Aan het begin van de nacht bereikt een gebied met lichte winterse neerslag het noorden van het land en beweegt vervolgens zuidwaarts. Door lichte sneeuw of ijzel kan het plaatselijk verraderlijk glad worden. Na de neerslag komen er van het noorden uit ook weer opklaringen en kan het dan ook glad worden door bevriezing van natte weggedeelten. De minima lopen uiteen van 2°C in het Waddengebied tot lokaal -5°C in het zuidoosten. De wind aan zee wordt noordelijk en neemt in de loop van de nacht toe naar vrij krachtig tot krachtig. Boven land is de wind meest zwak tot matig.
http://www.knmi.nl/nederland-nu/weer/verwachtingen
en de guidance:
Met het binnenkomen van de frontale bewolking en een wind die voor het front uit al van zee waait lijkt de kans op winterse neerslag voor de noordelijke kustgebieden uitermate klein. Verder landinwaarts laat de koude lucht zich minder makkelijk verdrijven. Naarmate de neerslag verder zuidwaarts trekt begint de zachtere lucht enigszins op te glijden. Hoe zuidelijker de neerslag komt hoe groter de kans dat het gehele temp-profiel onder nul blijft en de neerslag als sneeuw valt. Er zal echter ook een zone aanwezig zijn waarin ijsregen of onderkoelde regen mogelijk is. Belangrijke parameter in deze is de temperatuur in de onderste niveaus. EC laat de temperatuur vrij makkelijk oplopen met het binnenkomen van de bewolking en in dit model ontstaat er (vrijwel) nergens een ijsdriehoek. Dit in tegenstelling tot Hirlam, maar ook de Harmonies, waar we, vooral in een brede strook van Zeeland naar Drenthe/Overijssel wel een ijsdriehoek tevoorschijn zien komen. Van Hirlam is het bekend dat het net iets te traag opwarmt in dergelijke situaties. Voorlopig houden we het op lichte (mot)regen in het (uiterste) noorden van het land waarna de kans op winterse neerslag, naarmate het zuidelijker komt, steeds groter wordt. Er ontstaat dan een zone waarin diverse mengvormen mogelijk zijn, ook ijsregen, of onderkoelde regen. Het wegdek is hier ook nog onder nul, wat ook voor gladheid door bevriezing zorgt. De vraag is hoe grootschalig dit zal zijn. De intensiteiten zijn beperkt (op de meeste plekken minder dan een 1 mm, Harmonies komen lokaal met iets grotere hoeveelheden); opglijding zorgt voor enige intensivering, maar het bovenluchtpatroon vertoont wat divergentie, wat activering tegenwerkt. Bovendien zit de vorst niet in de grond, dus alleen het oppervlak van het wegdek is onder nul, wat er voor zorgt, dat dit gemakkelijker opwarmt. Verder naar het zuiden en zuidoosten, waar de koude laag wat dikker is, zijn er sneeuwkansen. Allemaal licht van intensiteit en verbrokkeld, wat waarschijnlijk slechts lokale (maar verraderlijke) gladheid oplevert. Toptemperaturen van de bewolking liggen rond de -10 graden; dit zorgt ervoor dat er ook nog een (kleine) kans is dat neerslag sowieso als onderkoelde motregen valt, maar de toppen dalen aan de noordkant van het systeem. Dit maakt de kans (onderkoelde) motregen weer groter.
http://www.knmi.nl/nederland-nu/weer/waarschuwingen-en-verwachtingen/extra/guidance-modelbeoordeling