We wachten af. Strenge vorst zou natuurlijk een flinke bijdrage kunnen leveren aan ons ijs.
In de nacht van dinsdag op woensdag gaat het fors vriezen, het is zelfs niet geheel uit te sluiten dat we de -10 graden gaan aantikken.
De temperaturen dalen komende nacht al tot rond -5 of -6 graden. De aangevoerde lucht is droog en koud, waardoor het gemakkelijk in een groot deel van het land matig gaat vriezen. Het zou potentieel nog kouder kunnen worden, ware het niet dat het een klein beetje blijft waaien en er ook af en toe wat bewolking overtrekt. In de nacht naar woensdag valt de wind haast weg en lijkt het op veel plaatsen vrij helder te zijn. Zouden we mogelijk de -10 graden kunnen bereiken, ofwel strenge vorst?
Er is een prachtige vuistregel waar we in de weerkamer nog altijd gebruik maken. Ondanks alle hypermoderne rekenmodellen die ook temperatuurberekeningen maken, pakken we hier ook vaak even een kladblaadje en gaan we aan het rekenen. Het is de methode van McKenzie, genoemd naar de onderzoeker die de methode op basis van enorme reeksen van waarnemingen in Engeland had opgesteld. Officieel dus een methode voor Engeland, maar de McKenzie methode is ook zeer goed toepasbaar op de Nederlandse situatie.
McKenzie
Met de methode van McKenzie kan de minimumtemperatuur geschat worden op basis van waarnemingen overdag. Het idee erachter is, dat lucht met bepaalde eigenschappen (temperatuur en vochtigheid) onder ideale omstandigheden tot een bepaalde waarde kan afkoelen. De methode maakt gebruik van de maximumtemperatuur overdag en de dauwpunt temperatuur die tijdens het bereiken van de maximumtemperatuur wordt gemeten.
Aan het rekenen
Het liefst reken je met de gegevens van observaties. Maar voor het gemak pakken we nu de verwachting erbij. Vanmiddag wordt het naar verwachting 2 tot 4 graden. De dauwpunttemperatuur komt vanmiddag uit op circa -3 graden. De regel van McKenzie is nu, dat het gemiddelde van maximumtemperatuur en dauwpunt het startpunt is. Het gemiddelde van -3 en +3 is nul. Dat is dus ons startpunt. Vervolgens wordt de potentiële minimumtemperatuur berekend door er een getal van af te trekken. Dit getal is afhankelijk van hoeveelheid bewolking en wind. Bij perfecte omstandigheden (kraakhelder en geen wind) mag er 8 of 9 graden afgetrokken worden. En kom je dus uit op een potentiele minimumtemperatuur van -8 of -9 graden.
Matige vorst
Maar toch is dat niet de verwachting. Komende nacht waait het namelijk nog een beetje, en ook trekt er nog wat bewolking over. In deze situaties gaan we kijken naar de tabel van McKenzie. De combinatie van 4 tot 6 knopen wind met een beetje bewolking zorgt ervoor dat we circa 6 graden mogen aftrekken, en geen 8 of 9. Komende nacht hebben we dan ook in de verwachting staan dat het op veel plaatsen -5 graden wordt, lokaal kan het afkoelen tot zelfs -6 graden. De kans daarop is het grootst in delen van Brabant of Gelderland, want daar blijft het ’t langst vrij helder.
Deze vuistregel kan alleen toegepast worden, wanneer we zowel overdag als ’s nachts in dezelfde luchtsoort vertoeven. Nu ziet het ernaar uit dat gedurende de dinsdag geleidelijk steeds drogere lucht wordt aangevoerd. Het dauwpunt gaat dan geleidelijk verder dalen.
Slaan we toch even aan het rekenen, dan krijgen we een interessant resultaat. Zoals gezegd, moet de McKenzie eigenlijk berekend worden op basis van observaties. Maar in dit geval hebben we het over de nacht van dinsdag op woensdag en moeten we het doen met de verwachte maximumtemperatuur en de verwachte dauwpunttemperatuur.
Strenge vorst?
Dinsdagmiddag is de verwachte maximumtemperatuur 1 tot lokaal 3 graden. De dauwpunttemperatuur laat vrij grote verschillen zien van -4 graden in Zeeland tot -8 graden in Noordoost-Groningen. Als gemiddelde pakken we een dauwpunttemperatuur van -6 graden voor dinsdagmiddag. Het gemiddelde komt dan uit op -2 graden (2-6= -4°C. -4/2 = -2°C). Dat is ons startpunt. In de nacht naar woensdag valt de wind bijna weg. Ook trekt er amper bewolking over. Alleen delen van Noord-Holland als ook delen van Limburg krijgen met wat wolkenvelden te maken. Elders lijkt het helder te blijven. Dit zijn bijna perfecte omstandigheden (kraakhelder en geen wind) dus mag er circa 8 graden afgetrokken worden. En dan komen we op -2-8=-10 graden uit!
Maar klopt het ook?
Het lastige in dit geval is dat de aangevoerde lucht van karakter verandert en steeds droger wordt. Met een veranderende luchtsoort mag je de McKenzie regel eigenlijk niet toepassen. Maar je zou ook als argument kunnen aanvoeren, dat drogere lucht alleen maar kouder kan uitpakken en niet warmer. Zeer lokaal zou het in de nacht naar woensdag dus streng kunnen vriezen… Zeker niet op grote schaal, en als het al gebeurt, zou vooral weerstation Twenthe bijvoorbeeld een kanshebber kunnen zijn. We houden het in de gaten en reken er maar op, dat we morgen ons kladblaadje er weer bijpakken!