Toen de Malderse bevolking vanochtend ontwaakte was er opnieuw geen zon te zien, doch deze keer lag het niet aan de mist maar aan een binnengeschoven regenzone die momenteel nog steeds over België ligt. Het grootste deel van de dag verliep nog droog bij temperaturen tussen 1,2 en 8,6 graden, maar de wind spande snel aan uit westelijke richting en haalde snelheden tot 48 km/h waardoor de zachte zeelucht niet als dusdanig ervaren werd. Tegen de avond was het dan zover en vielen de eerste regendruppels, al heeft dat tot nu toe nog niet veel voorgesteld want de pluviometer heeft nog geen vin veroerd vandaag. Er kunnen de komende uren echter wel enige litertjes naar beneden komen, en morgen zouden we dan kennis maken met de echte Maartse buien, al lijkt het met de aktiviteit te zullen meevallen gezien er weinig lifting en potentiële verdampingsenergie wordt berekend boven onze streken, doch een sterke jetstreak op grotere hoogte en opwarming van de onderste luchtlagen door de krachtigere maartzon zou toch moeten volstaan voor wat plaatselijke animo. Tegen eind volgende week gaat het de andere kant op met het weer en zouden we een lente opstootje kunnen krijgen...
Tijdens de vroege ochtenduurtjes kreeg Malderen een nieuwe lading regen te verwerken, afkomstig van twee heraktiverende occlusiefronten die zich door de opmars van koude landlucht naar het westen terugtrokken. Deze koude lucht bereikte ons al snel waardoor de regen overging in stofhagel en vervolgens smeltende sneeuw. De atmosferische condities waren halverwege de voormiddag gunstig om een sneeuwdek te vormen, maar de grond was nog niet afgekoeld waardoor een winters landschap er niet meteen inzat. Met momenten was de sneeuwval vrij intens maar na de middag volgde droog weer, waarop we uiteindelijk omstreeks drie uur de eerste opklaringen te zien kregen. Droog bleef het hierop echter niet want vanuit het noorden kwamen al snel een aantal buitjes opzetten die volledig uit sneeuw bestonden. Het temperatuursverloop was erg opvallend bij dit weertype, zo kon het kwik nog stijgen tot 4,9 graden tijdens de nacht om dan bij de stortvlagen vanochtend een flinke duik te maken naar ongeveer een graad terwijl de opklaringen in de late namiddag voldoende waren om ook de luchttemperatuur beneden het vriespunt te krijgen. De wind ruimde tijdens de voormiddag naar het noordoosten bij snelheden die tot 32 km/h opliepen. Uiteindelijk zorgden de neerslagzones en de eropvolgende buien voor een neerslagtotaal van 1,7 mm.
vandaag was het ongeveer het omgekeerde weersverloop van gisteren. We begonnen namelijk met aardig wat bewolking die voornamelijk uit Stratocumulus bestond. Vooral in nederland was deze bewolking erg hardnekkig en werd men gecomfronteerd met egaalgrijze en mistige luchten, maar te Malderen was de zon ons duidelijk gunstiger gezind. De bewolking brokkelde immers steeds verder uit elkaar en tegen de middag was het weer zo goed als helder. Het is dan ook niet verwonderlijk dat we temperaturen tot 16,9 graden uit de brand konden slepen, terwijl de minima ook nog best meevallen met 5,4 graden. Later in de namiddag kwam er wat hoge sluierbewolking opzetten in het uiterste westen, maar deze vormde niet de minste dreiging voor ons en vervulde hierbij vooral een decoratieve functie door een erg fraaie zonsondergang te veroorzaken. De wind was tevens beduidend minder dan gisteren met nog een maximale windstoot van 25,7 km/h uit het zuidwesten. 's Avonds was er dan weer aardig wat afkoeling maar ook nu lijkt nachtvorst niet meteen een grote dreiging te vormen. Er was nu ook geen neerslag door dauw of andere oorzaken.
Na een erg regenachtige ochtend en minima van 5,5 graden te hebben geregistreerd, konden we deze voormiddag even genieten van een adempauze tussen de storm die we achter de rug hebben en degene die morgen nog moet komen. Enkele opklaringen en wat zon waren hiervan het gevolg, maar al snel kwam vanuit het zuidwesten een warmtefront opzetten waardoor alles binnen de kortste keren weer vol zat met Altostratus en Stratus fractus. Met momenten viel er matige regen, afgewisseld met perioden van motregen, doch tegen de avond kreeg de neerslag opeens een buiig karakter met droge tussenpozen en dreigende stapelwolken die in het laatste schemerlicht zichtbaar waren. Opvallend hierbij was dat de temperatuur tijdens de buien begon te stijgen richting de maxima van 12,2 graden. Hoewel de buien op deze locatie weinig aktief waren, leverden ze opvallend dikke druppels op en waren het volgens de radar schampschoten van erg aktieve buiencomplexen waar ook onweer op zat. De wind wakkerde tevens aan en bereikte snelheden tot 51,5 km/h uit het zuidwesten. Op het einde van de avond werd het opnieuw droger maar bleef het erg winderig. We sluiten uiteindelijk af met een neerslagtotaal van 9,2 mm.
Vanmorgen bevonden we ons nog steeds in de polaire luchtmassa's die met een noordwestelijke stroming richting Malderen werden geblazen. De aan kracht winnende maartzon zorgde er echter voor dat dit als een vriendelijk en aangenaam lenteweertje werd ervaren. Er waren immers brede opklaringen waarin de temperaturen konden stijgen van 1,9 naar 13,8 graden. Overdag had het veel weg van een typische zomerdag door de talloze mooiweerswolkjes die werden gevormd, terwijl er vanuit het westen wat cirrus en Cirrostratus kwam binnengedreven. Op gebied van zonneschijn en warmte hebben we in elk geval veel geluk gehad. Op de satellietbeelden en aan de klaagzang die op diverse weersfora weerklonk, was namelijk te zien dat de stapelwolken zich verder in het binnenland konden uitbreiden tot een vrijwel gesloten wolkendek waaruit op de koop toe nog een aantal buien vielen. De zonnigste kaarten waren echter voor de kustgebieden weggelegd, waar men buiten de eerdergenoemde Cirrusbewolking hooguit een paar verdwaalde wolkenflarden kon opmerken. Tegen de avond hielden de stapelwolken het overal voor gezien, en zorgden de sluierwolkjes ervoor dat we konden genieten van een sfeervolle, in warme kleurentinten gehulde zonsondergang. De wind die overdag nog 27,4 km/h haalde uit west - noordwestelijke richtingen, zwakte af waardoor we een rustige avond tegemoet gingen. Het neerslagtotaal bleef hierbij steken op 0,2 mm. De sluierwolkjes zijn echter de voorbode van een flinke depressie die onze kant opkomt, dus of het morgen even mooi en vredig zal verlopen, is nog maar de vraag...
De eindeloze reeks vriesnachten werd vandaag opnieuw met een eenheid verhoogd door toedoen van ochtendminima die onder de heldere hemel wegzakten naar -1,8 graden. Toen de onzichtbare zon opkwam keken we echter aan tegen een sombere, egaalgrijze laag Stratusbewolking die erg plots is binnengeschoven vanuit het noorden. Dit betekende meteen het begin van een sombere en kille voormiddag ondanks de zachtere zeelucht waarin we terechtkwamen. Gelukkig bleek de bewolking niet zo stevig te zijn als het aanvankelijk leek, en ging ze over in Stratocumulus. Dit bleek op de ene plaats vlotter te gaan dan de andere, maar uiteindelijk kon de zon op deze manier ook in Malderen doorbreken in een ongeveer 7/8 bewolkte hemel. Na de middag veranderde er weinig aan het zwaarbewolkte weertype en klom het kwik langzaam naar 5,2 graden terwijl er een noord- noordoostelijk briesje tot 22,5 km/h stond. Tijdens de avond werd de bewolking opnieuw wat dikker en ging ze over in Stratus, maar het bleef droog. Bovendien hield ze de warmte vast en lijkt het er zelfs op dat we nog eens een vorstvrije nacht zullen meemaken. We eindigden het etmaal bij temperaturen die op een tweetal graden uitkwamen terwijl het neerslagtotaal ongewijzigd bleef met 0,0 mm.
De uitgestrekte Stratocumulusvelden hebben afgelopen nacht opnieuw het hazenpad gekozen waardoor er terug wat opklaringen beschikbaar kwamen die voor een erg vriendelijk weertype zorgden. Net als de temperaturen trouwens, want met minima van 5,1 graden was het best wel aangenaam te noemen. Tijdens de voormiddag werd het erg fraai lenteweer met eerst een mengeling van Stratus fractus, Cirrostratus en wat Stratocumulus. De Cirrostratusbewolking loste geleidelijk op en tegen de middag bleef er uitsluitend Cumulus over die zich tot Stratocumulus uitspreidde met brede, diepblauwe opklaringen ertussen. Wel was het erg heiig en werden de opklaringen na de middag tijdelijk wat minder breed waardoor we regelmatig van zonlicht verstoken bleven. Niettemin konden we vrij aangename maxima van 13,2 graden optekenen terwijl de wind niet meer zo schraal aanvoelde als de voorbije dagen. De snelheden bleven beperkt tot 32,2 km/h uit het westen. Naar de avond toe nam de bewolking weer af en gingen we een lichtbewolkte en relatief koele avond in. Nachtvorst lijkt zowel morgenochtend als de komende dagen niet aan de orde te zullen zijn.
De dikke Stratusbewolking is afgelopen nacht opnieuw verdwenen waardoor we vandaag een zonnige start maakten bij minima van 5,2 graden. Er waren wat condensatiestrepen en een weinig Cirrus te zien en tegen de middag werden er heel onschuldige Cumulus humilis wolkjes gevormd. Er stak een noordelijk briesje tot 17,7 km/h op en het warmde op tot een zachte 16,9 graden. Het goede weer was kennelijk niet algemeen aangezien er uit Nederland nog een paar meldingen van laaghangende bewolking binnen kwamen, maar op de meeste plaatsen was het lentesfeer alom. De stapelwolkjes verdwenen bij het vallen van de avond maar toen dreef er plots een scherp begrensde laag van Cirrostratus binnen die rood oplichtte in de avondschemering. Veel verder dan die sluierbewolking is het echter niet gekomen. De heldere en droge lucht koelde 's avonds snel af waardoor we kort na zonsondergang reeds op een tiental graden waren uitgekomen.
Langzaam maar zeker is het tijdens de nacht verder afgekoeld, maar aan een tempo van ongeveer 0,05 graden per uur konden we moeilijk strenge vorst verwachten en was het vanochtend nog tamelijk vriendelijk bij -1,0 graden om 5H. Bedrieglijke vriendelijkheid echter, want wie een stapje in de buitenlucht zette, werd meteen geconfronteerd met een gierende noordoostenwind die de gevoelstemperaturen een tiental graden onder het vriespunt joeg en de ijsvorming op plassen en kleine wateroppervlakken deed dan ook denken aan een nachtje met minstens matige vorst. Er wachtte een grauwe Altostratuslucht bij zonsopgang waaronder Stratus fractus wolken aan een hoog tempo voorbijdreven. Deze was afkomstig van neerslagzones die de overgang naar warme lucht net ten zuiden van ons markeerden en het duurde niet lang voor we opnieuw met de neerslag werden geconfronteerd. Geen malse regenbuien zoals afgelopen vrijdag, maar motsneeuw die geleidelijk overging in vrij zware sneeuval die door de tot 30,6 km/h aanzwellende en naar het noordoosten draaiende wind werd opgejaagd. Op sommige momenten kregen we heuse blizzard taferelen te zien zoals we ze dikwijls zelfs in de winter niet meemaakten. Toch had de sneeuw moeite om een dek te vormen door de in deze tijd van het jaar reeds krachtige zonnestraling die door de wolken heen kwam. Naar de avond toe nam die straling natuurlijk wel af en begon er zich geleidelijk een dekje te vormen dat ook op verharde wegen bleef liggen. Het werd overigens niet warmer dan 0,0 graden. Tijdens de late avond werd het terug droog en koelde het verder af naar de uiteindelijke minima van -2,4 graden. Het neerslagtotaal bleef door de sneeuwval onbekend.
(Nepal) Er hing nog steeds Cirrus en Cirrostratus bewolking die voor een melkachtig en flets uitzicht zorgden. Net als gisteren was de omgeving weer getooid met dauwdruppels terwijl er een aangename, zachte koelte hing. Bij de tocht naar Kathmandu kregen we meer en meer te maken met Cumuluuswolken die het steeds hogerop gingen zoeken. Boven de bergen ontwikkelden zich opnieuw buien terwijl het in de valleien langs de route aangenaam warm en droog bleef. Kort voor het binnenrijden van Kathmandu leek het menens te zijn en kwamen de forse stapelwolken massaal opzetten, doch op een of andere manier kwam het er toch niet tot buien en begon de bewolking weer volledig op te lossen. Enkel de smoglaag en de sluierbewolking bleef over, waarmee we een koele, maar in vergelijking met een week eerder in Kathmandu nog opvallend zachte avond ingingen.