De opklaringen bleven ook voorbije nacht goed in stand waardoor het kwik met gemak onder het vriespunt is geraakt. Met -1,4 graden was het niet overdreven koud maar de snijdende oostenwind (die aanwakkerde tot 27 km/h) zorgde ervoor dat het effekt van de vrieskou veel groter was en zo troffen we de meeste vijvers en plassen vanochtend toch nog onder een behoorlijk ijslaagje aan. Het was aan de zon om overdag de boel te ontdooien, en daar slaagde ze met glans in: bij een tot 4,8 graden stijgend kwikniveau verdween het meeste ijs terwijl het uit de wind erg aangenaam toeven was, behalve dan rond de middag toen er tijdelijk wat wolkenflarden opdoken die de pret kwamen bederven, maar korte tijd later werd het opnieuw zo goed als helder. Toen de zon tegen de avond begon te verzwakken is het al snel weer gaan afkoelen zodat we opnieuw een vorstige nacht tegenmoet gaan. Net als vorige nacht zal het bij lichte vriestemperaturen blijven vermits de wind de luchtlagen goed gemengd houdt, maar het effekt op blootgestelde oppervlakken wordt hierdoor ook groter. Morgen lijken de kansen op nevel en mist groter te worden door het naderen van een mistveld via Duitsland, maar met een beetje geluk zullen sommige plaatsen hieraan nog grotendeels ontsnappen.
Regenwater was ook vandaag geen schaars artikel, want een depressiekern trok in de loop van de dag net ten noordwesten van ons langs en deed hierbij de buienaktiviteit weer flink opleven. Toen de kern het dichste bij Malderen lag, zo rond de middag, was dit merkbaar aan een flinke afname van de wind die in de loop van de dag weer wat aanwakkerde en hierbij steeds meer het westen en later het noordwesten ging opzoeken. Er waren droge perioden en een paar kleine opklaringen, maar het grootste deel van de dag stond in het teken van regen en motregen terwijl het weersbeeld erg somber was door de bewolking die erbij hoorde. Er werd geleidelijk koelere lucht aangevoerd waardoor de temperaturen niet meer zo hoog opliepen als de voorbije dagen met waarden tussen 6,7 en 9,2 graden, maar door dezelfde bewolking hoeven we nog niet meteen voor vorstige toestanden te vrezen. De wind deed het tijdens de perioden dat hij aktief was, nogal guur aanvoelen met een maximale stoot van 40,2 km/h uit het zuidwesten. Door het overvloedige gedruppel in de loop van de dag is het erg hoge neerslagtotaal van 11,0 mm natuurlijk niet verwondelijk.
Tijdens de voorbije nacht zijn we weer aan de achterzijde van hetkoufront gekomen, dat meteen ook het dagtotaal van 2,4 mm verse regen heeft opgebracht. Het front hadden we 's ochtends vroeg reeds achter de rug waardoor we de dag begonnen met een mengelmoes van Stratocumulus en Stratus fractusbewolking. Bij het aanbreken van de dag konden we vervolgens genieten van aangename zonnige perioden. De polaire lucht waar we ons in bevonden, was helder waardoor de lucht een diepblauwe kleur meekreeg, waarin nog een beetje Cumulusontwikkeling plaatsvond. De volgende depressie stond echter al te trappelen om het Vlaamse binnenland binnen te trekken waardoor we al snel hoge sluierbewolking zagen tevoorschijn komen in het westen en noordwesten. Gelukkig was het warmtefront van deze depressie niet zo aktief waardoor het ook bij die sluierbewolking bleef. Diepblauwe luchten kregen we dan weliswaar niet meer te zien, maar de zon had duidelijk weinig moeite om ondanks de sluierbewolking voor een aangename lentesfeer te zorgen, wat zich ook vertaalde in de temperaturen die stegen van 4,7 tot 13,3 graden. Na de middag werden er veel mooiweerswolkjes gevormd (Cumulus mediocris) waar de zon af en toe verstoppertje achter speelde, maar ook dit deed weinig afbreuk aan de kwaliteit van deze zonnige lentedag. Wel deed de 29,0 wind het met haar snelheden tot 29,0 km/h soms fris aanvoelen. Ook na zonsondergang bleef de bewolking beperkt tot de melkachtige Cirrostratuslaag waar we sinds deze middag tegen aankijken zodat we zonder al teveel moeite de helderste sterren en de maan konden blijven waarnemen. Het etmaal werd uiteindelijk in rustige en lichtbewolkte omstandigheden afgesloten.
Het was een hele opluchting toen de bewolking afgelopen nacht toch nog het hazenpad bleek gekozen te hebben. Het vervolg was een aangename, lenteachtig getinte voormiddag waarbij de zon vrijwel ononderbroken scheen. Wolkeloos was het echter niet, want er was veel sluierbewolking te zien die zich vooral in het zuidwesten leek te concentreren tot een gesloten band van Cirrostratus. Tegen de middag was ons lenteliedje echter uitgezongen, en kwamen er weer laaghangende Stratuswolken opzetten vanuit het noordwesten. Het logische vervolg was een sombere namiddag waarbij het aanvankelijk droog bleef, maar we op het einde van de namiddag uiteindelijk met lichte regen af te rekenen kregen. Dit alles was afkomstig van een zwak warmtefront dat langzaam vanuit het noordwesten dichterbij kwam, maar ons pas later op de nacht zou bereiken. Hoewel we ons theoretische gezien nog in de polaire luchtmassa bevonden, was het vandaag niet overdreven koud te noemen met temperaturen die zich tussen 0,0 en 6,8 graden ophielden. De regen was amper voldoende om de bodem nat te maken, zodat het totaal beperkt bleef tot 0,0 mm. De wind was vooral in de voormiddag een stuk krachtiger met snelheden tot 27,4 km/h uit zuidwestelijke richtingen.
Afgelopen nacht zijn er nog verschillende buien Malderen binnengedenderd, maar naar de ochtend toe wist een zwak hogedrukwigje zich in de bres te gooien om de regendans een halt toe te roepen. De opklaringen werden breder terwijl de resterende buien wegtrokken zichting Nederland en het onder de open(ere) hemel afkoelde tot 8,4 graden. De zeer onstuimige west- zuidwestenwind die 's nachts nog snelheden tot 48,3 km/h haalde, zwakte hierdoor flink af. Nog voor de opklaringen goed en wel tot in Malderen waren doorgedrongen, waren in het zuidwesten echter reeds de eerste tekenen van een volgende regenzone te zien in de vorm van Cirrostratusbewolking. Op de satellietbeelden zag het ding er bijzonder actief uit, maar dat bleek vooral door de aanwezigheid van veel hoge bewolking te komen. Op de radarbeelden was immers niet meer dan een doordeweekse regenzone te zien die bovendien eerder een bescheiden omvang had. De Cirrostratus breidde zich niettemin razendsnel over het luchtruim uit en ging meteen over in Altostratus translucidus. De resterende Cumulus en Stratocumuluswolken tekenden zich scherp af als lichtgrijze wollen dotten tegen de donkere, grijsblauwe Altostratus. Het duurde tot de late namiddag voor de neerslag ons bereikte, en die bestond uiteraard uit regen bij maxima die opliepen tot een aangenaam zachte 11,5 graden. De regen kreeg geleidelijk een buiig karakter en werd later op de avond afgewisseld met opklaringen. Het koelde echter nauwelijks af zodat de temperaturen rond tien graden bleven schommelen, wat op zich geen wonder is vermits het een paar honderd kilometer verderop in onze aanvoerrichting nog opwarmde tot rond 15 graden. De laatste bui die ons voor middernacht nog wist te bereiken, kon het dagtotaal aanvullen tot 4,8 mm.
Er wachtte ons vanochtend een weldaad aan lentewarmte bij temperaturen die niet eens beneden 7,1 graden zijn gezakt. De royale portie Stratusbewolking die werd meegeleverd, konden we echter niet terugsturen naar afzender waardoor we er als zonneliefhebber nog maar eens aan waren voor de moeite. Wel bleef het droog en was de bewolking op sommige momenten vrij dun waardoor het niet overdreven somber werd. Er stond een zuid- zuidwestenwind die snelheden tot 27,4 km/h haalde terwijl de temperatuur overdag verder opliep tot 10,0 graden. De bewolking bleef ook na de middag een constante en als toemaatje kregen we ook nog een aantal vlagen van striemende motregen te verwerken in de licht onstabiele lucht aan de voorzijde van het koufront. Tijdens de avond volgde er een afwisseling van droge perioden en lichte regen of motregen terwijl het steeds betrokken bleef en nauwelijks afkoelde. Het neerslagtotaal bleef uiteindelijk beperkt tot de 0,4 mm die we op het einde van de avond optekenden.
De opklaringen hebben de voorbije nacht standgehouden waardoor we vandaag konden starten met zonnig en vriendelijk lenteweer. Er werden geleidelijk stapelwolkjes gevormd die door hun rafelige structuur het midden hielden tussen Stratus fractus en Cumulus en het de zon vooral in de namiddag lastig maakten. Niettemin bleef het ook dan erg mooi weer, zeker als we naar de oostelijke helft van de Benelux kijken waar deze wolkenflarden zo dicht op elkaar zaten dat het er somber en grijs bleef. De temperatuur steeg van 4,4 naar 12,2 graden en de wind wakkerde aan tot 29,0 km/h uit west-noordwestelijke richtingen. Op het einde van de namiddag losten de wolkjes grotendeels op en werd het tijdelijk lichtbewolkt tot helder. Maar tegen zonsondergang dreef er plots een scherp begrensde band van Stratocumulus en Straus binnen vanuit het noorden waardoor we de dag alsnog afsloten in zwaarbewolkte tot betrokken omstandigheden. De bewolking had wat motregen aan boord, maar verder dan 0,0 mm geraakte het neerslagtotaal niet.
Het was grijs, somber en kil, maar de sneeuw is grotendeels weggesmolten terwijl het droog was. Enkel op afgelegen grasperken ver van verwarmde gebouwen lag nog enkele centimeters sneeuw. We bleven de ganse tijd aankijken tegen een egaal Stratus wolkendek en er stond een zwakke noordenwind die hooguit 22,5 km/h haalde. Af en toe viel er een druppel regen en op het einde van de namiddag ging het tijdelijk intenser regenen en motregenen wat alsnog een dagtotaal van 3,0 mm opleverde. De sneeuresten werden snel weggespoeld en het was vooral ijs of een hoopje bijeengeveegde sneeuw dat hier en daar nog de dag heelhuids kon overbruggen. De temperaturen stegen van 0,6 graden kort na middernacht afgelopen nacht naar 2,8 in de namiddag om tijdens de avond rond 2 graden te blijven schommelen. Kortom een erg saaie winterdag waar enkel mensen met accuut geheugenverlies nog wat aan hadden.
Ook tijdens de nachtelijke uurtjes is het droog gebleven en de bewolking zorgde ervoor dat het ook zacht bleef bij minima van 7,3 graden. Het ging om Stratocumulus waaronder nog een tweede laag van zeer fijne Stratocumulus castellanus bewolking leek onder te hangen die voor een aparte structuur zorgde. De wolkenlaag werd plots verdreven door een scherp begrensd gebied van opklaringen dat vanuit het zuidwesten binnendreef. Voor we het wisten zaten we weer volop in de zon en kregen we een afwisseling van dunne, losse Stratocumulusveldjes en wat Cirrusbewolking (vooral in het noordwesten) te zien. Veel zin had het niet om naar de zonnebrillen en parasols te grijpen, en de terrasjesuitrusting van de zolder te halen want opeens kwam er in het westen een even scherp begrensd gebied van gesloten Stratocumulus bewolking aanzetten. Alles zat in een mum van tijd potdicht en toen de bewolking even later weer optrok bleek het valse hoop te zijn want in de hogere luchtlagen had zich vanuit het noordwesten Altostratus bewolking uitgebreid waardoor de zon en de blauwe lucht werden afgeblokt. Toch sloegen we erin om maxima van 13,0 graden binnen te rijven. Pas in de loop van de namiddag kwam het tot opklaringen, maar de buienlijn met onweer die deze middag al op de Franse radar te zien was, had ondertussen bijna België bereikt en aan de voorzijde ervan kwamen toen nog meer buienclusters en lijnen tot ontwikkeling. Plaatselijk kwam het tot flinke stortbuien en wie goed keek kon ook een bliksemflits of twee zien. Tegen de avond hing er zo'n typische sfeer van een zwaarbewolkte onweersdag ergens in mei of juni, alleen waren de temperaturen een tiental graden lager. De buien hielden aan tot omstreeks 20H30 toen het plots droger werd vanuit het zuidwesten en er opklaringen binnendreven. Er stroomde gevoelig frissere lucht binnen waardoor we nu pas de minima van 7,3 graden konden optekenen terwijl het neerslagtotaal was opgelopen tot 3,5 mm (plaatselijk in Vlaanderen een veelvoud ervan).
(Nepal) Tijdens de ochtend hing er boven ons Altostratus bewolking die echter moeilijk te herkennen was in de zeer nevelige omstandigheden. Koele lucht die tijdens de nacht de vallei van Begnas Tal instroomde zorgde voor een zee van mist waarvan de 'mistspiegel' enkele honderden meters beneden ons lag. De zon kwam in zwakke versie op en het licht was ideaal voor fotografie of om gewoon van de paradijselijke sfeer te genieten. Kort na zonsopgang begon de 'mistspiegel' opeens te stijgen tot deze ongeveer tien meter beneden ons reikte. Het stijgen van de mist ging gepaard met een opvallende verandering in de zang der vogels, doch net op het moment dat we erin zouden verdwijnen ging hij over in Stratus fractus bewolking die vrij snel oploste. De Altostratusbewolking bleef hangen en er scheen de hele dag door slecht een waterzonnetje. Toch was het bijzonder aangenaam en heerste tijdens de namiddag de meest comfortabele gevoelstemperatuur die een mens zich kan voorstellen. Tijdens de avond koelde het nauwelijks af maar werd het terug nevelig. De maan kreeg een opvallende rosse gloed en er hing een erg vreemde sfeer die een soort van apocalyptische dreiging leek uit te stralen ondanks de nog steeds zeer aangename temperatuur en rustige omstandigheden.
Het heeft vanochtend opnieuw gevroren en in thermometerhut daalde het kwik naar ... graden. Toch voelde het niet echt koud aan, maar dat kwam doordat er geen zuchtje wind stond en er vrij veel vlocht in de lucht zat. De eerste paar uur van de dag verliepen zonnig terwijl er wat nevelslierten over het platteland uitgespreid lagen. Natuurlijk wilde dat eerdergenoemde vocht laten merken dat het ook in ons weerverhaaltje meespeelde, en werden er prompt buiengebieden aangevoerd vanuit het noorden. De zon liet het tijdens de late voormiddag afweten achter opzettende Stratocumulus, Cumulus congestus en sterk uitgespreide, dikke Cirrus densus bewolking. Er volgde een pittige bui van regen en natte sneeuw en ook daarna kregen we nog met een paar flinke buien te maken. Na de middag kregen we terug met meer opklaringen te maken waarin het opwarmde tot ... graden al bleef de buiigheid er nog inzitten. De bewolking bestond daarbij vooral uit Stratocumulus waar de buien ingebed zaten waardoor het er soms verraderlijk stabiel uitzag en de buien al eens bij verrassing durfden toe te slaan. De laatste bui trok rond zonsondergang door Londerzeel waarna er een rustige en windstille avond volgde met nieuwe opklaringen. De buien bleken goed te zijn voor een dagtotaal van ... mm.
(Filipijnen) Tijdens de nachtelijke uren is het rustig gebleven en de dag maakte een vriendelijke start met enkele donzige stapelwolken (Cumulis fractus) aan een diepblauwe hemel. Kennelijk werd de lucht stabieler want in plaats van aangroeien, werden de stapelwolken net kleiner naarmate de zon hoger klom en het werd uiteindelijk bijna helder. Tijdens de namiddag werd echter duidelijk waarom: een naderende storing zorgde ervoor dat er op hoogte warmere lucht binnenstroomde en dit werd zichtbaar als Cirrostratus bewolking. Deze werd in het zuidoosten dikker en werd geflankeerd door Altocumulus lenticularis bandjes die van noordoost naar zuidwest liepen. Er was dus een weersverandering op komst en tegen zonsondergang zagen we de Cumuliswolken inderdaad weer terugkeren waarbij ze dreigende afmetingen kregen. Wel bleef het nog droog al verliep de avond nogal winderig. Deze oostelijke bries wakkerde verder aan naar middernacht toe en verraadde eveneens dat er veranderingen aanstaande zijn.