Vandaag viel het erg mee met de voorspelde regen: enkel tijdens de voormiddag werden we geplaagd door lichte regen en motregen onder een betrokken hemel, maar vervolgens werd het droog en na de middag kregen we af en toe zowaar de zon te zien. Maar erg overtuigend was het niet want de bewolking bleef de overgrote meerderheid behouden. Een blik op de thermometer was dan meer bevredigend want we haalden vandaag temperaturen tussen 10,1 en 17,5 graden zij het dan bij een krachtige zuidwestenwind tot 40 km/h waardoor het kouder aanvoelde. De regenachtige schermutselingen waren vanmorgen nog goed voor 1,0 mm. Terwijl Malderen op dit ogenblik tegen een verder opklarende hemel opkijkt is de bewolking in het westen weer dreigender geworden en zou het de komende nacht weer vanuit het westen kunnen gaan druppelen. Het weekend zou dan weer eerder droog moeten verlopen maar onder frissere omstandigheden.
Het begin van de dag zag er veelbelovend uit toen het hardnekkige wolkendek dat ons vanochtend nog in haar greep hield, geleidelijk plaats maakte voor een luchtiger aandoende hemel waarin rond de middag diverse opklaringen hun intrede deden. Maar de lentepret was slechts van korte duur want al snel werd alles vanuit het westen weer hermetisch afgesloten terwijl de eerste regendruppels niet lang op zich lieten wachten. Tijdens de avonduurtjes viel het natte goedje aan een behoorlijk tempo in de Malderse pluviometer, waardoor we uitkwamen op 2,6 mm toen kort na zonsondergang de eerste opklaringen weer vanuit het noorden kwamen opdagen. Tegelijk kwam ook koelere lucht opzetten wat zich vertaalde in de temperaturen die in de namiddag nog 14,5 graden haalden maar bij zonsondergang reeds waren ingekrompen naar een achttal graden, waarbij we de minima wellicht rond middernacht zullen bereiken. Naast de regen liet ook de noordwestelijke wind zich goed voelen met snelheden tot 31 km/h al viel dit nog aardig mee in vergelijking met gisteren. Hoe bedriegelijk mooi de noordelijke opklaringen er ook mogen uitzien, vanuit het zuidwesten is reeds een erg aktieve randstoring onderweg richting Malderen waardoor ook morgen een enigzins verwaterde dag dreigt te worden. De vooruitzichten voor zondag zijn eveneens aan de vochtige kant.
Na het subtropische weer van gisteren deden we er vandaag nog een schepje bovenop. Onder een afwisseling van dunne sluierwolkjes en diepblauwe luchten, klom het kwik, dat voor het eerst deze maand boven de tien graden bleef (10,2 als minimum) tot dicht bij de magische grens van 30 graden. Natuurlijk speelde hierbij het tuineffekt mee, maar toch blijft deze 29,4 graden die we in de late namiddag optekenden, zeer ongewoon voor Malderen in deze tijd van het jaar. Er stond wel iets meer wind met 17,7 km/h uit het noordoosten. De afwisseling van sluierwolkjes en opklaringen gaat ook tijdens de avond rustig door waarbij het nog een stuk zwoeler is dan gisteren rond deze tijd. Opnieuw was er van neerslag in de verste verte niets te bespeuren en wordt deze dag in hoogzomerse sfeer afgesloten.
Opnieuw beginnen we de dag met veel wolken en van tijd tot tijd wat lichte regen, doch deze keer stralen ze een zomerse sfeer uit doordat ze uit een combinatie van Altostratus en Altocumulus castellanus bestaan. Het doet denken aan een zwoele atmosfeer waar elk moment een warmte- onweer kan uit losbarsten. De temperaturen deden echter minder zomers aan al zakten ze niet beneden de 6,7 graden. Tijdens de voormiddag wijkte de aanwezige bewolking voor opklaringen, maar er blijft nog veel Altostratusbewolking over. Zodra de zon erdoor priemde, werd de atmosfeer snel onstabiel en werden er prompt stapelwolken gevormd die na vrij korte tijd uitgroeiden tot een aantal flinke buien waarop ook onweer zat. Dit was vooral tijdens de namiddag het geval, waarbij Malderen bij wijze van uitzondering eens niet werd overgeslagen dor de onweersgoden. De opbollende buienwolken brachten echter niet alleen spektakel want na verloop van tijd werd zowat het ganse luchtruim dichtgesmeerd met aambeeldbewolking waardoor het weersbeeld er geleidelijk somberder op werd en de opwarming overdag aardig werd afgeremd; We moesten ons dus tevreden stellen met maxima van 15,8 graden. Tegen de avond nam de bewolking langzaam maar zeker weer af tot er na zonsondergang enkel nog wat verspreide Stratocumulus en Cirrusbewolking te zien was. De neerslag die (onderandere) tijdens het onweer viel bracht het dagtotaal op 6,0 mm terwijl het een vrij rustige dag was met windsnelheden tot 22,5 km/h uit het noord- noordwesten.
Als ontbijt kregen we vanmorgen al een flinke kom erwtensoep voorgeschoteld waardoor het meer herfst dan lente leek. De temperaturen die door de koude zeewind naar 5,5 graden waren gekelderd, deden ons de zwoele zomernachten van de afgelopen week al snel vergeten. Gelukkig was het mistverhaaltje slechts van korte duur en ontstonden er opklaringen zodra de zon goed en wel boven de horizon was opgerezen. Op het eerste zicht leek het een rustieke, in zachte kleuren gehulde atmosfeer te zijn, doch wie goed keek kon in het oosten de aambeeldvormige silhouetten van Cumulonimbusbewolking herkennen. Er was dus onweer in de buurt. Dit onweer naar de dorstige plantengemeenschap te Malderen krijgen, was echter een ander paar mouwen want de buienwolken trokken zich terug in oostelijke richting. Ook de Altocumulusveldjes die ze begeleidden verdwenen, en wat volgde was een lenteachtig aandoende voormiddag in een heldere maar nogal nevelig aandoende atmosfeer. Hierin kon het flink opwarmen waardoor we hoger uitkwamen dan gisteren met temperaturen die op 23,0 graden piekten. De nevelige atmosfeer was erg verraderlijk doordat eventuele onweerswolken moeilijk konden opgemerkt worden. Maar omstreeks 19H zagen we in het zuiden dan alsnog de statige toppen van zo'n onweer boven de nevelige soep uittorenen, afkomstig van een convergentielijntje dat vanuit Frankrijk langzaam dichterbij kwam. Korte tijd later kwam er massaal Stratocumulus castellanus en Cumulus congestus opzetten terwijl de nog steeds nevelige lucht oranje kleurde en de zon in een bloedrode schijf veranderde. De wolken werden duidelijk door een zuidoostelijke stroming meegevoerd, maar het vervolg stelde weinig voor met een windvlaag die snelheden tot 29,0 km/h uit het noordoosten haalde en vooral veel dreigende bewolking. Na zonsondergang begon het lichtjes te druppelen en later was er in de verte een enkele donder hoorbaar. Dit werd gevolgd door nog wat licht gedruppel, maar meer dan 0,0 mm leverde dit niet op. De rust keerde al snel weer in deze zwaarbewolkte en zwoele avond.
Het was vanochtend opnieuw zo goed als helder waardoor het alsnog is kunnen afkoelen tot 3,7 graden. Toen het weer licht was, keken we echter tegen een grijs Stratus wolkendek aan waardoor er van het lentegevoel niet veel meer overbleef. Gelukkig was dit maar een tijdelijk gebeuren, en loste de Stratusbewolking halverwege de voormiddag grotendeels op. Er werd nu plaats gemaakt voor een fletse blauwe lucht waarin de zon het liet opwarmen tot 16,9 graden. Er stak een noord- noordoostenwind op die snelheden tot 22,5 km/h haalde en er werden in de loop van de voormiddag stapelwolkjes gevormd (Cumulus mediocris). De lucht was echter voldoende stabiel om buienvorming te voorkomen, al hadden sommige exemplaren toch nog dreigende afmetingen. Hoe dan ook, tijdens de avond zakten ze weer als puddingen in elkaar en werd het tijdelijk volledig helder. Met nadruk op tijdelijk, want kort na zonsondergang dreven er vanuit het noorden weer Stratocumulusvelden binnen zodat de rest van de avond onder halfbewolkte omstandigheden verliep. Een zegen voor het kwik, want het koelde hierdoor een stuk langzamer af en we hoeven dan ook niet te vrezen voor nachtvorst. De wolkenvelden brachten geen neerslag voort zodat we het bij 0,0 mm hielden als dagtotaal. Ook de komende dagen lijkt er geen neerslag van betekenis in te zitten, en lijkt het erop dat we weer middenin een droogteperiode zijn terechtgekomen. Volgens de laatste weermodellen zal de dorstige natuur ook nog af te rekenen krijgen met nachtvorst komende weekend en begin volgende week...
Van vorst of witberijpte toestanden was er deze keer geen sprake want het kwik is onder de bewolking op niveau gevleven met 6,3 graden als minimum. De dreigende mix van Altostratus en Stratocumulus castellanus deed erg zomers aan en wekte de indruk dat er onweer in de lucht hing, doch het bleef rustig. De castellanus bewolking ging geleidelijk over in meer aaneengesloten Stratus waardoor de voormiddag in sombere en kille omstandigheden verliep. Hier en daar was nog wat Stratocumulus te herkennen terwijl de zon er af en toe zwakjes door zichtbaar was. Na de middag kwam de zon er door maar er was voortdurend Altocumulus en Altostratusbewolking waardoor het slechts bij een waterige verschijning bleef en de maxima bleven dan ook bescheiden met 14,9 graden. De bewolking werd op het einde van de namiddag weer dikker maar het bleef droog en vooral rustig met niet meer dan een zwak noord- noordoostelijk briesje tot 12,9 km/h. We sloten af onder een betrokken hemel met een neerslagtotaal van 0,0 mm.
De frisse ochtend met minima van 1,4 graden en grondvorst werd gevolgd door een tamelijk mooie lentedag met opklaringen en wolkenvelden. Deze wolken begonnen als een weinig Stratocumulus en werden gevolgd door Cumulus fractus die geleidelijk uitgroeide tot Cumulus mediocris. Deze liet voldoende ruimte voor een royale portie zonneschijn, maar halverwege de namiddag kwamen er toch een aantal buien tot ontwikkeling die in Malderen goed waren voor drie regendruppels. De temperaturen waren aan de lage kant met 13,9 graden, en met een noordelijke stroming was dat niet verwonderlijk. Niettemin was het aangenaam toeven in de zon en uit de wind. Op de weerkaarten zagen we een depressie vanuit de Middellandse zee 'opstijgen' in noordelijke zichting terwijl een hogedrukgebied op de oceaan zich net ten westen van ons probeerde op te werpen. Deze evolutie zorgde voor een toenemende drukgradiƫnt en terwijl de wind tijdens de avond normaal afzwakt, zagen we deze juist verder toenemen tot 32,2 km/ uit het noorden. Zodra de zon te laag stond om ons op te warmen, werd het onaangenaam en guur herfstweer al konden we de dag nog met een fraaie zonsondergang tenmidden van Stratocumulusveldjes en afstervende Cumuli afsluiten. De eerdergenoemde drie regendruppels bleken niet meetbaar te zijn zodat we 0,0 mm konden bijschrijven als dagtotaal.
De dag begon somber maar zeer zacht bij temperaturen die niet onder 11,7 graden gezakt zijn. De bewolking bestond uit Stratus die overging in Stratocumulus duplicatus waarna er opklaringen ontstonden. De zon ging hierin flink 'steken' en het ging tamelijk zwoel aanvoelen. Tegen de middag stak er een krachtige zuidenwind op die natuurlijk nodig was om al die subtropische lucht in haar originele verpakking op het onderkoelde West- Europa afgeleverd te krijgen. De snelheden liepen op tot 40,2 km/h en werden uit zuid- zuidwestelijke richting geregistreerd. Er ontstond Altocumulus lenticularis bewolking die meestal transparant was en de zon dus doorliet. Terwijl de wind aanwakkerde zagen we hoe vooral de laaghangende bewolking oploste tot er uiteindelijk vooral sluierbewolking overbleef die voor de zon nauwelijks een hindernis betekende. En voor het kwik, want we haalden voor het eerst de 20 graden- grens (en dan maar meteen ook die van 25 graden) met maxima van 25,2 graden. De sluierbewolking zorgde later voor een fraaie zonsondergang welke op haar beurt een erg zachte tot bijna zwoele avond en nacht inluidde. We sloten af met een neerslagtotaal van 0,0 mm.
Het was erg koel vanochtend maar vorstvrij bij minima van 7,1 graden. De bewolking bestond vooral uit Stratocumulus waar na verloop van tijd Cumulus wolken bij gevormd werden. Daartussen kreeg de lucht een iets dieper blauwe kleur, al werd het daarom zeker geen zomerweer. We kregen nu immers af te rekenen met een bijtend koude noord- noordwestenwind die tijdens de voormiddag flink aanspande en vervolgens als een trouwe waakhond alle terrasjes beschermde tegen eventuele bezoekers. De Stratocumulus wolken verdwenen tot er uiteindelijk alleen Cumulus overbleef die echter flinke afmetingen kreeg. Toch kwam het in Malderen niet tot buien en tijdens de avond rafelden de stapelwolken weer uit tot losse wolkenflarden en een enkel exemplaar dat tegen zonsondergang nog heel was. Deze wolkenresten zorgden samen met de diepblauwe lucht en de oranje volle maan die opkwam voor een mooi uitzicht maar het koelde snel af waardoor het niet zo goed lukte om daarvan te genieten. De wind zwakte na zonsondergang een beetje af al bleef ze ook dan nog goed voelbaar. Dit zorgde voor menging van luchtlagen waardoor het ondanks de brede opklaringen en de polaire luchtaanvoer onwaarschijnlijk is dat we morgenvroeg ook buiten de koelkast ijskristallen zullen aantreffen. Net als regendruppels trouwens, in ieder geval zitten ze niet in een pluviometer die 0,0 mm aangaf.
Geen Flashback op Weerwoord wegens ziekte, panne of buitenlandse reis? Lees de Flashback nu ook op mijn website! Elke dag automatisch bijgewerkt vanaf 0H01 Belgische tijd, voor alle datums vanaf 1 mei 2004.