Hoewel erg gisteravond onweer vanuit het zuiden leek op te stomen, is Malderen volledig buiten schot gebleven en was er enkel een tijdelijke toename van de bewolking vast te stellen. Doch in de vroege ochtenduurtjes omstreeks 5H30 stonden ze hier dan toch nog met hun natte produkten, en werd de malderse pluviometer aangevuld met 0,8 mm, en dit is meteen ook het voorlopige maandtotaal van augustus. Nadien ging de bewolking steeds meer wijken en kregen we een zonnige namiddag voorgeschoteld, maar vanuit het zuiden is een nieuw onweerscomplex dichterbijgesloten en zorgt nu sinds 18H30 af en toe voor wat licht gerommel. Doch het blijft voorlopig droog en het zootje lijkt zelfs te willen evacueren naar het westen en noordwesten zodat Malderen terug naast de onweersprijzen zal grijpen. De temperaturen zijn ondanks de lichte neerslag vanochtend en het pseudo - onweer vanavond toch kunnen oplopen naar een zwoele 32,0°C terwijl de hoogste windsnelheid nu uit het noordwesten kwam met 21 km/h. De afgelopen nacht was echter uitzonderlijk zacht met een minima van 19,2 graden, en zeggen dat dit een maand geleden de maxima waren die we met moeite haalden. Onweerskansen, zij het beperkter dan vandaag, blijven er ook morgen en overmorgen inzitten gezien de labiele subtropische luchtmassa die ons in zijn greep houdt en steeds temperaturen ruim boven 25 graden oplevert, maar vanaf zondag lijkt er een erg interessante onweerssituatie op til te zijn waarvan we de evolutie in de gaten moeten houden.
Degenen die vandaag buiten doorbrachten zullen ondertussen al doorhebben hoe belangrijk het is om zich bij het opstellen van een weersvoorspelling op de allerrecentste ensembles te baseren. Zo tekende het GFS ons land enkele dagen geleden nog netjes binnen de noordwestelijke flank van een hogedrukwig terwijl er vandaag in de verste verte niets van die hogedruk te merken was. Aan de natte produkten viel niet te ontsnappen om nog maar te zwijgen van de overvloedige bewolking en de lage temperaturen die amper 18,3 graden haalden. De aanzet tot dit alles was nogthans interessant met binnenschuivende Altocumulus mammatus bewolking die gisteravond voor een fantastische zonsondergang zorgden zoals we ze hier nog maar zelden gezien hebben terwijl de fraaie golvende wolkenpatronen deze voormidag er best ook wel mochten wezen. Als surplus kregen we er nog een zachte ochtend bovenop door de bewolking; het koelde niet verder af dan 13,4 graden. Het vervolg was echter minder interessant al viel het met de neerslag best wel mee. Het dagtotaal bedraagt niet meer dan 1,0 mm en in de loop van de avond zijn brede opklaringen het land beginnen te heroveren waardoor het weer nu een heel ander karakter heeft. De wind haalde bij de passage van de regenzone snelheden tot 35 km/h, voldoende om er al een herfstachtige toets aan te geven, terwijl hij met het binnenschuiven van de opklaringen meer naar het noordwesten geruimd is. We zitten dus duidelijk aan de achterzijde van het systeem waarin we dit weekend nog de nodige wisselvalligheid mogen verwachten, maar ook een aantal opklaringen tegoed hebben.
Na de wisselvallige en vooral natte weersomstandigheden waaronder we de voorbije week gebukt gingen, besloten de weergoden om het vandaag een beetje rustiger aan te doen. We begonnen de dag met een veelbelovende blauwe hemel en dit bij ochtendtemperaturen die zich handhaafden op een zachte 16,3 graden. In de pluviometer vonden we nog een kleine 0,4 mm terug, afkomstig van de naweeën van de buien die we afgelopen week over de vloer kregen en welke meteen het dagtotaal vormden vermits het de rest van de dag droog bleef. Naarmate de dag vorderde, vormden er zich stapelwolkjes die later vrij forse afmetingen aannamen maar de buien die hieraan verbonden waren hadden het enkel op het oostelijke deel van het land gemunt terwijl het in Nederland eveneens de oostelijke regio's waren die terug met het hemelse vocht geconfronteerd werden. Te Malderen moesten we vooral rekening houden met de noordelijke wind die met momenten vrij nadrukkelijk aanwezig was en snelheden tot 27,4 km/h haalde. De aangevoerde lucht komt echter nog steeds uit het in zomerse omstandigheden verkerende Scandinavië waardoor we aangename maxima konden optekenen van 24,6 graden. De stapelwolkjes organiseerden zich geleidelijk in lange rijen (wolkenstraten) en tegen de avond namen ze aardig af in volume. Een wolkenloze hemel hoefden we echter niet te verwachten want vanuit het noorden is rond en na zonsondergang laaghangende Stratus fractus bewolking komen opzetten die haasje over speelde met de laagstaande maan. Dankzij de isolerende wolken wordt de avondlijke afkoeling aardig afgeremd waardoor we weer een relatief zachte nacht tegenmoet gaan.
Nadat we gisteren onder heldere omstandigheden afsloten, konden we vandaag genieten van een zomerdag met tropische allures en zonder wolken. De hemel was nog steeds volledig helder, maar vooral na de middag ging de diepblauwe kleur steeds meer opvallen wat erop wees dat we in drogere luchtmassa's terecht kwamen. En vooral warme luchtmassa's, want de temperaturen die 's morgens nog rond de 18,7 graden schommelden, stegen snel richting dertig graden om in de late namiddag uiteindelijk de 32,1 graden aan te tikken. Gelukkig stond er een zuidoostelijk briesje dat met snelheden tot 22,5 km/h welkome verkoeling bracht terwijl de droge lucht niet voor een plakkerig gevoel zorgde. Ook tijdens de avond bleef het helder en staalblauw terwijl de warmte lang bleef hangen, maar tegen zonsondergang waren in het uiterste westen reeds de eerste vederwolkjes zichtbaar, de voorboden van een heel ander weertype waarmee we morgen kennis zouden mee maken, al hebben we daar de voorbije weken al genoeg kennis van opgedaan...
De sluierwolkjes die we gisteren te zien kregen, waren vandaag verdwenen zodat we de dag in stralend zonnige omstandigheden konden aanvatten. Lang duurde dit niet want er werd Stratus fractus gevormd waarvan de donzige 'watjes' al snel het hele luchtruim hadden volgezaaid. De zon kon hier aanvankelijk nog vlot doorprikken, maar door advectieve stromingen van een naderend warmtefront ontstond er een golvend patroon in de wolken dat weliswaar fraai oogde maar ervoor zorgde dat de bewolking steeds dikker en talrijker werd om vervolgens over te gaan in Stratocumulus undulatus. Ondertussen was het al een eind in de namiddag en is het kwik gestegen van 14,9 's ochtends naar een maximum van 24,3 graden toen de wolkeninvasie zich doorzette. De wind was hierbij goed voelbaar en wakkerde aan tot snelheden van 22,5 km/h uit het west- zuidwesten. De Stratocumulusbewolking ging ondertussen heel subtiel over in een meer egaal Stratusdek. Enkele uren later viel niet alleen de avond maar ook de regen over het Malderse weerstation. De hoeveelheden bleven eerder beperkt, maar waren wel voldoende om het de terrasjesgangers onder ons knap lastig te maken. De regen hield het na een paar uur weer voor bekeken, maar van de bewolking raakten we niet verlost zodat we ons moesten troosten met de geleidelijk warmere luchtmassa's die werden aangevoerd. Tegen middernacht bleek de Malderse pluviometer nog steeds op 0,0 mm te staan.
De Altocumulusbewolking die gisterenavond tijdelijk te zien was, heeft zich tijdens de nacht kennelijk weer landinwaarts kunnen uitbreiden. Ondanks deze bewolking was het vanochtend echter opvallend droger waardoor nevel- en mistbanken nu schaarse artikelen waren. Bovendien was de oostelijke helft van het Malderse luchtruim nog helder waardoor de zon ongestoord haar werk kon doen in de nog steeds diepblauwe hemel. De wolkenband schoof in de loop van de dag langzaam maar zeker op naar het oosten waardoor de zon ook elders in het land regelmatig verstek moest geven. De wolken konden niet verhinderen dat het flink kon opwarmen, en we temperaturen van 13,6 tot 30,3 graden konden optekenen. Maar ze kreeg het wel voor elkaar om er een aantal buien uit te persen die door de meeste weerdiensten niet voorspeld waren, en dus een extra groot verrassingseffect hadden. De buien waren vooral in het westen van het land actief, maar ook in Malderen kregen we enige tijd te maken met lichte regen die uit opvallend dikke druppels bestond. De bijhorende bewolking bestond uit Altocumulus en Stratocumulus met opvallende valstrepen eronder, en tijdens de avond ook Cirrus spissatus. Ondanks de wolken en regenbuien bleef het erg rustig met een oostelijk briesje dat niet meer dan 17,7 km/h haalde. Het neerslagtotaal bleef uiteindelijk nog beperkt tot 0,0 mm.
Tijdens de nachtelijke uurtjes hebben nieuwe buien de weg naar Malderen gevonden waardoor we de dag bij zonsopgang reeds met een neerslagtotaal van 6,6 mm aanvatten. En het bleef daar niet bij, want in de aanvankelijk erg vredig ogende hemel waarin slechts Stratocumulusveldjes te zien waren, verschenen kleine Stratus fractus- wolkenflardjes. Die zagen er eveneens erg onschuldig uit, maar dat veranderde al snel toen ze zich ontwikkelden tot forse, opbollende Cumuluswolken. Hiermee was het startsein voor een erg wisselvallige, natte en kille zomerdag gegeven, waarbij de eerste buien reeds voor de middag toesloegen inclusief onweer en wolkbreuken. Tussendoor waren sublieme wolkencombinaties te zien, al zorgde advectie vanuit het westen voor steeds meer uitspreiding tot Altocumulus en Stratocumulus. Dit zorgde na de middag voor uitgestrekte wolkenvelden die op hun beurt in een kil weertype resulteerden. Op het einde van de namiddag kwamen er terug brede opklaringen opzetten uit het westen, en was mooi te zien hoe de stapelwolken snel groter werden naarmate ze het binnenland indreven. De westelijke horizon was nagenoeg helder en in Malderen zorgde dit voor een uitgesproken zonnig weersbeeld waarin het kon opwarmen tot een vrij aangename 21,1 graden. De wind draaide naar noordwestelijke richtingen en haalde snelheden tot 20,9 km/h alvorens volledig weg te vallen. Gelukkig maar, want onder de heldere hemel koelde het tegen zonsondergang zeer snel af en lijkt het erop dat we de koudste nacht van de (officiële) zomer ingaan. Maar dit gebeurde niet voordat we het neerslagtotaal aflazen, en hierbij vaststelden dat met 11,4 mm de droogte nu toch wel grotendeels voorbij is.
We bevonden ons in een stabiele maar vochtige luchtmassa aan de achterijde van een koufront, wat zich vertaalde in Stratusbewolking, wat motregen en een herfstachtige kilte. Dit bleef voor een groot deel van de dag zo, waarbij dezelfde bewolking ons echter van lagere minima dan 15,7 graden kon behoeden. Het was wachten tot de late namiddag voordat de invloedsperikelen van een naderend warmtefront de bewolking wat deden openscheuren, en deze ging geleidelijk over in Stratocumulus waartussen zich stapelwolkjes vormden. De wind was niet al te krachtig met maximaal 19,3 km/h uit het west- zuidwesten, en toen de bewolking was afgenomen tot 4/8 konden we van vrij aangenaam zomerweer spreken waarbij het kwik opliep naar 23,7 graden. Het warmtefront pompte wat vocht in de hogere luchtlagen en dit zorgde voor een melkachtige aanblik van de hemel terwijl de afkoeling later op de avond werd geremd. Het bleef dus lange tijd zacht zonder dar er echter van een zwoele avond kon gesproken worden. De lichte neerslag eerder op de dag bleek goed te zijn voor een totaal van 0,2 mm.
We bevonden ons in tamelijk warme en onstabiele lucht wat vooral tijdens de voormiddag en eerste deel van de namiddag een zomers weertype opleverde. Kouder dan 15,5 graden is het afgelopen nacht niet geworden en de hemel was diepblauw met een paar kleine stapelwolkjes en Altocumulus floccus wolkjes erin. Het deed niet meteen vermoeden dat we afgelopen nacht nog een korte maar pittige stortbui op ons dak kregen. De stapelwolken werden snel talrijker en groter en de zon kreeg het op sommige momenten moeilijk bij een bewolkingsgraad van 4/8. Na de middag verschenen er ook Cirruswolken die zich vanuit het zuidwesten uitbreidden terwijl er boven ons regelmatig fijne Altocumulusbankjes te zien waren tussen de stapelwolken. Het kwik was ondertussen opgelopen tot 25,6 graden en er stond een zwak windje. Dan verscheen er plots een gesloten laag van Cirrostratus die overging in Altostratus, met aande voorzijde een paar aambeeldvormige wolkenstructuren die onweersbuien verraadden. Niet iets waar we ons in Malderen zorgen over hoefden te maken (of verheugen) maar aan de weersomslag die daarna volgde viel niet te ontsnappen. Het raakte in korte tijd overtrokken, het begon te regenen en de wind trok flink aan terwijl het kwik met meer dan vijf graden kelderde. Ijzige rukwinden bekoelden hun woede op het weerstation met snelheden tot 30,6 km/h uit het zuid- zuidwesten en het leek volop herfst. De neerslag hield er na een uurtje mee op en bleek uiteindelijk nog mee te vallen. Het bleef voor de rest van de avond wel zwaarbewolkt tot betrokken waarbij de heldere, blauwe lucht in het westen aangaf dat de bewolking afkomstig was van scherp begrensde buienclusters. Dit was overigens ook goed te zien op de satellietbeelden. We sloten af met een neerslagtotaal van 1,4 mm.
Het was vanochtend helder een aangenaam koel bij minima van 13,9 graden. Er hing slechts wat ijle Cirrusbewolking die wegtrok naar het oosten en wellicht een restant was van de dikke sluierbewolking die we gisterenavond te zien kregen. Het warmde zeer snel op en vooral tijdens de voormiddag konden we van zeer zonnige condities genieten. Er werden stapelwolkjes gevormd die geleidelijk talrijker werden en na de middag gezelschap kregen van Stratocumulus en extra sluierbewolking. Het bleef er echter zeer onschuldig uitzien en we haalden tropische maxima van 30,2 graden. De wind was zwak tot matig uit zuidwestelijke richting. Tijdens de avond kregen we dan met dreigende stapelwolken te maken die vooral in het noorden en oosten goed vertegenwoordigd waaren. Deze groeiden onderandere in Nederland uit tot flinke buien waarop ook onweer zat, en enkele onweersbuien zagen de kans schoon om uit te groeien tot supercells die er met hagel en rukwinden voor de nodige overlast zorgden. Vanuit Malderen konden we echter niet meer doen dan 0,0 mm optekenen en de grote stapelwolken bewonderen die in de vochtige en warme lucht bij zonsondergang prachtig werden ingekleurd. We sloten de dag af in rustige omstandigheden terwijl de grootste buienactiviteit ten westen van ons leek door te schuiven naar Nederland.
Alle bewolking is tijdens de nacht weer verdwenen, en we zijn in een heldere, polaire luchtmassa terechtgekomen. Dit resulteerde in tamelijk frisse minima van 13,9 graden al stond daar natuurlijk al snel een uitbundig zonnetje tegenover. Een paar uur later ontstonden er Stratocumulus castellanus veldjes en daaronder ontstonden 2 Cumuluswolken die er opeens dwars doorheen schoten en het begin van een pittig buiencomplex leken te vormen. Maar de Cumuluswolken rafelden uiteen en een paar nieuwe pogingen om uit de Castellanusbewolking iets op te bouwen mislukten eveneens. De bewolking werd uiteindelijk maar weer opgeruimd en vervolgens ontstonden er verspreid over de hemel 'gewone' stapelwolkjes die tamelijk hoog leken te hangen en fraai aftekenden in de nog steeds diepblauwe lucht. Deze werd naast de stapelwolken slechts onderbroken door Cirrusbewolking die vooral tijdens de avond vanuit het noordwesten begon binnen te schuiven. Ondertussen was het al opgewarmd tot een zomerse 26,6 graden terwijl de wind terug erg zwak was en uit zuidelijke richtingen kwam. De Cumuluswolkjes losten tijdens de avond weer op maar vanuit het westen begon ondertussen Cirrostratus binnen te drijven. deze had de neiging om over te gaan in Altostratus en was de eerste voorbode van een reeks storingen die het zomerweer geleidelijk zullen ondermijnen. Voor vanavond hoefden we hier nog niet voor te vrezen en konden we nog eens van aangenaam warme terrasuurtjes genieten die even werden onderbroken door de neerslagmeting die 0,0 mm als dagtotaal aan het licht bracht.