Hieronder enkele criteria voor intensiteit van soorten neerslag, zoals gebruikelijk bij automatische weerstations van het KNMI.
MOTREGEN
licht: <= 0,1 mm/u
matig: van 0,1 t/m 0,5 mm/u
dicht: > 0,5 mm/u
REGEN
licht: <= 1 mm/u
matig: van 1 t/m 5 mm/u
zwaar: > 5 mm/u
BUIEN:
licht: <= 2,5 mm/u
matig: van 2,5 t/m 10 mm/u
zwaar: van 10 t/m 25 mm/u
zeer zwaar (wolkbreuk): > 25 mm/u
SNEEUW:
licht: <= 0,5 mm/u
matig: van 0,5 t/m 5 mm/u
zwaar: 5 mm/u
(NB hier wordt bedoeld waterequivalent van sneeuwval; 1 cm verse sneeuw komt ruwweg overeen met 1 mm water)
ONWEER:
zwaar: >= 1 ontl/sec
MIST etc: (Tw = natte bol temp.)
heiig: zicht < 10 km en Rh < 80%
nevel: zicht van 1 tot 10 km en Rh > 80%
mist: zicht < 1000m en Rh > 80%
mist met rijp: als mist plus Tw <= 0 en T > -30
ijsmist: zicht < 1000m en T < -30
REGEN/MOTREGEN:
motregen: druppels <= 0,5 mm
regen: druppels > 0,5 mm
Quote selectie