een aangenaam zonnetje alsof we al dagen niet anders dan dat gekend hebben. De wind zwakte af, maar het ging gelijk ook onaangenaam aanvoelen want het koelde snel af naar zonsondergang toe terwijl het oplossen van de stapelwolkjes een sterke nachtelijke afkoeling met vorst in de hand zal werken. Tegen middernacht was het reeds afgekoeld tot 1,4 graden terwijl de maxima reeds voor de middag werden gehaald met 12,5 graden.
De buienactiviteit is tijdens het tweede deel van de nacht zoals verwacht toegenomen waardoor de omgeving er vanochtend nat bij lag. Toen kregen we een afwisseling van opklaringen en wolkenvelden (Stratocumulus en Cumulus) te zien waartussen nog een aantal buien verscholen zaten. Koud was het zeker niet bij een zevental graden omstreeks 6H maar er stroomde steeds koelere polaire lucht binnen. Hierdoor steeg de temperatuur overdag maar nauwelijks (tot 9,4 graden) en zette de avondlijke afkoeling zich al kort na de middag in. De wind zwakte af naarmate de dag vorderde, dankzij de kern van een lagedrukgebied dat boven ons kwam te liggen. De maximumsnelheid werd dan ook al vroeg bereikt en bedroeg 30,6 km/h uit zuid- zuidwestelijke richting. Het trogvormige lagedrukgebied markeerde de overgang van zachte zuidwestenwinden naar koele noorden tot noordoostenwinden. In tegenstelling tot wat je bij zo'n lagedrukgebied zou verwachten bleef het in Malderen zo goed als droog al waren er wel degelijk onweersbuien aan verbonden. Liefhebbers hiervan moesten het echter boven de zee gaan zoeken waar deze weinig georganiseerde buien een meeting organiseerden. De avond werd gekenmerkt door Stratocumulusvelden die vrijwel ter plaatse bleven hangen en opklaringen waarin we de minima van 3,6 graden bereikten. Op dakramen en auto's waren hier en daar al een paar ijskristallen te zien maar met een neerslagtotaal van 0,2 mm viel er eigenlijk niet veel te kristalliseren.
Zoals wel verwacht kon worden werd er massaal nevel en mist gevormd waardoor we het daglicht in een dichte erwtensoep zagen terugkeren. Het vroor niet bij minima van 0,7 graden, maar toch vroor de mist aan op auto's en metalen voorwerpen. Voor wie zich hoger dan het 15de verdiep van een gebouw (of gelijkwaardig in vliegtuigen, kranen of dakwerken) bevond, zag het weer er een stuk boeiender uit. De mistlaag was immers maar een twintigtal meter dik en na zonsopgang kregen deze mensen uitzicht op een uitgestrekt Stratocumulusveld dat van onderaf door de zon werd aangeschenen. De oranjerode kleuren zorgden ervoor dat het leek alsof de hemel in vuur en vlam stond. De begane grond was ondertussen onzichtbaar door de eerdergenoemde mistlaag waardoor het leek alsof we op vele kilometers hoogte door de wolken vlogen. Dit gevoel werd ook nog eens versterkt door een low level jet die ervoor zorgde dat mistflarden aan een enorme snelheid door de lucht vlogen terwijl er op de begane grond een doodse stilte heerste bij een ontbrekende wind in een saaie zwartwitwereld. Korte tijd later doofden de oranjerode kleuren boven ons uit, maar was het de mistlaag die van bovenaf werd beschenen in geelachtige kleuren, en ondertussen werden er flinke valstrepen (virga) zichtbaar uit het Stratocumulusveld die eveneens knalgeel oplichtten. Alles zag er hierdoor surrealistisch uit en het leek alsof we ons in de hemel bevonden. Een enorm verschil met de begane grond waar het weer van de voormiddag eigenlijk al in een vijftal woorden kon beschreven worden. Hoe dan ook, na de middag werd men op alle niveau's gelijkwaardig behandeld want de mist loste op en we kregen nu uitzicht op prachtig geribbelde Altocumulusvelden terwijl er een zacht briesje uit veranderlijke richtingen stond. De zon kwam er af en toe door en het zachte licht van de laagstaande novemberzon zorgde ervoor dat alles in een gouden herfstgloed werd gehuld. Behalve als het Nederlands was, want ten noorden van onze landsgrenzen raakte men moeilijk of helemaal niet van de mistlaag verlost. De temperaturen liepen op tot 7,8 graden maar tijdens de avond ging het door de opklaringen tamelijk snel afkoelen en ontstond er al snel een nevelige waas waarop mist en laaghangende bewolking werd gevormd. De vrijkomende condensatiewarmte en subtropische zeelucht die later over ons uitstroomde zorgde ervoor dat de afkoeling een halt werd toegeropen en we op een zestal graden bleven steken. We sloten de avond af in nevelige tot mistige omstandigheden bij een neerslagtotaal van 0,0 mm.
Het voelde vanochtend varrassend zacht aan bij temperaturen die tegen zonsopgang rond 8 graden schommelden. Daar hoorde een gesloten wolkendek bij (Stratus) en af en toe viel daar wat heel lichte motregen uit. Dit weersbeeld moesten we dan de rest van de dag met ons meezeulen waarbij de zachte temperaturen een zegen waren en de wolken met motregen een vloek. Enkel kort voor de middag klaarde het even op bij een in Stratocumulus overgaand wolkendek al waren er optische hulpmiddelen (telescopen, verrekijkers) nodig om deze te kunnen herkennen. Het aflezen van de maxima van 11,1 graden was in ieder geval gemakkelijker. Tijdens de namiddag werd de bewolking weer dikker en ging het vooral om Stratus waaronder Stratus fractus hing. Het geheel oogde wat luchtiger dan de Stratus die we vanmorgen zagen en daar zat het binnenstromen van drogere en koelere landlucht voor iets tussen. Naar de avond toe ging het ondanks die drogere landlucht weer lichtjes motregenen en moesten we wachten tot rond 19H voordat het definitief droog werd. Voor zover het al nat was natuurlijk met een neerslagtotaal van 0,2 mm. Tijdens de avond begon de koude landlucht voelbaar te worden door een zekere kilte die in de lucht leek te hangen. De uiteindelijke minima werden ook tegen middernacht pas bereikt met 7,7 graden.
Geen Flashback op Weerwoord wegens ziekte, panne of buitenlandse reis? Lees de Flashback nu ook op mijn website! Elke dag automatisch bijgewerkt vanaf 0H01 Belgische tijd, voor alle datums vanaf 1 mei 2004.