de vorming van de rug en het hogedrukgebied hangen grotendeels af van de trog op de Oceaan (dus van de straalstroom - sterk meanderend of niet).
De koudeuitbraak is niet scherp/intens genoeg, de ontstane WAA is niet krachtig genoeg en ook de richting van de oceeaanadvectie is onvoldoende. Dat komt door de compacte poolwervel en de ligging van de koudepool.
Hét probleem is de plas kou tussen Groenland en Spotsbergen. Hierdoor worden constant allerlei laagjes gevoed die een eventuele rugopbouw zouden hinderen. De kou wordt W-O georiënteerd en op het scheidingsvlak van de luchtmassa's (de sterke gradiënt) diepen storingen fel uit.
Hierbij toon ik tevens hét schoolvoorbeeld van een goede koudeuitbraak: januari 1985. Kijk eens hoe een poolwervel split icm de sterke meanderende jet zorgden voor een historische rugopbouw.
Dat Eurohoog is niet echt hét kernprobleem, het is wel een gevolg van de ongunstige licht meanderende straalstroom, met kleine uitslaande golven zodat we vaak in de opgaande tak zitten op de rand van het hoog. De kou blijft zich ophouden rond Groenland-Spitsbergen, door de sterke poolwervel. Zolang het daar niet opwarmt zitten we vast.
Bij een sterk meanderende setting (vaak na een split) daarentegen zit je zelden met zo'n hardnekkig eurohoog, de jet maakt diepe meridionale bewegingen en je krijgt depressies die vaak de MZ induiken. Enfin, het eurohoog is meer het symptoom van de foute setting dan de oorzaak ervan.
Grts
Quote selectie