De voorbije ochtend en nacht verliep boterzacht met temperaturen die niet lager zakten dan 16,8 graden. Dit hebben we te danken aan een dik wolkendeken dat als voetenwarmertje dienst deed. In de loop van de dag zijn we echter niet meer van dat voetenwarmertje afgeraakt, want de hemel bleef potdicht zitten, op een enkele kleine opklaring na. Er is geen meetbare neerslag gevallen te Malderen, hoewel ik niet aanwezig was op het station kan ik niet uitsluiten dat er misschien een paar verdwaalde druppeltjes zijn neergekomen. De maxima waren niet veel hoger dan de minima met 22,3 graden terwijl de wind ook weer van de partij was met 26 km/h maximum uit het westen. Morgen gaan we dit sombere weertype inruilen tegen een zonnigere en warmere variant voorzien van een aantal flinke onweders. Maar zoals het met onweer gewoonlijk gaat is dat maar een plaatselijk verschijnsel en met wat geluk zal er in jouw (of mijn) regio de komende vijf dagen helemaal niets vallen.
Voor de verandering werd er vandaag ook aan de vroege vogels onder ons een mistvrije start gegund in een erg zachte ochtendspits bij 17,8 graden als minimumtemperatuur. De hemel was echter niet strakblauw want talloze middelhoge en lagere wolkenvelden waaronde Altocumulus Castellanus en consoorten overheersten en gaven ook aan dat de atmosfeer een stuk onstabieler is geworden. Tijdens het vorderen van de voormiddag ontpopten zich hier en daar wat regenbuitjes terwijl een aantal erg aktieve onweerskernen boven het midden van de Noordzee zowat de blikvanger waren op radar en satellietbeelden. Te Malderen echter was er helemaal niets van dit alles te merken en moest de ondertussen weer langzaam verschrompelende vegetatie genoegen nemen met de dauwdruppeltjes die zich afgelopen nacht vormden. Rond en na de middag werden de opklaringen breder en dreven er kleine stapelwolkjes voorbij terwijl de wind tijdelijk sterk ging aanzetten uit westelijke richtingen tot maximaal 29 km/h, waarschijnlijk samenhangend met een convergentielijntje aan de voorzijde van het koufront dat langzaam onze richting uitkomt. De temperatuur haalde ondanks dit alles nog 29,6 graden, maar een tijdelijke afkoeling blijft onvermijdelijk de komende 24 uur want achter het front zit gevoelig frissere zeelucht. Door de langzame progressie van het front zullen de buien die vannacht ons land zouden aandoen weinig aktief zijn en slechts voor een paar selekte plaatsen zijn weggelegd, volgens de weermodellen vooral in het zuidoosten van het land. Een rustig weertype met aangename temperaturen net beneden 25 graden volgt morgen terwijl het weer van de voorbije driedaagse zich lijkt te herhalen met een vers koufront in de loop van maandag en/of dinsdag.
Alweer kregen we een dag waar weinig over te vertellen valt, als zoveelste in een lange rij bijna identieke zomerdagen. Het is echter geenszins een aanwijzing dat het slecht weer is: integendeel, de temperaturen liepen weer op van een kloeke 12,5 naar een warme 28,3 graden terwijl de noordoostelijke wind voor aangename verkoeling zorgde met haar snelheden tot 25,7 km/h. Af en toe dreven er hoge sluierwolkjes voorbij waarvan een gedeelte kort voor de middag het hart van menig onweersliefhebber sneller deed slaan doordat deze het uiterlijk had van de bevroren top van een Cumulonimbus buienwolk die het volwassen stadium had bereikt. Niets was echter minder waar: we hadden namelijk te doen met Cirrus spissatus welke er van uiterlijk hetzelfde uitzien maar voorts onschuldig zijn. De "zware jongens" zaten echter niet zo veraf, zo hebben ze in het midden van Frankrijk reeds flinke electriciteitsrekeningen voorgeschoteld gekregen, maar dit natuurgeweld zal ons nooit bereiken vermits de stroming bij ons slechts droge landlucht aanvoert uit het oosten. De warmte bleef nog lang hangen ondanks de bijna heldere lucht, al voelde het tijdens de late avonduurtjes klam en vochtig aan.
Bij aanvang van de dag was het reeds zwaarbewolkt. Gelukkig niet op de herfstachtige wijze die we de voorbije dagen en weken gewend zijn, maar een luchtige zomerse variant die gepaard ging met aangenaam zachte minimumtemperaturen (17,1 graden) zeer mooie wolkenformaties en voor de liefhebbers nog een paar stukjes blauwe lucht ertussen gemengd. Ten westen van Malderen zag de hemel er erg dreigend uit en de radarbeelden toonden inderdaad een bijzonder aktief onweerscomplex dat de kuststreek en een groot deel van West- Vlaanderen reeds onder handen heeft genomen. Het systeem trok echter in noordelijke richting waardoor het op deze locatie rustig bleef. Naarmate de voormiddag vorderde, was het een komen en gaan van flinke wolkenvelden (voornamelijk Altostratus en Altocumulus castellanus) terwijl er af en toe een paar druppels vielen, maar na de middag kwamen er weer massaal opklaringen opzetten vanuit het zuiden en werd het erg zwoel en drukkend bij temperaturen die opliepen naar 32,1 graden in de late namiddag. Af en toe dreven er nog een paar weinigbetekenende veldjes Altocumulus voorbij maar tijdens de avond bleef het volledig helder. Ondanks de heldere hemel koelde het nauwelijks af waardoor de temperaturen tot laat in de avond in de buurt van de dertig graden bleven plakken. Ook de wind kon met haar snelheden tot 22,5 km/h uit het oosten maar weinig veranderen aan de benauwde atmosfeer, en met een neerslagtotaal van 0,0 mm hoefden we daar al evenmin verfrissing van te verwachten.
Voor de vroege vogels was er een heldere hemel gereserveerd met een fraaie zonsopgang en ochtendtemperaturen van 12,7 graden. De late vogels moesten het echter bekopen met Stratus fractus die snel overging in Stratusbewolking door toedoen van een zwak warmtefront. Hiervan raakten we niet meer verlost zodat de rest van de dag in een sombere, herfstachtige sfeer verliep. De west- zuidwestelijke wind spande ook wat aan en haalde snelheden tot 25,7 km/h. Gelukkig was het niet bepaald koud met temperaturen die stegen tot 20,3 graden, maar degenen die dachten dat het gelukkig droog bleef, werden tijdens de avond onaangenaam verrast door lichte motregen. Niettemin bleef dit beperkt tot een niet eens meetbare 0,0 mm. Na een uurtje fijne motregen te trotseren, ging de bewolking over in Stratocumulus waardoor nog net de fraaie kleurenpatronen van de ondergaande zon tussen de wolken zichtbaar werden. De rest van de avond bleef het zwaarbewolkt met af en toe een kleine opklaring.
Vanochtend was er verspreide Stratocumulus castellanus te zien, en zag het er weer behoorlijk onstabiel uit. Andere wolkensoorten ontbraken echter, en de bovenluchten kleurden mooi diepblauw. De zon had dus weinig moeite om het kwik, dat op 16,4 graden was gestrand, weer de hoogte in te jagen. Hierbij werden Cumuluswolkjes gevormd die tegen de middag goed vertegenwoordigd waren en zich gingen uitspreiden tot Stratocumulus. Net als gisteren gebeurde dit op eerder beperkte schaal, en bleef de hemel daarboven mooi azuurblauw. In de loop van de middag leek alles een beetje melkachtig te kleuren, maar verder veranderde er weinig. Tijdens de avond losten de Cumuluswolkjes weer op en kregen we een bijzonder fraaie band van Altocumulusbewolking te zien, welke vanuit het zuidwesten naar het noordoosten liep. Deze markeerde de overgang naar warmere luchtmassa's die zich ten zuidoosten van ons bevonden (warmtefront). De wolkenband bleef min of meer ter plaatse trappelen, maar een opstuw van deze warmere lucht hadden we niet echt nodig aangezien het met maxima van 25,3 graden best te pruimen viel vandaag. Bij zonsondergang zorgde de wolkenband voor warme, rustgevende kleuren, en kreeg bij het invallen van de duisternis gezelschap van de lichtende nachtwolken die 's avonds weer bijzonder goed zichtbaar waren. Ondanks de aanwezigheid van de frontale wolkenband heeft de pluviometer met 0,0 mm geen vin verroerd, en de zuidwestenwind die overdag nog 38,6 km/h haalde legde er zich eveneens volledig bij neer.
Tijdens de vroege ochtend werd Malderen overspoeld door erg krachtige stortbuien die uit opvallend dikke druppels bestonden. Deze waren afkomstig uit de troglijn die gisterenavond reeds voor bliksemflitsen in de verte zorgde, maar het onweer was er duidelijk al uit gegaan. Niettemin moet het maar weinig gescheeld hebben gezien de vitaliteit die de buien nog over hadden. Tegen de ochtend was hier niet veel meer van te merken en ontwaakten we terug onder een diepblauwe hemel waarin wat Stratus fractus te zien was die geleidelijk groter werd en overging in Cumulus. De temperatuur was hierbij gedaald naar 15,7 graden. Ondertussen trok de wind echter flink aan waardoor onze zomerse stemming snel vervluchtigde. De wolken werden steeds talrijker en de wind wakkerde na de middag aan tot 45,5 km/h uit het zuidwesten terwijl er buien tot ontwikkeling kwamen. Deze hielden zich vooral met het westen van het land bezig, terwijl het binnenland kon rekenen op droog en wisselend bewolkt weer. Het kwik bereikte uiteindelijk maxima van 24,1 graden. Tijdens de avond zwakte de wind af en losten de stapelwolken grotendeels op zodat we de dag onder een zo goed als heldere hemel afsloten. Ondanks dit alles leek het met de afkoeling mee te vallen doordat we geleidelijk weer in warmere luchtmassa's terecht komen. Deze bevinden zich aan de voorzijde van een oprukkend koufront dat morgen terug voor een weinig onweer kan zorgen. De neerslag uit de stortbuien van afgelopen nacht werden meegenomen in het dagtotaal van gisteren zodat we met 0,0 mm als neerslagtotaal afloten.
Vanochtend gaven de weergoden ons de geruststelling dat de zon en blauwe lucht nog steeds bestaan. Deze kregen we bij minima van 11,8 graden terwijl het nevelig was en er wat Cirrus en Altocumulusbewolking zichtbaar was. In de pluviometer vonden we nog 0,2 mm van de wegtrekkende regenzone die ook na middernacht nog wat bleef nadruppelen. De eerdergenoemde bewolking consentreerde zich vooral in het noordoosten waarlangs de depressie is weggetrokken, al waren er in het westen ook sluierwolken zichtbaar. Na een tijdje losten deze weer grotendeels op en het werd aangenaam zomerweer - zeker in vergelijking met gisteren - voor het grootste deel van de voormiddag. Daarna ontstonden er stapelwolken waardoor we de zon af en toe prijs moesten geven, maar er werd zachtere lucht aangevoerd waardoor we alsnog maxima van 25,9 graden konden binnenrijven. Deze zachte lucht werd door een briesje tot 20,9 km/h uit het westen afgeleverd terwijl er in de hogere luchtlagen toch wat vocht binnen stroomde wat zich in een wat fletsere lucht vertaalde. Dit was vooral tijdens het tweede deel van de namiddag het geval en ging gepaard met crepusculaire stralenbundels die langs de stapelwolken en Stratocumulusveldjes die toen voorbijdreven schenen. Het bleef rustig en er heerste een aangename zomersfeer tot de invallende avondkilte ons eraan herinnerde dat de weergoden zich van seizoen vergist hebben.
Dankzij het grotendeels wegvallen van de wind was het vandaag een stuk aangenamer dan gisteren. Bovendien was het meestal droog en was de straling van de zon door het wolkendek voelbaar. De met vocht bezwangerde atmosfeer hield het echter niet lang vol, en wie op de verkeerde plaatsen woonde (juiste plaatsen voor regenliefhebbers) kreeg al vroeg met buien te maken. In Malderen bleef het nog een tijdlang rustig, maar omstreeks 14H weergalmden ook daar donderslagen. Op de radar waren duidelijk twee onweersbuien te zien die vlakbij samensmolten tot één actieve kern. Deze trok net ten noorden langs al kregen we ook hier tijdelijk flinke regenval en twee luide donderslagen te verwerken. Het onweer werd gevolgd door een periode van saai en grijs weer met nog wat lichte regen tussendoor. Vlak voor het onweer warmde het nog op tot 19,9 graden en er zaten een paar rukwindjes op die goed waren voor de maximumsnelheid van 33,8 km/h uit het westen. Het was wachten tot 's avonds toen er een vrij plotse weersomslag plaatsvond en de bewolking grotendeels oploste. Omstreeks 20H waren enkel in het zuidoosten nog een paar gebroken Stratocumulusveldjes te zien en leek het alsof de onweersbuien en het grijze regenachtige weer er nooit zijn geweest tot het neerslagtotaal van 5,2 mm werd afgelezen. De opklaringen lieten een snelle afkoeling toe waardoor we de minima pas op het einde van de avond bereikten met 12,6 graden.
Bij minima van 15,3 graden werd er vanochtend massaal nevel gevormd en lag de omgeving er doorweekt bij terwijl de planten druipten van het vocht. Er hing een amberkleurige tot goudkleurige gloed die voor een prachtig ochtendtafereel zorgde. Echte neerslag is er echter niet gevallen en die zat er ook niet aan te komen want de bewolking is afgelopen nacht weer verdwenen. Tijdens de voormiddag verdampte de ochtenddauw en werd het zichtbaar als vormeloze stapelwolken die zich in een fletse zomerlucht aftekenden. Tegen de middag leek het echter alsof ze op de vlucht werden gejaagd door Cirrusbewolking die vanuit het westen kwam opzetten. Uiteindelijk was deze sluierbewolking en een enkel moedig stapelwolkje dat standhield de enige bewolking die nog overbleef. De temperaturen stegen naar een net geen tropische 29,0 graden terwijl de wind het nu meer in de noordwestelijke hoek zocht maar zo goed als te verwaarlozen was. Ondanks de zomerse temperaturen koelde het 's avonds sneller af dan gisteren rond deze tijd. Welicht zit de dalende vochtigheidsgraad er voor iets tussen waardoor de lucht minder warmte kon opnemen en dus sneller afkoelde. De oranje tot bloedrood oplichtende sluierwolken en condensatiestrepen wisten er echter nog een sfeervolle zomeravond van te maken terwijl het zeker niet koud aanvoelde. De droogte bleef ondertussen verderduren en we sloten dus weer af met een dagtotaal van 0,0 mm.
zoals gevreesd was het mooie weer inderdaad een eendagsvlieg en was het vanochtend weer Stratus en grijzigheid alom bij minima van 12,8 graden. Af en toe viel er motregen en dan volgde er een periode van wat zwaardere regen. Na de middag begon de bewolking dan toch te breken al werd het snel onstabiel met buien in een broeierig aanvoelende atmosfeer waarin zich weer enkele zonneflitsen hebben voorgedaan. Het was goed voor nog aanvaardbare maxima van 22,6 graden al voelde het tijdens die buien een stuk koeler aan. De wind was meestal zwak en kwam uit zuidwestelijke richtingen. Naar de avond toe gingen de buien eruit en kregen we een mengeling van oplossende Stratocumulusvelden, Altocumulus en Cirrostratus te zien die best wel sfeervol overkwam. Het werd erg rustig en het neerslagtotaal van 0,2 mm werd niet meer verder aangevuld.