Het gedruppel van gisteravond had inderdaad verdergaande gevolgen: ongeveer een half uurtje na het posten van het vorige weersverslag, kregen we een licht onweer over ons heen waarbij het water met momenten aan een gezapig tempo naar beneden kwam. Doch het elektrische werk was niet meteen om over naar huis te schrijven met slechts een viertal ontladingen. Het ging in feite over twee afzonderlijke buien waarbij de eerste erg licht was terwijl de tweede van een zwaarder kaliber was. Nadat het zootje langs het oosten evacueerde waren erg bizarre wolkenstrukturen zichtbaar die op zich een stuk boeiender waren dan het onweer zelf. De neerslag bedroeg 4,2 mm, terwijl er deze ochtend tijdens ordinaire regenbuien nog eens 1,0 mm bijgekletst werd. Nadien kregen we een overwegend roge en wisselend bewolkte dag voorgeschoteld met temperaturene tussen 17,5 en 23,4 graden, vooral in de namiddag was het nog best te genieten. bij een zuidwestelijk briesje tot 21 km/h en regelmatig zon. We zullen het ook de komende dagen moeten halen uit zonnige intermezzo's en korte heroplevingen van het zomerweer tussen de regenzones en buien die regelmatig ons deel zullen zijn. De temperaturen zullen zich hierbij ongeveer rond de normale waarden voor de tijd van het jaar handhaven.
Het was een hele verademing toen we na de sombere toestanden van gisteren ontwaakten onder een blauwe hemel waarin slechts wat Stratocumulusvelden aanwezig waren. Boven velden en akkers hebben zich dunne nevelbanken gevormd die zich uitspreidden als zachte fluwelen dekens over het ochtendlandschap. De eerste ogenblikken na zonsopgang leverde dit prachtige taferelen op maar daarna maakte de zon er al snel komaf mee, alsook met de koude want het kwik was onder de opklaringen inderdaad weggekropen naar amper 8,4 graden. Er volgde een mooie voormiddag doch de pret was maar van korte duur want er vormden zich stapelwolken die zich uitspreidden over de hemel en nauwelijks ruimte lieten voor de zon. Het kwik haalde echter nog 23,4 graden, deels door de nieuwe opklaringen die naar de avond toe weer voor de hoofdrol gaan. De zwakke veranderlijke wind die maximaal 11 km/h haalde zal komende nacht bijna wegvallen terwijl het kwik opnieuw een duik zal maken waar schoonspringers jaloers op mogen zijn, maar uiteindelijk zal de zomer in de loop van morgen toch onze streken kunnen veroveren met geleidelijk stijgende temperaturen. Overmorgen wordt het hoogzomer, vrijdag worden de onweersliefhebbers nog eens verwend (sommigen toch) en zaterdag schakelt de zomer terug op een te lage versnelling al blijft het wel droog dit weekend.
Het regenwater dat gisteren rijkelijk vloeide over het Vlaamse binnenland zorgde afgelopen nacht voor een met vocht bezwangerde atmosfeer zodat nevel en mistvelden onvermijdelijk waren. In combinatie met de opkomende zon en de oranje getinte Altocumulusgebiedjes erboven zorgde dit voor betoverende ochtendtaferelen maar eens de zon goed en wel op kracht was gekomen nam de bewolking weer toe vanuit het zuiden. Het waren vooral Stratocumulus castellanus velden die het voor het zeggen hadden en de onstabiele atmosfeer die erdoor werd verraden gaf al snel aanleiuding tot nieuwe buien die lokaal weer flink uithaalden. Zo was het te Brussel weer een heus waterfestijn en ook Malderen kreeg weer de volle lading. De buien waren in tegenstelling tot de voorbije dagen afkomstig van een lijntje dat in de breedte ipv in haar lengte doortrok, maw het klaarde redelijk snel weer op vanuit het zuiden en de zon was kort voor de middag ook weer van de partij. Het hemelse uitspansel was echter nog steeds volgezaaid met klassieke onweersindicatoren zoals Stratocumulus castellanus, Altocumulus floccus en Cirrus castellanus, gegevens die ook door de radar bevestigd worden in de vorm van een vrij impressionant ogend buiengebied dat zich op dat moment nog in de buurt van Bretagne bevond maar ondertussen al een route naar het Vlaamse binnenland leek te hebben uitgestippeld. Na een paar uur vormden zich voor het buiengebied (koufront) uit een paar convergentielijnen die in het oosten van het land reeds voor verse onweders hebben gezorgd. De tweede lijn nestelde zich boven West Vlaanderen, maar verroerde zich nauwelijks waardoor we het in Malderen droog hielden. Ondanks de mooie opklaringen in de namiddag met het daaraan verbonden droge weer hebben we hier toch weer een dagtotaal van maarliefst 17,7 mm te pakken, waar in extremis nog wat kan bijkomen dankzij een nieuwe onweershaard boven Noord - Frankrijk dat er op het eerste zicht een erg gunstige koers op na houdt voor de onweersfreaks in groot-Londerzeel. De thermische energie om het boeltje in stand te houden lijkt in elk geval voor handen vermits het vandaag vlot kon opwarmen van 12,2 naar 23,3 graden terwijl de stroming zich instelde op het zachte ZZW bij een maximumsnelheid van 17,7 km/h.
Al dan niet met behulp van een verrekijker of telescoop waren er vanochtend in het oosten opklaringen te zien. De rest van het luchtruim was bedekt met Stratus en Stratus fractusbewolking. De opklaringen waren in een mum van tijd verdwenen en tijdens het eerste deel van de voormiddag ging het flink regenen waarbij de wind opnieuw goed vertegenwoordigd was. Later kwamen er echter nieuwe opklaringen opzetten vanuit het westen, maar de bewolking was duidelijk in topvorm en bleef steeds minstens 7/8 van het luchtruim beheersen. De wind hoefde er niet voor onder te doen met haar snelheden die opnieuw een respektabele 35,4 km/ h haalden uit west- noordwestelijke richtingen. Later in de voormiddag nam de bewolking wat af en na de middag werd het zelfs nog aardig mooi met slechts 4/8 stapelbewolking, maar de aangevoerde lucht was beduidend frisser waardoor we het met temperaturen tussen 14,4 en 21,9 graden moesten zien te redden. Niet dat dit een probleem was, maar later in de namiddag ontwikkelden zich lokaal buien waardoor het soms erg guur aanvoelde. Dat van die buien heeft echter vooral betrekking op Brussel, want het Malderse neerslagtotaal was met 0,2 mm niet meteen fenomenaal te noemen. Tijdens de avonduurtjes was er weer een lichte afname van de buiigheid maar de resterende wolkenpartijen (Cumulus en Stratocumulus) kregen het tegen zonsondergang opnieuw voor elkaar om briljante lichteffekten en kleurencombinaties tevoorschijn te toveren. De rest van de avond verliep rustig, droog maar nog tamelijk winderig.
Flinke hoeveelheden Cirrostratus fibratus hebben vanochtend het luchtruim veroverd, terwijl er net boven de westelijke horizon wat Altocumulus lenticularis te zien was. Dit gebeurde opnieuw bij frisse minima van 8,9 graden. De zon leek weinig last van te hebben van de sluierbewolking zodat het snel opwarmde. Dit gaf aanleiding tot het op gang komen van een oostelijk briesje met snelheden tot 16,1 km/h en de vorming van mooiweerswolkjes (Cumulus mediocris). Deze hadden op sommige momenten de neiging om verder door te groeien, maar slaagden er uiteindelijk niet in om neerslag te produceren. Na de middag kregen we erg veel Altostratus translucidus te zien die echter geen aaneengesloten laag vormde en in het westen zelfs door diepblauwe luchten werd begrensd. De zon bleef ondanks al dat gewolk de hoofdrol vervullen en temperaturen die naar 24,7 graden stegen, waren dan ook niet verwonderlijk. Tijdens de avond kregen we een gelijkaardig weertype aangeboden, maar dan zonder stapelwolkjes. De Altostratusbewolking verhinderde ondanks haar beperkte aanwezigheid echter het zicht op de gedeeltelijke maansverduistering die vanuit Malderen amper was waar te nemen. Neerslag konden we al evenmin waarnemen zodat we het houden bij 0,0 mm als dagtotaal.
(Nederland)Het oogde vanochtend een stuk minder zomers door toedoen van Stratus fractus bewolking en een flink aangetrokken zeebries die beiden hun stempel op het weerbeeld drukten. De dotjes Cumulusachtige dotjes Stratusbewolking gingen vrij snel over in Stratocumulusvelden, en gingen ongeveer 6/8 tot 7/8 van het luchtruim bedekken. De bovenluchten bleven echter helder, en kregen een opvallend diepblauwe kleur die erg fraai contrasteerde met de aanwezige bewolking. Kort voor de middag nam de bewolking tijdelijk verder toe en ging over in Stratus, wat voor een sombere en kille sfeer zorgde. Er leek zelfs wat verdwaalde motregen te vallen, maar gelukkig kwamen er al snel weer opklaringen binnengedreven waarbij de bewolking terug overging in Cumulus. Halverwege de namiddag kwam er weer Stratocumulusbewolking opzetten, maar deze werd vanuit het westen dunner zodat de zon zich weer ruimschoots liet zien. Op beschutte plekjes ging het hierbij erg drukkend aanvoelen, terwijl de resterende Stratocumulus overging in dunne, golvende structuren (undulatus). Deze kregen gezelschap van Cumulus fractus, maar geen van beiden vormden een probleem voor de nog steeds vrij krachtige zon. Tijdens de avond verdwenen alle genoemde wolkensoorten en kwam er Cirrusbewolking opzetten, welke vermoedelijk bij een warmtefront hoort en net als gisteren weer voor een wondermooie zonsondergang zorgde. Er waren ook optische verschijnselen in zichtbaar zoals zeer felle bijzonnen. Ondanks de toenemende vederbewolking bleef het voor de rest van het etmaal rustig en droog.
De regenzone lag vanochtend nog steeds pal over Malderen waardoor er aan het natte goedje zeker geen gebrek (meer) was. De zwaarste stortbuien hebben we vannacht reeds over ons heen gekregen waardoor we reeds voor dag en dauw de 7 mm overschreden. Samen met de regen is er gisterenavond veel zachtere lucht binnengestroomd, en daardoor was het omstreeks 6H 's ochtends ruim 19 graden tegenover 15,1 graden eerder deze nacht. Na zonsopgang ging de regen over in een afwisseling van motregen en lichte regen waarbij het op sommige momenten droog werd. Aan de bewolking viel echter niet te ontsnappen en deze hield ons voor de rest van de dag in haar sombere greep waardoor het ondanks de zachte lucht niet warmer werd dan 19,9 graden. De vochtige lucht werd onstabiel toen de regenzone ten westen van ons stagneerde en weer naar het oosten werd teruggeduwd. Hierdoor ontstonden een aantal buienlijnen die in hun lengte over Malderen trokken tijdens de namiddag. De zwaarste buien kregen we echter tijdens de avond te verwerken en deze vulden het dagtotaal verder aan tot 30,6 mm. Hierbij viel op dat de regen begon als een sluier van mist die overging in zeer fijne motregen terwijl de druppels vervolgens steeds dikker werden. Een beetje hogerop was het dan weer de krachtige stroming die in het oog sprong waardoor de Stratus fractus bewolking aan een zelden geziene snelheid in westelijke richting over het luchtruim joeg. Toch bleven de windsnelheden op de begane grond beperkt tot 29,0 km/h uit het noordwesten. Hier en daar doken meldingen van onweer op, maar in Malderen bleef het beperkt tot een doodgewone maar in kwantiteit erg bijzondere regendag.
We bevonden ons vandaag precies op de scheidingslijn tussen warm en koud, waar zich een golvende wolkenband bevond. Hierop zaten een aantal buitjes, maar de bewolking was niet aaneengesloten waardoor we alsnog van behoorlijk zomerweer konden genieten. Dit was vooral rond en na de middag het geval terwijl er in de voormiddag nog wat druppels vielen, samen met de wat intensievere neerslag afgelopen nacht was dit goed voor een totaal van 0,6 mm. De bewolking en de nabijheid van warmere luchtmassa's zorgden voor zachte minima van 13,2 graden, terwijl het door de brede opklaringen en diepblauwe luchten probleemloos kon opwarmen tot 24,3 graden overdag. Op grote hoogte stond er een krachtige stroming waardoor de voornamelijk uit Altocumulus bestaande bewolking fraaie golvende of geribbelde patronen kreeg. Onder deze wolkenvelden kwamen er stapelwolken tot ontwikkeling, maar hun afmetingen bleven bescheiden. Tijdens de avond dreef er vanuit het westen massaal Stratocumulusbewolking binnen waardoor het bijna volledig grijs werd, maar ook dan bleef het droog en vooral zacht. De overdag tot 20,9 km/h aangewakkerde west-zuidwestenwind hield het tegen zonsondergang voor bekeken waardoor er vrij snel dauw en nevel werd gevormd.
Hoewel er op de radarbeelden nog een actieve regenband te zien was, is het afgelopen nacht droog gebleven. Niet zo verwonderlijk want de regenzone vertoonde een opening terwijl openingen en regenzones niet zo goed samengaan voor alles wat water nodig heeft in Londerzeel. Bij zonsopgang was de lucht weer staalblauw en het was met 14,5 graden erg fris tegenover de tropische hitte van gisteren. In het noordoosten was de wegtrekkende Altostratusbewolking van het koufront te zien en de zon had weinig moeite/tijd nodig om daar bovenuit te stijgen. Er werd vochtige zeelucht aangevoerd en de vorming van stapelwolken kon dan ook niet lang uitblijven. Geen enkele ervan groeide tot een bui uit maar ze waren wel talrijk genoeg om het de zon op sommige momenten erg lastig te maken. Niettemin warmde het nog vlot op tot zomerse maxima van 25,9 graden. De diepblauwe kleur van de lucht ging er na verloop van tijd uit door de nadering van een warmtefront dat extra vocht in de hogere luchtlagen pompte. Dit werd zichtbaar als Cirruswolken terwijl er massaal Altocumulusvelden werden gevormd. De stapelwolken losten op buiten enkele flinke exemplaren die onder de oprukkende Altostratusbewolking in het zuidwesten verschenen. Op de radarbeelden was ondertussen een flink neerslagsignaal te zien dat zich in onze richting uitbreidde maar zelfs dat leverde hier geen neerslag op. De bewolking bleek gebroken te zijn toen hij arriveerde en dit zorgde voor een in zachte pasteltinten gekleurde zonsondergang. Het was opvallend rustig met vrijwel geen wind tijdens de avond en overdag een paar korte zuchtjes tot 20,9 km/h uit het zuid- zuidwesten. De bewolking leek na zonsondergang wat geslotener te worden al bleef het nog steeds droog. We konden dus afsluiten met een dagtotaal van 0,0 mm.
We bevonden ons vanochtend reeds aan de achterzijde van het warmtefront waar een mix van Cumulus en Stratocumulus voor een erg zwaarbewolkte start zorgde bij minima van 15,2 graden. De minima zijn aan de zachte kant gebleven en er waren ook wat opklaringen te zien waarin de lucht diepblauw kleurde. De opklaringen werden in de loop van de voormiddag steeds breder en we kregen binnen de kortste keren met lichtbewolkt tot helder weer te maken waarin de zon flink kon doorbranden. Er stond echter veel wind die uit zuidelijke tot zuidwestelijke richtingen kwam maar tussen het warmtefront en het koufront subtropische lucht aanvoerde. De tong van warme lucht was echter smal en kwetsbaar en we kregen al snel een convergentielijn te zien die net ten westen van ons ontstond en langzaam naar het oosten trok. De lijn werd geflankeerd door stapelwolken die erg scherp begrensd waren terwijl de lucht aan de voorzijde volkomen helder was. Net boven de oostelijke horizon waren dan weer onschuldige mooiweerswolkjes te zien die zich verder in het binnenland ontwikkelden. Op het einde van de namiddag bereikte de convergentielijn Malderen en dook de zon weg achter dikke stapelwolken. Dit was nog maar nauwelijks gebeurd of de wind draaide plots naar het noordwesten terwijl hij flink aanwakkerde. Het zomergevoel was in een mum van tijd verdwenen en de temperatuur die daarnet nog 29,3 graden haalde als maximumwaarde werd meteen ruim vijf graden naar beneden bijgesteld. Toen de zon nog scheen zag de bewolking er door tegenlicht aardedonker uit, terwijl hij nu bruinachtig kleurde en in de verte nog een paar zwakke stralenbundels van de zon doorliet. Neerslag viel er echter niet waardoor het dreigende uiterlijk van de bewolking slechts schijn was. Na een uurtje zwakte de wind weer af en kregen we met een koel en betrokken weertype te maken zonder dat het echt koud aanvoelde. Nu viel er echter lichte regen die net als de voorbije dagen uit wat losse druppels bestond, goed voor een totaal van een twintigtal stuks per vierkante meter. Bij zonsondergang werd de lucht in zeer felle oranjeachtige kleuren gezet alsof de hemel ten westen van ons in lichterlaaie stond. Valstrepen van gedeeltelijk verdampende regen wekten zelfs de schijn op dat we naar reusachtige vlammen keken die in die richting oplaaiden. Het schouwspel was echter van korte duur en na amper één munuut keken we terug tegen een bruingrijze wolkenlaag aan. Later op de avond ging het hieruit lichtjes regenen maar ook dit leverde niet meer op dan 0,2 mm wat uiteindelijk ook het dagtotaal werd.
De wind is vandaag weer verder toegenomen, maar als tegenprestatie kregen we nu met een verminderde buienactiviteit te maken zodat er toch nog heel wat buitenactiviteiten mogelijk waren. Bij minima van 11,8 graden was het aan de frisse kant maar gelukkig konden we (in het westen van het land althans) van redelijk wat zonneschijn genieten. In Malderen is het weersverloop niet echt duidelijk maar het kwik kon er in ieder geval stijgen tot 21,1 graden terwijl het overwegend droog bleef. In Roeselare kwam het daarentegen tot een buitje tijdens de late namiddag al was de neerslag te verwaarlozen. De buienactiviteit ging er al snel weer uit en er volgde een rustige avond waarbij de Cumulusbewolking grotendeels oploste en er hier en daar slechts wat Stratocumulus overbleef. Onder de open hemel koelde het snel af waardoor we terug een frisse nacht ingingen na het neerslagtotaal van 0,0 mm opgetekend te hebben
.
Geen Flashback op Weerwoord wegens ziekte, panne of buitenlandse reis? Lees de Flashback nu ook op mijn website! Elke dag automatisch bijgewerkt vanaf 0H01 Belgische tijd, voor alle datums vanaf 1 mei 2004.