Ons weer komt in dergelijke situaties veel van kleine laagjes die onderdoor moeten. Maar nu vraag ik mij af wat de exacte reden is dat deze laagjes meestal zeer veel moeite hebben om net die 200km zuidelijker onderdoor te gaan? We zien het het heel regelmatig: er worden laagjes berekend op de middellange termijn en naarmate de termijn begint te korten, wordt het steeds duidelijker: het laagje heeft de grootste moeite om tot onder België te geraken en blijft meestal ten noorden van Midden-Nederland. Is hier een natuurkundige reden voor? Misschien omdat er gemiddeld gezien meer hogedruk aanwezig is in Zuid-Europa en België nu eenmaal zuidelijker ligt?
Quote selectie