Reeds vroeg in de ochtend kondigden talrijke opklaringen in het langzaam verbrokkelende Stratocumulus - wolkendek nieuwe hoop aan om de zon voor langere tijd te kunnen aanschouwen. Geen ijdele hoop deze keer want de opklaringen werden snel breder en halverwege de voormiddag was er van bewolking nog maar nauwelijks sprake. Dit vertaalde zich natuurlijk in een aardige thermische winst zodat we in de namiddag uitkwamen op 6,9 graden, al waren het diezelfde opklaringen die er vanmorgen voor zorgden dat het lichtjes ging vriezen, tot -1,6 graden, niet meteen een gezellige temperatuur in combinatie met de gure noordoosten tot noordenwind die ook overdag flink van jetje stond te geven met snelheden die opliepen tot 31 km/h. Een staalblauwe lucht zat er ondanks de opklaringen niet in want vanuit het zuidoosten is er geleidelijk een dun maar uitgestrekt Cirrostratusveld binnengeschoven waardoor de zon een weinig van haar kracht heeft moeten inboeten. De bewolking is afkomstig van een mediterrane depressie die via Griekenland het Europese vasteland probeert binnen te vallen, maar daar voorlopig niet echt lijkt in te slagen. Ze houdt het transport van continentale lucht richting Malderen goed in stand waardoor we ook de komende dagen een droog en koud weertype zullen kennen. De satellietbeelden tonen echter enkele verraderlijke mistvelden die zich erg grillig en onvoorspelbaar gedragen dus het is nog lang niet zeker of we net als vandaag een uitgebreid zonnebad gaan krijgen. De verschillen in aantal zonne - uren zullen van streek tot streek erg groot zijn waarbij hogergelegen gebieden zoals gewoonlijk in dit soort situaties een flink streepje voor hebben. De vrieskou blijft echter vooral 's nachts overal een constante en het ziet er naar uit dat we ook volgende week erg "vorstelijk" zullen behandeld worden...
De weergoden gingen er vandaag al vroeg tegenaan met een aantal flinke stortbuien die Malderen tijdens de ochtend overspoelden. Een zwaarbewolkte en eerder sombere episode volgde hierop, maar de opklaringen die achter de bij een koufront horende neerslagzone zaten, bereikten ons al vrij snel. De aangevoerde lucht was maritiem van oorsprong en dat leverde prachtige diepblauwe luchten op met spierwitte wolkenlandschappen die hier scherp tegen afstaken. Kortom een typisch voorjaarsweertje dat aan maart deed denken, inclusief de buien want die waren er ook. Sommigen waren best wel pittig te noemen maar de onweders bleven ver uit de buurt van Malderen terwijl de neerslag steeds uit gewone regen bestond. De bewolking nam na de middag flink toe waardoor we afscheid moesten nemen van die fraaie opklaringen, terwijl de buien tijdelijk overgingen in meer continue regen. Nog later, in de vroege avond werd het weer droog maar de bewolking bleef prominent aanwezig. Omstreeks 19H konden we een neerslagtotaal van 2,0 mm optekenen maar daar komt wellicht nog wat bij vermits nieuwe buien in de late avond de weg naar Malderen weer hebben teruggevonden. De temperaturen zetten een stapje terug met waarden tussen 8,9 en 11,3 graden al konden we vandaag de hoogste minima van deze maand optekenen. Met 43,5 km/h deed de zuid- zuidwestelijke wind het echter vrij guur aanvoelen.
De bewolking die ons gisteren en eergisteren plaagde, had duidelijk weinig moeite om het tijdens de nacht te blijven volhouden, want toen we vanmorgen ontwaakten was de hoofdkleur opnieuw grijs. Weer dezelfde Stratusbewolking dus, maar gelukkig toonde deze al snel ambitie om over te gaan in Stratocumulus, en daar bleef het zelfs niet bij want deze ging vervolgens gewoon over in Cumulus humilis terwijl de opklaringen daartussen steeds breder werden en de zon al snel voor een aangename lentesfeer ging zorgen. Tegelijkertijd werd er met een zuidwestelijk briesje met snelheden tot 35,4 km/h subtropische lucht aangevoerd zodat temperaturen tussen 8,7 en 15,3 graden niet uit de lucht gegrepen waren. Het grootste deel van de namiddag verliep in zonovergoten omstandigheden, maar slechts weinigen waren er zich van bewust dat dit fraaie weertje het gevolg is van de stijgbewegingen aan de voorzijde van een regenzone (koufront) en dat we dus snel met minder fraai weer zouden te maken krijgen. Het koufront liet er geen gras over groeien en op het einde van de namiddag kwam er Altocumulusbewolking opzetten die meteen korte metten maakte met de zon. De regen volgde een tijdje later, maar het was toen reeds volledig donker. Het ging om vrij intense regen met een buiig karakter, maar dit was van korte duur en werd gevolgd door lichtere buitjes die later op de avond voorbij kwamen. Al bij al stelde dit niet veel voor en hielden we het bij een neerslagtotaal van 1,4 mm.
De opklaringen van gisterenavond hebben vanochtend nog maar eens plaats gemaakt voor hardnekkige, laaghangende wolken. Deze keer ging het om Stratocumulusvelden, die zo dicht op elkaar zaten dat opklaringen of een straaltje zon uitgesloten waren. Net onder het wolkendek dreven afzonderlijke Cumuluswolken voorbij, waarvan de toppen in het dek leken versmolten te zijn. De stap naar een egaal Stratusdek was niet groot, en de bewolking liet er geen gras over groeien om daar werk van te maken. De Cumuluswolken bleven ondanks deze overgang in stand, maar voor de rest is alles over deze dag echt wel gezegd. De temperaturen hielden zich op tussen 0,6 en 6,1 graden terwijl de wind het noord- noordwesten opzocht tegen 9,7 km/h. Het bleef droog zodat we 0,0 mm kunnen optekenen als neerslagtotaal.
Wie er vroeg bij was, kon tijdens de ochtend en voormiddag nog genieten van een aantal opklaringen. Vanuit het zuidwesten kwam echter een volgende depressiekern op ons afgestevend zodat de bewolking al snel weer toenam. Het ging om Altocumulus, Stratocumulus en Altostratus waar nog voor de middag de eerste regendruppels uitvielen. De passage van de regenzone was echter een werk van korte adem, want het klaarde nog geen twee uur na de eerste regendruppels weer op. De bewolking ging over in Stratocumulus en Stratus fractus, terwijl de opklaringen vooral op het einde van de namiddag erg breed werden. De aangevoerde lucht was bovendien erg zacht zodat we bij maxima van 11,4 graden weer wat lentesfeer konden opsnuiven. Het noorden van de Benelux zat echter nog steeds in de sneeuw terwijl de minima vanochtend ook in Malderen een stuk frisser waren met 4,1 graden. De brede opklaringen die bij zonsondergang zelfs een nagenoeg helder weersbeeld opleverden, waren echter bedrieglijk want dat Cirrusplukje aan de zuid- zuidwestelijke horizon zag er een stuk onschuldiger uit dan het was. Het ging namelijk om de bevroren toppen van nieuwe buien die bij alweer een volgende depressiekern hoorden. De buien waren erg actief en op de radarbeelden was de cyclonale beweging rond de depressiekern zeer goed te zien. De buien bereikten Malderen na 21H, waren erg pittig met dikke regendruppels, maar er zat geen onweer op in tegenstelling tot een andere buienlijn die vooral in Luxemburg voor aardig wat klank en lichtspel moet gezorgd hebben. Wat we in Malderen echter wel kregen was wind, en deze nam snel toe in kracht zodat er uiteindelijk snelheden tot 49,9 km/h uit het zuid- zuidwestenwerden gehaald. De buien brachten koelere lucht met zich mee, maar bij temperaturen rond 8 graden voelde het ook in de erg winderige omstandigheden nog erg zacht aan. Af en toe dreven er opklaringen voorbij waardoor de hoogstaande halve maan haar bleke licht op het half doorweekte weerstation kon werpen. Op het einde van het etmaal was het neerslagtotaal reeds opgelopen tot 1,8 mm.
Tijdens de nachtelijke uurtjes is het alleen maar verder opgewarmd waardoor de temperaturen reeds waren opgelopen naar 4,5 graden omstreeks 5H. De minima werden reeds kort na middernacht opgetekend en bedroegen 3,7 graden. Op thermisch gebied werd het een aangename dag met lentetrekjes, maar het weertype dat erbij hoorde deed eerder aan een druilerige herfstdag denken met veel Stratusbewolking en rond de middag tijdelijk mist die het zicht beperkte tot een 1000-tal meter. Ondanks het saaie weer zagen de analysekaarten er weer indrukwekkend uit door de grote temperatuurscontrasten tussen het noorden en zuiden van de Benelux. Zo werd het in Malderen maarliefst 10,3 graden kort na de middag terwijl het noorden van Nederland op hetzelfde moment op amper een graad boven het vriespunt bleef steken. Over het westen en centrum van Europa waren de temperatuursverschillen nog indrukwekkender, al lijken de scherpste kantjes van het winterweer er stillaan af te gaan. Daar waar het ten oosten van Polen een paar dagen geleden nog bijna -30 graden was, was het er nu reeds stukken zachter geworden bij temperaturen tussen -15 en -20 graden. Op het einde van de avond zagen we de Stratusbewolking in Malderen geleidelijk weer oplossen en kregen we eventjes de sterren te zien terwijl het lichtjes ging afkoelen. De motregen die vandaag is gevallen heeft het neerslagtotaal laten uitkomen op 0,6 mm.
De lentesfeer was vanochtend weer ver te zoeken, althans op visueel gebied. Het was namelijk bijzonder zacht bij minima van 9,1 graden en de vogels kweelden er flink op los. Sombere Stratuswolken en een dikke mistlaag onttrokken alle andere details aan het oog en het was wachten tot de late namiddag toen deze optrok en het wolkendek begon te breken. Tussen de vormeloze Stratus fractus wolkenflarden schoten geelwitte lichtbundels naar het aardoppervlak, wat voor een apart uitzicht zorgde. Zodra een dergelijke stralenbundel het weerstation raakte, warmde het verder op en op zo'n moment konden we dan ook de maxima van 13,3 graden optekenen. Wind stond er nauwelijks op een stoot met 29,0 km/h als maximumsnelheid uit westelijke richting na. Naar de avond toe werden de opklaringen wat breder maar de bewolking bleef in de meerderheid. Na zonsondergang bleef het uitermate zacht, rustig en droog terwijl we vaststelden dat het neerslagtotaal op 0,2 mm is uitgekomen.
Onverwachts is het afgelopen nacht nog tot flinke sneeuwval gekomen en lag er vanochtend een dekje van een ruime centimeter terwijl het licht tot matig sneeuwde met erg fijne vlokjes. Op sommige plaatsen is er zelfs meerdere centimeters gevallen, vooral dan in het westen van het land. Het kwik is niet beneden -0,9 graden gezakt en de wind was wat zwakker waardoor het niet meer zo koud aanvoelde als de afgelopen dagen. Het bleef de hele dag doorsneeuwen maar er trad al snel dooi op waardoor er meer sneeuw smolt dan er bijkwam ondanks het bijna ontbreken van droge perioden. Soms leek de bewolking wat dunner te worden maar de zon kregen we uiteindelijk niet te zien. Het warmde op tot 1,5 graden en de wind draaide naar het noord- noordoosten met een uitschieter tot 27,4 km/h. Bij het invallen van de avondschemering ging het weer wat harder motsneeuwen met later op de avond zelfs 'normale' sneeuwvlokken ertussen terwijl het langzaam afkoelde. Hierdoor kon er zich weer een dekje vormen maar veel meer dan een paar millimeters leverde het niet op. Hetgene dat in de pluviometer kon afsmelten bleek goed te zijn voor 0,6 mm als dagtotaal.
De bewolking is tijdens de nacht weer wat dunner geworden maar toch is het niet verder kunnen afkoelen dan 4,0 graden. Net als gisteren was de hemel weer volledig versluierd al ging het nu om iets minder dikke Cirrostratus fibratus waardoor de blauwe kleur van de bovenlucht er beter door kwam. Er volgde een uitermate prachtige zonsopgang die ons bijna liet verstenen door haar verblindende schoonheid. Daarna kwam de zon al snel tevoorschijn bij snel stijgende temperaturen zodat we haast zouden vergeten dat het nog winter is. Het kwik schoot als een raket de hoogte in en in tegenstelling tot gisteren werden er geen stapelwolkjes meer gevormd. Tijdens de vroege namiddag kwamen we op 14,0 graden uit en toen leek het alsof we het beste wel gehad hadden aangezien er nu Altostratus en Stratocumulus bewolking kwam opzetten vanuit het westen. De zon zwakte af, al was het al avond voordat we ze helemaal kwijtspeelden. Een uitbundig orkest van zingende merels en parende vogels zorgde er in combinatie met het typische zachte lentelicht dat nog lang bleef naschemeren, voor dat het lentegevoel sterker was dan ooit tevoren. Er volgde een zwaarbewolkte tot betrokken avond maar het bleef droog zodat het weggieten van 0,0 mm uit de pluviometer slechts een schijnbeweging was.
(Nepal) De nevel is afgelopen nacht dichter geworden en er hing Stratus en Stratus fractus bewolking. Er was ook Stratocumulus castellanus te zien die er erg onheilspellend uitzag. In het zuiden klaarde het al snel op en de zon brak hierbij door met een erg sfeervol amberkleurig licht. Later werd er Cumulus bewolking gevormd die zich uitspreidde tot Stratocumulus terwijl het aangenaam warm werd met een luchtig briesje. Tegen de avond losten de stapelwolken op maar werd het terug zeer nevelig en flets. Het koelde opvallend snel af maar doordat het overdag flink opwarmde hadden we nog genoeg thermische reserve om de avond in zachte omstandigheden te laten verlopen.
Bij een wegvallende wind en open hemel is het tijdens de nacht weer gaan vriezen en zijn we op minima van -2,0 graden uitgekomen. Bij de eerste ochtendschemering zagen we een vrij scherp begrensde laag van Cirrostratus fibratus bewolking die van noordwest naar zuidoost liep. In het noordoosten was de hemel nog diepblauw en zagen we in de verte zelfs nog wat Cumulus congestus hangen. Elders hing geen lage bewolking en daar de Cirrostratusbewolking erg dun was kon de zon gouden zaken doen vandaag (zeker in samenwerking met PV installaties). De Cirrostratus rukte in de loop van de dag op, maar dit proces ging uiterst langzaam waardoor het weersbeeld in grote lijnen hetzelfde leek te blijven. Doch kort voor de middag sloeg het tij om en werden er opeens massaal Cumuluswolken gevormd, zowel in het heldere stuk noordoost van ons als onder de Cirrostratus bewolking. De wolkeninvasie ging gepaard met de nodige winterse buien, al bleek dit vooral een Nederlandse aangelegenheid te zijn, want in Vlaanderen bleven we grotendeels onder de beschermende vleugels van het Britse vasteland (Schaduw van Engeland). Anderzijds lagen we hier ook onder invloed van depressies die ten zuidwesten van ons lagen en stabiliserende warme lucht in de hogere lagen van de atmosfeer pompten, net als gisteren reeds het geval was. Streepjes zonneschijn tussen de bewolking door lieten het nog opwarmen tot 9,4 graden terwijl de noordwestenwind erg zwak tot nauwelijks voelbaar was. De stapelwolken losten naar de avond toe op, maar in Nederland bleven de buien gewoon verder razen en ging de neerslag er steeds meer uit (smeltende) sneeuw bestaan. Een eventuele Londerzeelse winterliefhebber kon hoop koesteren uit dat gebiedje met winterse neerslag dat zich van die Engelandschaduw en stabiliserende luchtlaag- toestand weinig leek aan te trekken en gewoon richting Londerzeel trok maar toen het hier arriveerde bleek er enkel Cumulus fractus en Stratocumulus bewolking over te blijven. In ieder geval hoefden we hierdoor geen extra moeite meer te doen om bevestiging te krijgen voor het dagtotaal van 0,0 mm dat we al de hele tijd vermoedden.
(Filipijnen) De wind liet het al vermoeden gisterenavond, nhet is tijdens de nacht tot een aantal felle stortbuien gekomen, vergezeld van stevige rukwinden. Meerdere buien volgden elkaar op met tussendoor rustige en bijna windstille momenten. De constante bij dit alles was echter het ontbreken van onweer ondanks het fenomenale natuurgeweld. Tegen de ochtend ging de buiigheid verder, al ging het er minder ruig aan toe dan afgelopen nacht. Tussendoor waren er opklaringen en konden we genieten van mooie buienluchten met valstrepen eronder. De blauwe lucht was echter beperkt zichtbaar en tijdens een van de buien raakte het helemaal betrokken waarna dit voor enkele uren zo bleef. De buien clusterden immers samen tot een stratiform regengebied. Tegen het einde van de namiddag leek dit grotendeels uitgestorven te raken waardoor we weer wat blauw zagen verschijnen in de zwaarbewolkte hemel terwijl het droog werd. Er volgde een zonsondergang met sfeervolle bewolking die uit Altocumulus, Cirrus densus en Cumulus congestus bestond. De wind viel weg maar wakkerde tijdens de avond weer aan waarna er weer een paar korte, lichte buitjes volgden.