Ik wil aan het slot van deze net-geen-vorstperiode terugkijken op de kou van de afgelopen twee weken, in het bijzonder op de verwachtingen en op de tekortkomingen hierin.
Zoals iedereen hier weet werd er eerst unaniem een kou-inval verwacht, op grond van de pluim. Daarna werd de omslag afgeblazen en werden de meteorologen publiekelijk aan de schandpaal genageld. Gerrit Hiemstra trekt het boetekleed aan, hoewel hij niet meer 'schuldig' is dan de anderen.
Dan komt de ironie: het gaat vriezen en het blijft vriezen. Ook dat is dan niet meer verwacht. Hoewel het aantal ijsdagen beperkt blijft, komt het een groot aantal nachten op grote schaal tot matige vorst. Het eurowintertje is een aflopende zaak, maar schaatsen kan op steeds meer plaatsen en het ijs wordt steeds betrouwbaarder. Bovendien is het van uitzonderlijk goede kwaliteit.
Een paar probleempunten voor wat betreft het opstellen van de verwachtingen:
De verwachting voor de kou-inval werd in de pluim breed gedragen, soms maar één lijntje dat tegenwerkte. Toch bleef het GFS lang tegensputteren en werd de blokkade gaandeweg minder overtuigend ingerekend. Een kanttekening plaatsen had echt wel gemogen, ondanks de schijnbare zekerheid. De winter had tot dan toe sowieso geen goede reputatie voor wat betreft winterinvallen.
Ten tweede. Toen het eenmaal vroor werd te lang vastgehouden aan de zachte pluim. Op de lange termijn werd die niet goed ingeschat, maar met name op de korte termijn ging het daarna ook vaak nog fout. Zie het plaatje van woensdagavond, vorige week. Bedenk dat de pluim die dag al een groot aantal members voor matige vorst gingen in de nacht, de rest van de week. Waarom die mogelijkheid niet meenemen in de presentatie?
Ten derde. Als er al vorst verwacht werd, werden vaak te hoge minima verwacht. De verwachtingen waren uitermate conservatief. De minima bijvoorbeeld van richting de 8 of lager onder nul van de donderdagnacht, werden niet gezien.
Ten vierde. Temperaturen boven nul worden consequent voorgesteld als dooi. Door het ontbreken van de nuance van droge en natte dooi, worden de negatieve gevolgen voor het ijs overschat.
Het resultaat van het vriesweer was een heel mooie ijsvloer, sterk en betrouwbaar op veel plaatsen, naar de maatstaven van de Hollandse winter. Geen windwakken, weinig of geen last van sneeuw op het ijs. Dat personen die zich vandaag op dit ijs begeven vervolgens als durfals worden betiteld blijf ik een diskwalificatie vinden. Wat zijn die dan andere schaatsers geweest, die eerder in de week zich op nog zwakker ijs gewaagd hebben?
Ik wil afsluiten met een anekdote, die verband houdt met bovenstaande verhaal. Vanochtend toog deze durfal op weg naar het ijs, deze keer maar eens Fort Rhijnauwen. Een geliefde plek van mij, sinds ik in deze omgeving woon, begin tachtiger jaren. Natuurlijk was het ijs leeg en natuurlijk was het honderd procent betrouwbaar. Na mijn rondjes getrokken te hebben, werd ik aangeroepen door iemand aan de kant. Of het ijs betrouwbaar was. Ja… Even later kom ik hem weer tegen, hij is het ijs opgelopen. We raken aan de praat en wat blijkt: de man was hier gekomen om te gaan vissen. Hij zal ongetwijfeld de media de afgelopen weken goed gevolgd hebben.
Quote selectie