Je vertrekt eigenlijk met een pakketje lucht aan de grond met een bepaalde temperatuur en dauwpunttemperatuur en aldus een bepaalde mengverhouding water/damp.
Je laat het pakketje theoretisch eerst droog-adiabatisch stijgen met 0,97 °C/100 m afkoeling tot gevolg tot de LCL wordt bereikt en het pakketje aldus theoretisch nat-adiabatisch verder stijgt waardoor de afkoeling door het exotherme proces van condensatie wordt beperkt tot 0,6°C/100m en energie vrijkomt.
Vanaf dat punt wordt ook de Cape bepaald (ruimte tussen nat-adiabatische lijn/temperatuurlijn)
Het is toch ook vanaf dit punt dat de aanwezige energie van dit pakketje lucht kan vrij worden gegeven, nl vanaf het pakketje pseudolabiel wordt en door condensatie van de damp de aanwezige energie vrijkomt en wordt omgezet in warmte/kinetische energie.
en door het exotherme proces, zet de lucht uit waardoor de warmte omgezet wordt in kinetische energie, nl. stijgingsenergie ...
Quote selectie