Hoewel de eerste zonnestralen van de daglichtperiode nog konden doordringen tot op Malders grondgebied, verliep de rest van de dag in zwaarbewolkte omstandigheden waarbij de zon grotendeels buiten beeld werd geduwd. De temperaturen schommelden hierbij tussen 7,6 en 16,2 graden en de wind haalde maximum 26 km/h uit het noorden. De regenzone die nu pal over ons land ligt is ernstig verzwakt waardoor de neerslag beperkt bleef tot wat sporadisch gedruppel waarbij opviel dat deze druppels erg dik waren. Het zuiden van het land heeft een aktiever deel van de regenzone moeten verwerken, namelijk het tripelpunt van de depressie waar gewoonlijk de meeste neerslag in voorkomt. Het warmtefront ligt momenteel boven Malderen en het eveneens aktievere koufront ligt nog boven Frankrijk maar zal komende nacht over het land gaan slepen waarbij moeilijk is uit te maken waar het front zal tot stilstand komen. Een verschuiving van tien km tov de voorspellingen kan al het verschil uitmaken tussen zware regenval met wateroverlast en een droge dag. Wellicht krijgt Malderen de tussenoplossing gepresenteerd onder vorm van zwaarbewolkt en regenachtig weer met vijf tot tien mm neerslag. Het frontensysteem keert op haar stappen terug waardoor het vanuit het noorden terug droger wordt maar de bewolking blijft overheersen en de komende dagen blijven we in de koude lucht gevangen zitten...
Reeds zeer vroeg in de ochtend waren er boven België onweders aktief die samenvielen met een convergentielijntje dat vanuit Frankrijk is komen oprukken. De 'show' was echter voor het oosten van het land weggelegd waardoor we in Malderen genoegen moesten nemen met de typische onweersbewolking die op zich wel voor een tropisch sfeertje zorgde. De bewolking verdween geleidelijk met als vervolg een aangenaam zonnige namiddag waarbij Cirrostratus en wat verdwaalde Cumuli de enige bewolking vormde. Ook de temperaturen waren best aangenaam met 12,5 tot 24,0 graden bij een zuidwestelijk briesje tot 27 km/h. Tijdens de vroege avonduurtjes kwam hier echter bruusk verandering in toen enkele kilometers ten oosten van Malderen opeens een indrukwekkend onweerscomplex gevormd werd, maar wie zich verheugde op een overvloed van vers regenwater kwam bedrogen uit want de onweerscel trok zich terug naar het oosten en zakte vervolgens weer in elkaar. Malderen kreeg slechts een zestal regendruppels over zich heen. Na een paar uurtjes volstrekte rust ontstond net ten zuiden van het weerstation uit het niets een nieuwe onweerscel die eveneens bulkte van aktiviteit, maar ook deze miste ons op een paar kilometers. De rest van de avond was er een overvloed aan fraaie stapelwolken die uiteindelijk voor een sfeervolle zonsondergang zorgden. Geen van hen heeft echter ook meer één druppel achtergelaten waardoor de droogte onverminderd verdergaat.
Het woordje "lenteweer" kwam niet meteen in ons op toen we vanmorgen naar buiten keken en vaststelden dat het vrijwel betrokken was door de nadering van een warmtefront vanuit het zuidwesten. Het was nog droog maar de eerste regendruppels lieten niet lang op zich wachten. Gelukkig zat er niet al teveel aktiviteit op het front en na een paar uurtjes licht of hooguit matig gedruppel werd het alweer droog. De warme sector waar we inmiddels in beland waren, kenmerkte zich door erg fraaie Altocumulus formaties, voornamelijk bestaande uit de Lenticularis en Castellanus varianten. Even later verschenen er opklaringen vanuit het zuiden en deze werden al snel zo breed dat we van een vrijwel helder weerstype konden spreken. De warme sector was echter aan de smalle kant waardoor we na korte tijd - het was intussen halfweg de namiddag - Cirrostratusbewolking zagen opdoemen. Deze verspreidde zich vrij snel over het gehele luchtruim, ging vervolgens over in Altostratus terwijl de eerste druppels spoedig begonnen te vallen. Er was ook gerommel hoorbaar van nabije onweders, maar deze buienlijn heeft zich net voor de oversteek van de Frans- Belgische grens in meerdere cellen opgesplitst, en als het om afzonderlijke onweerscellen gaat, betekent dat in Malderen gewoonlijk weinig goeds voor de onweersliefhebbers. Ook deze keer misten de onweerskernen ons en bleef het net als vanmorgen bij wat licht gedruppel. De treksnelheid van het koufront was desalniettemin indrukwekkend te noemen en daardoor duurde het onweersgeweld zelfs op de zwaarst getroffen plaatsen hooguit vijf tot tien minuten. Ook bijzonder aan deze storing was de plotse overgang naar lichtbewolkt weer met diepblauwe luchten eens de buienlijn gepasseerd was, terwijl deze juist door veel bewolking werd voorafgegaan. Een normale onweerssituatie verloopt in onze streken net omgekeerd, en dit verschijnsel was te wijten aan zeer hoge windsnelheden op grote hoogte waardoor de toppen van de buienwolken zich ettelijke tientallen kilometers voor de eigenlijke buien konden uitspreiden. De rust keerde snel weer in het Malderse maar de rest van de avond werd nog gekenmerkt door zeer fraaie wolkenluchten, voornamelijk Cumulus fractus en Cirrus densus waarin zich nog wat mamatus structuren aftekenden. Beide frontpassages waren vandaag goed voor 0,4 mm verse regen, en er kwam veel wind aan te pas, met snelheden tot 38,6 km/h uit het zuid-zuidwesten. Met temperaturen tussen 10,4 en 21,4graden viel het op thermisch gebied best wel mee.
Na een heerlijk koele 11,3 graden in de ochtend, was het vandaag opnieuw bakken en braden onder een loden zon die de temperatuur snel deed oplopen. In tegenstelling tot de voorbije dagen werden er nu echter veel wolken gevormd die voornamelijk uit Cumulus en Stratocumulus castellanus bestonden. Vooral de netjes gerangschikte, Cumulusachtige dotjes van de Sc bewolking gaven tijdens de ochtend en het begin van de voormiddag de hemel een opvallend uiterlijk. De bewolking werd gevormd doordat de warme luchtbel boven ons land als het ware wordt samengeperst door een oprukkend koufront vanuit Nederland, inclusief enkele pittige onweersbuien en een naderende depressie vanuit Frankrijk die eveneens onweersbuien aan boord heeft. Geen van beide systemen wist echter tot in Malderen door te dringen waardoor het kwik opnieuw weinig moeite had om 28,4 graden te halen. De wind was hierbij relatief zwak met 20,9 km/h uit noordoostelijke richtingen, maar tijdens de avond ging deze niet liggen, wat de dreigende weersverandering nog eens extra in de verf zette. Uitgestrekte velden van Stratocumulus castellanus en Altocumulus kwamen bovendien weer massaal opzetten vanuit het zuiden terwijl de hemel bij zonsondergang een rood- oranje tint kreeg door toenemende vochtigheid en hoge Cirrostratusbewolking. Tot na middernacht had dit echter geen gevolgen zodat we terug 0,0 mm konnen optekenen als neerslagtotaal.
De warme lucht achter de regenzone is iets verder naar het noorden uitgestroomd waardoor het vanochtend niet bepaald koud was bij minima van 11,9 graden. De bewolking zat er natuurlijk ook voor iets tussen en was niet van plan om haar bezetting snel op te geven. We kregen dus andermaal een somber weerbeeld te zien, waarbij de lucht echter steeds onstabielere trekjes begon te vertonen op nadering van de Franse onweersbuien. De eerste exemplaren dienden zich al snel aan bij de Frans/Belgische grens, maar het onweer ging er even snel uit en zowel te Brussel als te Malderen moesten we het doen met donkere luchten waaruit het soms wat druppelde. Nadien ging de bewolking over in Altostratus en Stratocumulus castellanus, waarin we vooral in de tweede helft van de namiddag een waterig zonnetje zagen verschijnen. De opklaringen ten zuiden van het front bereikten ons, maar deze werden al snel opgevuld met nieuwe buien die Malderen omstreeks 21H bereikten. Opvallend was dat dit gepaard ging met het volledig wegvallen van de wind terwijl er een doodse stilte over het Malderse landschap neerdaalde. De amberkleurige luchten die we te zien kregen, zorgden voor een spookachtig uitzicht, zeker toen het even later begon te stortregenen en de hemel snel overging in een grijsblauwe kleur. Na een dik half uur ging de tropische stortvlaag over in een mild zomerregentje terwijl er in het noordoosten een eerste bliksemflits met bijhorende donder te zien was. Het was echter ook de laatste flits, want de rust keerde vervolgens definitief weer terwijl het droog werd. Uiteindelijk heeft dit alles ons op een neerslagtotaal van 3,4 mm gebracht. Wel bleef het opvallend warm tot diep in de nacht. Door de zwakkere oost- zuidoostenwind (20,9 km/h) en de warme maxima van 21,3 graden kunnen we terug van een aangename lentedag spreken.
Wie grijs als lievelingskleur heeft, kon zich vandaag alvast in de handen wrijven want dat was exact de kleur waarmee we heel de dag door verwend werden. Een uitgestrekt veld van Stratus en Stratocumulusbewolking bedekte West- Europa waarbij opviel dat de wolkengrens netjes de kustlijn volgde. Toen er overdag thermiek ontstond, werd er ook boven de Britse Eilanden Cumulus gevormd die zich tot Stratocumulus uitspreidde, zodat de vorm van West- Europa als het ware werd afgetekend door wolken op de satellietbeelden. Op da begane grond hadden we hier natuurlijk niets aan, al kon dat vorstvrije nachtje met minima van 6,1 graden op flink wat waardering rekenen. Na de middag werd de bewolking iets dunner en werd de warmte van de nog steeds onzichtbare zon voelbaar, wat iets hogere maxima van 12,4 graden opleverde alsook de vorming van stapelwolken onder het wolkendek. . Er stond ook weinig wind met snelheden tot 20,9 km/h uit het noorden. De opklaringen boven zee trokken tijdens de avond landinwaarts, maar vanuit Malderen was hooguit een blauwe band net boven de horizon zichtbaar. Deze zorgde voor een halve minuut zonneschijn wat meteen ook alles is wat we van haar gezien hebben. We gingen een kille nacht in waarbij onduidelijk blijft of we aan de vorst gaan ontsnappen of niet. De opklaringen blijven immers min of meer ter plaatse trappelen net ten westen van Malderen. Het neerslagtotaal bracht dan weer meer zekerheid met 0,4 mm.
Tijdens de voormiddag waren er forse stapelwolken zichtbaar die opnieuw hoop gaven op een verlossende regenbui. Maar toen ze zich uitspreidden tot Stratocumulus werd meteen duidelijk dat de onstabiliteit niet diepgaand genoeg was. Er dreigde een sombere en kille lentedag, maar gelukkig bleef de uitspreiding beperkt en bleef er nog ruimte voor opklaringen. Tijdens de namiddag werden deze geleidelijk breder terwijl de stapelwolken kleiner werden en er wat sluierbewolking binnendreef. De temperaturen konden in deze omstandigheden nog oplopen van 7,9 graden deze ochtend naar 22,1 graden tijdens de late namiddag. Er stak een zuidwestenwind op die snelheden tot 25,7 km/h haalde maar 's avonds weer afzwakte. Hoewel het eerste deel van de avond erg zacht verliep, koelde het tegen zonsondergang erg snel af waardoor de rest van de avond alsnog in onaangenaam kille omstandigheden verliep. Het neerslagtotaal bleef nog maar eens steken op 0,0 mm.
Alle bewolking is voorbije nacht opgelost en de wind is volledig weggevallen waardoor het flink is kunnen afkoelen. Het vroor op veel plaatsen terwijl het kwik in Malderen uitkwam op 1,7 graden met vorst aan de grond. De heldere hemel werd reeds vroeg in de voormiddag ingepalmd door stapelwolken die snel talrijker en groter werden. Op een gegeven moment werd deze ontwikkeling echter afgeremd en kwam het niet verder dan een bedekkingsgraad van 3/8. Na de middag werden de stapelwolken meer afgeplat (Cumulus humilis) en kleiner in aantal waardoor het overwegend zonnig werd. Er werden huiveringwekkend koude, polaire luchtmassa's aangevoerd, maar de krachtige meizon in combinatie met een slechts zwakke west- zuidwestenwind (uitschieter tot 12,9 km/h) zorgde ervoor dat het heerlijk toeven was in de buitenlucht. Met tuineffect inbegrepen haalde het kwik in Malderen 17,8 graden. Op het einde van de namiddag dreef er vanuit het noordwesten meer sluierbewolking binnen, en volgens de satellietbeelden waren dit de uitlopers van een depressie die net ten noorden van ons passeerde. Het bleef slechts bij dunne sluiers en deze konden de warmte maar nauwelijks vasthouden zodat de avond opnieuw zeer koud verliep. Niettemin liggen de temperaturen nog een fractie hoger dan gisteren en zal het wellicht niet of hooguit zeer lokaal tot grondvorst komen.
In tegenstelling tot de voorbije dagen waren er vanochtend geen opklaringen die ons vriendelijk begroetten. Het heeft afgelopen nacht flink doorgeregend uit een actief warmtefront en ook vanochtend regende het nog volop. We arriveerden omstreeks 9H in de warme sector van de depressie die dit op haar al even depressieve geweten heeft, en de regen ging prompt over in motregen terwijl de bewolking overging in Stratus. Het was een paar graden warmer dan gisteren rond deze tijd en ondanks het geringe temperatuursverschil voelde de atmosfeer broeierig en klam aan door de hoge luchtvochtigheid die in deze situatie typerend is. De minima werden dan ook al vroeg op de nacht bereikt en laag waren ze zeker niet met 8,6 graden terwijl de beruchte Ijsheiligen voor de deur staan. Het duurde tot 's middags eer het weer droger werd, maar toen zagen we een bekende gast terugkeren, namelijk de wind die afgelopen nacht weer was afgezwakt tot een 'normale' lentebries. De eerste opklaringen waren nog maar amper binnengedreven of ze zwol weer flink aan om even later als een furieuze amazone tekeer te gaan met snelheden tot 41,8 km/h uit west- zuidwestelijke richting. Na de middag werden de opklaringen breder en het warmde op tot 15,5 graden in wat meteorologisch gezien wel degelijk luchtmassa's van subtropische origine waren. Ondertussen liep het luchtruim vol met Altostratus translucidus bewolking terwijl er veel Stratus fractus bewolking werd gevormd die overging in Cumulus mediocris. Hierdoor was meestal een waterig zonnetje te zien terwijl de opkomende bewolking afkomstig was van het naderende koufront. Veel activiteit leek daar echter niet in te zitten wat verder dan deze matglasbewolking kwam het niet. In het noordwesten waren zelfs regelmatig opklaringen te zien en uiteindelijk zorgde dit voor een prachtige zonsondergang toen de wolkenlaag langs onder werd beschenen door de laagstaande zon. Alles lichtte op in vuurrode kleuren die een mooi contrast vormden met de door de koude blauw uitgeslagen mensen eronder. Later op de avond klaarde het verder op en bleef het droog zodat het volledige dagtotaal van 3,8 mm aan het warmtefront eerder op de dag kan worden toegeschreven.
Het was zwaarbewolkt met Stratocumulus en Stratus fractus bij minima van 7,7 graden. Het was droog in Malderen, maar volgens de radar (en de geoefende wolkenlezer) zaten er buien met onweer ten westen van ons. Deze lieten hun schitterende wolkentoppen afsteken in een diepblauwe opklaring die toevallig in die richting voorbijdreef. Daarna werd alles volgepropt met Stratus fractus bewolking die overging in een gesloten Stratus wolkendek. Het deed dus aan typisch stabiel, novemberiaans hogedrukweer denken waarbij die stabiliteit gezien dat onweer bedrieglijk was. De Stratus en Stratus fractus bewolking werd vervolgens in stukjes gescheurd en toen was het aan de stapelwolken om één voor één uit te groeien tot nog meer buien waar plaatselijk ook onweer op zat. Enkele buien wisten tot in Brussel door te dringen al viel de activiteit daar nog mee, en ook in Malderen had men weinig van dit natuurgeweld te vrezen. Het neerslagtotaal bleef daar immers op 0,3 mm steken al moest men wel rekening houden met valwinden uit voorbijtrekkende buien die ons wel bereikten en meestal uit noord- noordwestelijke richting kwamen. In de omgeving van Gent kwam het tot overvloedige regenbuien zoals we die gisteren ook in Malderen gekend hebben. Verder leek de buiigheid zich vooral op België te consentreren terwijl men in Nederland van brede opklaringen kon genieten waar slechts wat plaatselijke, lichte buitjes in voorkwamen. Het waren deze opklaringen die zich vanuit het noordwesten over de rest van de Benelux uitbreidden waardoor het ook in Malderen zonnig lenteweer werd tegen het einde van de namiddag. Daar zagen we de bewolking snel overgaan van Cumulonimbus naar Cumulus congestus en vervolgens gewone mooiweerswolkjes terwijl we uitgebreid van de zon konden genieten bij temperaturen die al naar 16,7 graden konden klimmen. Erg veel scheelde het nochtans niet want de aambeeldvormige toppen van de buien die overdag nog boven grote delen van Vlaanderen hingen waren de hele avond door nog zichtbaar in het zuiden en oosten waardoor het waarschijnlijk nog tot pittige buien kwam in delen van Limburg en Wallonië. Doordat de mooiweerswolkjes ondertussen ook oplosten kregen we wel een fraai uitzicht op een diepblauwe hemel waarin de eerdergenoemde wolken in de verte zichtbaar bleven net alsof we vanuit een hoogvlakte naar de besneeuwde bergtoppen rondom ons keken. Vooral tegen zonsondergang was dit erg fraai toen de wolken van onder naar boven van grijs over oranje en geel naar wit kleurden. Toen de zon onder was begonnen de buienwolken in elkaar te zakken en werd het overal helder en windstil waardoor een graadje grondvorst tot de mogelijkheden lijkt te horen voor komende nacht.
Geen Flashback op Weerwoord wegens ziekte, panne of buitenlandse reis? Lees de Flashback nu ook op mijn website! Elke dag automatisch bijgewerkt vanaf 0H01 Belgische tijd, voor alle datums vanaf 1 mei 2004.