Net als de voorbije twee dagen kregen we opnieuw een vrij wisselvallige dag met enkele buien te verwerken. Door de bijna volledige afwezigheid van de zon verloren deze typische voorjaarsbuien echter hun lentefrisse karakter en werd de omgeving herschapen in een novemberiaanse sfeer. Slechts gedurende enkele seconden was de zon in staat om weerstand te bieden aan het zeer opdringerige wolkendek, vooral rond de middag en tijdelijk ook in de namiddag. Op dit ogenblik schuiven er bredere opklaringen binnen, maar het zal weinig zoden aan de dijk brengen voor de zonneliefhebber vermits het al avond is. De buien waren zwakker dan degenen die we gisteren en eergisteren op bezoek kregen zodat het neerslagtotaal niet verder dan 0,4 mm raakte. De temperatuur haalde vandaag net als gisteren 7,2 graden nadat het vanochtend 3,8 graden was en de wind die ondertussen naar het noordwesten is gekrompen haalde 29 km/h. De opklaringen zullen er voor zorgen dat de vorstgrens komende nacht wat dichterbij schuift en morgen belooft eindelijk zonniger uit te zullen pakken, maar ook dit is geen lang leven beschoren want vrijdag luiden aktieve regenzones de inval van koudere lucht in waarin we tijdens het weekend talloze maartse buien zullen te zien krijgen, hopelijk deze keer met meer zon ertussen...
Aan regenwater was er vandaag opnieuw geen gebrek: het vochtige goedje werd reeds vroeg in de ochtend met regelmaat over het Malderse grondgebied uitgesprenkeld. De bewolking was hierbij allesoverheersend waardoor het aanvankelijk een erg sombere boel was, vooral toen de neerslag overging in miezerige motregen tijdens de voormiddag. Na de middag waren er nog steeds veel wolken al bleef het met momenten droog. Om ons eraan te herinneren dat oceaanlucht niet alleen uit regen en wolken bestaat, werden er echter in de late namiddag enkele opklaringen op ons afgevuurd wat garant stond voor een paar zonnige uurtjes terwijl de resterende bewolking voor wondermooie uitzichten zorgde in de staalblauwe lucht. Maar een paar uurtjes later kregen we meteen de rekening gepresenteerd die een stuk minder mooi was met opnieuw veel wolken en met tussenpozen behoorlijk wat regen. De neerslag was afkomstig van twee occlusiefronten waarbij de opklaringen afkomstig waren van het smalle gebied tussen deze fronten in, al bevinden we ons momenteel achter deze regenzones waardoor er deze nacht terug opklaringen zullen opduiken met tussendoor een paar buitjes. Een blik op de thermometer brengt ons niet meteen in klaagstemming, want temperaturen tussen 7,5 en 11,4 graden kunnen meer dan behoorlijk genoemd worden in vergelijking met wat we gewend zijn. De neerslag moesten we er dan maar bijnemen, dit was juist 4,0 mm. De wind kwam uit westelijke tot zuidwestelijke richtingen, maar de krachtigstewindstoot werd uit het noorden genoteerd (turbulentie) met 32 km/h.
De bewolking is in de loop van de nacht nog verder toegenomen en 's ochtends konden we nog net de laatste opklaringen in het eerste schemerlicht zien wegvluchten naar het oosten. Het werd meteen betrokken en de regen liet niet lang op zich wachten. Tussendoor waren er rustigere momenten waarbij de regen tijdelijk overging in motregen of het zelfs eventjes droog werd, maar de bewolking bleef voortdurend een constante zodat het een herfstachtige bedoening werd. De neerslag kreeg na de middag een buiig karakter maar ook dan bleef de bewolking goed stand houden. Een blik op de satellietbeelden leerde ons echter dat het mooie weer helemaal niet zover af was. Dit bleek ook later in de namiddag toen plots opklaringen vanuit het noordwesten kwamen oprukken en we alsnog een paar uurtjes zon konden meepikken. Om ons op te warmen was het echter al te laat en de opklaringen zullen we nu moeten bekopen met een vorstnacht vermits het kwik in vrije val is en er ook geen zachtere lucht wordt aangevoerd. De minima moeten straks nog bereikt worden en de maxima waren ook al een stuk frisser met 9,6 graden. In combinatie met de regen en de tot 35,4 km/h aanspannende zuidwestenwind was dit overigens een vrij guur dagje. Het neerslagtotaal liep op tot 3,8 mm.
Een zwakke regenzone (in vergelijking tot hetgene dat ons de komende dagen zou te wachten staan toch) zorgde ervoor dat we de dag in betrokken omstandigheden begonnen terwijl er een druilerig mengsel van regen en motregen naar beneden kwam. Tijdens de uren daarop bleef het lichtjes regenen, doch de bewolking werd tijdelijk dunner zodat er tussen de druppels door letterlijk en figuurlijk een waterzonnetje tevoorschijn kwam. Na een tijdje werd de bewolking echter weer dikker vanuit het westen en moesten we het voor de rest van de dag stellen zonder zon. De neerslag bleef eerder licht van karakter tot in de late namiddag toen de bewolking opeens dreigend en donker werd vanuit het westen en er een buinlijn kwam opzetten (koufront). Deze deed het pakweg een halfuurtje vrij intens regenen. Vervolgens werd het weer droog en een tijdje later maakte de bewolking plaats voor opklaringen die vlak na zonsondergang kwamen opzetten. In het laatste schemerlicht was het nog even genieten van de statige aambeeldvormige Cirrusschermen van het wegtrekkende koufront. We kwamen in licht onstabiele lucht terecht maar op Malderse bodem is het dit etmaal niet meer tot buien gekomen zodat we het bij de 4,2 mm van de regenzone kunnen houden. Wel doet de aanvoer van koelere lucht het snel afkoelen na een dag met eerder constante temperaturen die zich tussen 5,4 en 9,4 graden ophielden. Stilte voor de naderende storm was het waarschijnlijk met windsnelheden die vandaag beperkt bleven tot 41,8 km/h uit het zuid- zuidwesten.
Het was een hele verrassing toen een aantal van de nachtelijke buien uit sneeuw bleek te bestaan. We ontwaakten aldus in een witgepoederd landschap, al waren de hoeveelheden niet overdreven te noemen met ongeveer een halve centimeter van het witte spul. De thermometers logen er niet om: in de koude poollucht is het afgelopen nacht afgekoeld naar 1,2 graden terwijl het aan de grond zelfs lichtjes vroor. Overdag maakte een stralende lentezon haar opwachting, die de sneeuwresten weer kon ontdooien. Iets dat vrij gemakkelijk was aangezien er enkel wat verspreide Stratocumulus en Cumulus fractus te zien was. Overdag nam de bewolking echter weer toe, en kregen we meer stapelbewolking te zien die werd afgewisseld met uitgestrekte, enigszins chaotisch ogende Stratocumulusvelden. Hiertussen ontpopten zich na de middag enkele flinke stortbuien die onder andere in Malderen toesloegen met regen, korrelhagel en smeltende sneeuw. Op sommige plaatsen werd er ook onweer waargenomen, maar op deze locatie leek er nog iets te schelen aan de elektriciteitsvoorziening. Tussen de buien door waren er prachtige wolkenlandschappen te zien, al liet de zon zich weinig zien en bleef het kwik daardoor ook achterwege met 9,6 graden als maximum. De laatste buienwolken tekende zich af in een vanuit het zuidwesten met Cirrus, Altocumulus en Cirrostratus vollopende hemel. Deze bewolking is reeds de voorbode van een volgende depressie die volgens de satellietbeelden bruist van levenskracht, en ons de komende 24 uur weer een flink stortbad zal bezorgen. Op het eerste zicht lijkt dit systeem onmiddellijk door een nieuwe depressie gevolgd te worden, waardoor de vooruitzichten er voor de rest van de week erg waterig uitzien. Voor de rest van deze avond bleef het echter nog droog en rustig, waarbij de west- zuidwestenwind die overdag nog 45,1 km/h haalde, weer grotendeels is weggevallen. De buien bleken een neerslagtotaal van 3,4 mm te hebben opgebracht.
Het was vanochtend nog maar eens helder met temperaturen die naar een (voor de tijd van het jaar) huiveringwekkende -3,5 graden waren gezakt. Deze keer bleven de opklaringen standhouden, want er waren geen storingen of wolkenvelden in onze onmiddellijke omgeving. We hadden dan ook al snel afspraak met de zon, welke vooral achter glas een lentegevoel met zomerse tintjes wist op te wekken. Aan de andere zijde van dat glas stond echter een onaangename noord- noordoostenwind die met haar snelheden tot 30,6 km/h eerder woor een wintergevoel zorgde. De lucht was opnieuw erg droog en bij negatieve dauwpunten zorgde dit ervoor dat het ijs nauwelijks afsmolt op schaduwrijke plaatsen. Met een beetje tuineffect kon het kwik niettemin nog uitvloeien naar 6,5 graden. De diepblauwe luchten leken wel eindeloos met hooguit een beetje Cumulus humilis rond de middag, maar dat was slechts schijn want de bewolking was nooit veraf. Boven de Noordzee vonden we immers een zwak koufront terug dat vooral aan de noordelijke kusten van de Benelux en op de Waddeneilanden voor heel wat bewolking moet gezorgd hebben. Volgens de satellietbeelden ging het vooral op Stratocumulus en Stratus terwijl er geen noemenswaardige neerslag op het frontje zat. De wolkenband schoof echter nauwelijks op zoadat het helder bleef en we opnieuw op een aardig potje nachtvorst lijken af te stevenen. De temperaturen lagen niettemin een paar graden hoger dan gisteren rond deze tijd waardoor de scherptste kantjes er een beetje zullen afgaan. Op het einde van de avond vroor het ongeveer een halve graad terwijl het neerslagtotaal onveranderd is gebleven met 0,0 mm.
Hoewel de dichtstbijzijnde wolkenvelden gisterenavond pas boven Schotland te vinden waren, is het afgelopen nacht zeer snel gegaan en ontwaakten we onder een grijze hemel. Dit vertaalde zich in erg zachte minima van 4,8 graden, maar het bleef aanvankelijk droog. In de loop van de voormiddag klaarde het weer wat op en zagen we de zon af en toe tevoorschijn komen terwijl de bewolking overging van Stratus en Stratus fractus naar Altocumulusvelden met Cirrostratus en Stratus fractus ertussen. Er stak een west- zuidwestelijke wind op die met snelheden tot 38,6 km/h zachte zeelucht naar Malderen blies. De bewolking nam tegen de middag opnieuw toe en het ging onderandere in Brussel tijdelijk lichtjes regenen. Er volgde opnieuw een drogere periode en toen zagen we weer opklaringen verschijnen in een onstabiel ogende met stapelwolken en Stratocumulusvelden gevulde hemel. Dit werd op haar beurt gevolgd door een aantal pittige buien die ons omstreeks 18H overspoelden. Hoewel dit geen typische maartse buien waren, was de sfeer een beetje vergelijkbaar en konden de buien op hun manier bijdragen aan de prille lentesfeer. Voor zolang ze het volhielden tenminste, want de lucht werd snel stabieler vanuit het noorden en binnen de kortste keren schoot er enkel Stratocumulus en Stratus fractus bewolking over waarin we het laatste daglicht zagen vervagen. Het koelde weer iets sneller af dan gisteren in de polaire luchtsoort waarin we nu zijn terechtgekomen, maar nachtvorst lijkt voorlopig niet aan de orde te zijn. We sloten af met een neerslagtotaal van <0,2 mm.
Het was vanochtend helder, maar toch was het opgewarmd tot een viertal graden. De oorzaak konden we op de satellietbeelden zien: we zijn in een zachtere luchtsoort terechtgekomen en afgelopen nacht zou er een zwak frontje met wat bewolking zijn voorbijgetrokken. Tegen zonsopgang dreven er terug Stratocumulusvelden binnen en deze maakten in de loop van de voormiddag plaats voor Cumuluswolken die na verloop van tijd ongeveer de helft van het luchtruim gingen innemen. Al bij al werd het nog redelijk lenteweer aangezien de andere helft vrij bleef en dus regelmatig zonneschijn doorliet. De temperaturen liepen op tot 11,7 graden en de wind wakkerde aan tot 25,7 km/h uit het west- zuidwesten. De stapelwolken hadden de neiging om zich uit te spreiden tot nieuwe Stratocumulus, maar dit proces bleef min of meer binnen de perken. Hoe westelijker hoe zonniger was duidelijk het devies als we de satellietbeelden overdag bekeken. Op het einde van de namiddag loste de bewolking op al hing er toen redelijk wat Cirrus en Cirrostratus terwijl het wat nevelig werd. Neerslag is er vandaag niet gevallen zodat we 0,0 mm konden bijschrijven. Het koelde 's avonds aardig af maar de minima werden afgelopen nacht reeds bereikt met 3,0 graden.
Tijdens het tweede deel van de nacht werd ook Malderen door de zondvloed getroffen en kwam het water met bakken naar beneden. Ondertussen sijpelde er koelere lucht binnen en dit zorgde in de windstille atmosfeer voor nevelvorming. Omstreeks 10H werd het zo goed als droog op wat fijne motregen tussendoor na. De bewolking bestond nu uit een somber Stratusdek en er stak een kille noordwestenwind op die later naar het noorden draaide. De maximumsnelheid bedroeg 32,2 km/h uit het westen en het kwik steeg maar nauwelijks zodat de maxima afgelopen nacht al werden gemeten met 10,7 graden. Het neerslagtotaal was nog voor de middag al bereikt en bedroeg 7,6 mm, wat echter nog maar een peuleschil was tegenover de dagtotalen die in Nederland bereikt werden met plaatselijk zelfs meer dan 35 mm. Onder een betrokken hemel ging de afkoeling tijdens de avond gestaag verder zodat we kort voor middernacht op 4,6 graden uitkwamen.
(Nepal) De rit van Pokhara naar Chitwan begon in heldere omstandigheden, doch er begon Cirrusbewolking binnen te drijven die geleidelijk talrijker werd en overging in Cirrostratus. De diepblauwe kleuren van de hemel waren we kwijt al konden we wel nog genieten van aangenaam zonnig zomerweer bij vergelijkbare temperaturen als gisteren. In Chitwan werden er Cumuluswolken gevormd onder de sluierbewolking en deed het allemaal heel erg denken aan een typische Belgische zomerdag ergens in augustus met fletse kleuren en een geelachtig tot oranje nazomerlicht. Vooral op het einde van de namiddag was dit het geval al kwam het niet tot buien en bleven de temperaturen de hele tijd aangenaam met een 30 tal graden overdag en een ruime 20 graden tijdens de avond toen de stapelwolken oplosten en enkel de sluierbewolking overbleef.
(Nepal) De alweer helder geworden hemel werd vanochtend onderbroken door een band met Cirrus bewolking in het noorden die knaloranje oplichtte. De bewolking kleurde vervolgens geel en werd uiteindelijk wit in het felle licht van de opkomende zon. Omstreeks 10H verschenen er wolken van opstuivende sneeuw boven de bergtoppen en flanken door een opstekende wind aldaar. In Rupa Tal bleef het echter rustig en konden we ons weer opmaken voor een warme zomerdag. Na de middag werden er weer stapelwolken gevormd in de bergendie zich tot buienwolken ontwikkelden die echter op veilige afstand bleven. In het zuiden bleef het opvallend helder op een enkel stapelwolkje na dat zich gedurende een tiental minuten kon vormen. Tijdens de avond loste alle bewolking weer op en kon er van een schitterend uitzicht op de bergen worden genoten.
(Indonesie) Felle regenbuien in de vroege ochtend waren reeds een voorbode van de nodige moeilijkheden om de totale zonsverduistering te kunnen waarnemen. De bewolking bleef hardnekkig en de buien gingen zich in een lijn ten noorden van ons organiseren terwijl we in Palangkaraya steeds op de outflow zaten. Daarin dreven vaak laaghangende wolkenflarden voorbij terwijl er hogerop Cirrus densus en Cumumonimbus te zien was die de reeds deels verduisterde zon aan het oog onttrokken. Daarna ontstonden er dan toch opklaringen en konden we de eclips op de helft waarnemen. Ondertussen viel ook op dat het een stuk koeler was geworden en het niet meer zo drukkend en plakkerig was. Dan kwamen er weer velden Stratocumulus castellanus binnendrijven waardoor de de zon maar af en toe zagen. Op de totaliteit konden we de echter nog net tussen twee toefjes Castellanus, een plukje Stratus fractus en een opbollende cumulus Congestus zien. Toen het licht terugkeerde klaarde het natuurlijk weer bijna volledig op en nu voelden we ook de warmte weer terugkeren zodra de zon nog maar een derde was verduisterd. Er volgde een broeierige middag met flinke stapelwolken doch tijdens de namiddag overtrok het weer en ging het lichtjes regenen zonder onweersverschijnselen maar wel met een verkoeldende bries tussendoor. De regen viel uit dikke Cirrus densus en ...
Geen Flashback op Weerwoord wegens ziekte, panne of buitenlandse reis? Lees de Flashback nu ook op mijn website! Elke dag automatisch bijgewerkt vanaf 0H01 Belgische tijd, voor alle datums vanaf 1 mei 2004.