De realiteit laat mi. toch al zien dat die conclusie ook niet kan kloppen. Wat is er dan wel aan de hand?
1) Door de toename van het broeikaseffect in de atmosfeer wordt de stratosfeer in de wintermaanden rond de polen juist veel kouder. Dit heeft veroorzaakt daar een zeer sterke westcirculatie. Maar omdat de dichtheid van de lucht in de stratosfeer veel lager is dan in de atmosfeer, lijkt dit effect toch niet de doorslag te geven. Dit wordt mi. "bevestigd" door het feit dat de zomers ook ietwat minder stabiel zijn geworden.
2) Door het opwarmen van de zeeën wordt de lucht erboven minder stroperig en dus storingsgevoeliger. Wat natuurlijk een verhoogde depressieactiviteit tot gevolg heeft. Dit lijkt mij een heel plausibele verklaring, maar ik ben geen expert, dus echt serieus te nemen is mijn theorie totaal niet.