Veel bewolking zorgde voor een herfstachtige start van de dag. Er is de voorbije nacht trouwens een flinke portie neerslag gevallen en de talloze buien die zich over de Benelux verspreid hebben, gunden onze pluviometers nauwelijks rust. Ook de windmeters werden flink op de proef gesteld met rukwinden tot 51,5 km/h uit het west- zuidwesten. Te Malderen viel het qua neerslag echter nog mee, de buien trokken landinwaards en hadden pas ten noordoosten van deze locatie voldoende energie verzameld om spektakel te kunnen brengen. Wel kregen we bijzonder fraaie wolkenlandschappen te zien. Naarmate de dag vorderde, ontvingen de buien meer energie van de krachtige zon, maar werden ze steeds meer tegengewerkt door warmteadvectie in de hogere luchtlagen, waardoor ze uiteindelijk toch nog verzwakten en afstierven. Het tweede deel van de namiddag verliep dan ook droog en rustig bij steeds meer zon terwijl het neerslagtotaal bleef steken op een niettemin indrukwekkende 11,4 mm. De warmte advectie is afkomstig van een verse regenzone die ons morgen nog eens flink zal onderdompelen in nattigheid en tevens voor onweer kan zorgen. Voorlopig zijn er echter alleen Cirrus en Altocumuluswolken te zien die het naderende 'onheil' aankondigen. De wind is tijdens de avond opvallend in kracht afgenomen en zelfs bijna volledig geluwd. Stilte voor (en na) de storm?
Tijdens de ochtend was het nog heerlijk koel bij temperaturen die rond de 9,6 graden schommelden, maar de zon bracht hier tenmidden van de diepblauwe hemel al snel verandering in waardoor het na enkele uren weer puffen en zweten was bij temperaturen die 28,4 graden bereikten. Net als de voorbije dagen stak er overdag wat wind op, met snelheden tot 19,3 km/h uit het noordoosten. Bovendien werden er in het tweede deel van de namiddag wat stapelwolken gevormd, zij het dat deze terug beperkt bleven in aantal en omvang. Ze bleven aanwezig tot na zonsondergang, maar net als gisteren hadden ze weer de neiging om over te gaan in Stratocumulus castellanus. Hoewel deze bewolking wijst op een onstabiele atmosfeer, werden er ook vandaag geen buien gevormd en houden we het bij een neerslagtotaal van 0,0 mm. De rest van de avond verloopt erg zacht bij lichtbewolkte omstandigheden.
Het geduw en getrek langs de gisteren gepasseerde regenzone zorgde ervoor dat deze terug naar Malderen werd geslingerd en de bewolking vanochtend dus snel weer toenam. We kregen nu uitzicht op indrukwekkende Stratocumulus radiatus bewolking die meteen daarna gevolgd werd door Cirrus spissatus van de regenzone die ondertussen tot een occlusie was uitgegroeid. Dit alles werd ook nog eens geflankeerd met lange Altocumulusbanden die prachtig oogden. Het vervolg was minder mooi, want er werd meteen overgeschakeld op Nimbostratus waaruit de echter meer dan welkome neerslag haar onvermijdelijke intrede maakte. Veel stelde het niet voor, maar het aanhoudende grijze en druilerige weerbeeld zorgde ervoor dat dit een van de (veel) mindere dagen van deze lente is geworden. Ook tijdens de namiddag en avond bleef het grijs met sporadisch wat motregen waarbij er geen teken van opklaringen of zon te bespeuren viel. Dit was dan in schril contrast met het noorden van Nederland waar men vandaag niet één wolkje heeft kunnen waarnemen aan de diepblauwe lucht. Dat de temperaturen geen glansprestatie konden neerzetten was dan ook te verwachten, de waarden schommelden tussen 7,2 en 16,4 graden. Daar we ons nog steeds boven het lagedrukgebied bevinden, stond er weer een krachtige oostelijke stroming die de wolken snel voortjoeg. Op grondniveau liep de windsnelheid op tot 32,2 km/h uit het oosten. De laatste motregendruppeltjes van het etmaal brachten het neerslagtotaal niet verder dan een bescheiden 0,0 mm.
Koud was het vanochtend niet bij minima van 9,7 graden, en er waren nog steeds brede opklaringen waardoor het er veelbelovend uitzag. In westen was een rij Stratocumulus castellanus wolken te zien die erop wezen dat de atmosfeer een stuk onstabieler is geworden. Deze werd echter gevolgd door Stratocumulusvelden die op hun beurt overgingen in Stratus waardoor de eerste helft van de voormiddag erg somber en kil maar droog verliep. Daarna ontstonden er weer opklaringen en ging de bewolking over in Stratus fractus. Deze ging op haar beurt over in Cumuluswolken die steeds verder opbolden. Tot buien is het echter niet gekomen en later werd de atmosfeer weer stabieler door warmte advectie vanuit het westen. Bij maxima van 19,8 graden en een niet al te krachtige west- noordwestenwind tot 29,0 km/h konden we van redelijk lenteweer spreken. De stapelwolken losten 's avonds op zodat er uiteindelijk alleen wat sluierbewolking overbleef toen we in kille omstandigheden het verkillende neerslagtotaal van 0,0 mm aflazen.
We begonnen de dag met een afwisseling van wolkenvelden en opklaringen waarbij de meeste bewolking uit Stratocumulus, Stratus fractus en Cumulus bestond. Het luchtruim was voor 5/8 met wolken bedekt waardoor er ook nog opklaringen waren. De zon voelde hierin erg warm aan, maar de aangevoerde lucht was ijzig koud waardoor het vooral in de noordenwind tot 25,7 km/h en uit de zon alles behalve gezellig aanvoelde. Tot overmaat van ramp gingen de stapelwolken uitgroeien waarna ze zich uitspreidden tot Stratocumulus waardoor het helemaal betrokken werd. Er vielen zelfs een paar regendruppels al waren die niet meetbaar (0,0 mm). Naar de avond toe loste de extra bewolking gelukkig op en werd het zonnig. Maar misschien was deze bewolking wel beter blijven hangen, want het werd overdag niet warmer dan 15,7 graden en de afkoeling kreeg nu vrij spel om ons naar een vorstige ijsheiligennacht te leiden. Het was tegen middernacht reeds afgekoeld tot 4,8 graden terwijl er geen wolkje meer te zien was en de wind volledig was weggevallen.
Na een gure nacht boordevol plensbuien keerde de rust vanochtend weer met een paar mooie opklaringen bij minima van 7,2 graden. Doch al snel dreven er weer wolken binnen vanuit het westen en binnen de kortste keren was alles dichtgeplamuurd met Stratocumulus en Cumulus. De wind spande weer flink aan en op sommige momenten kwam het tot striemende regenvlagen zonder dat de hoeveelheden overdreven waren. De hele dag door waren er Cumuluswolken die zich tot Stratocumulus uitspreidden en veel weg hadden van witte olievlekken die vanop de grond naar boven toe werden uitgegoten. Op de rand van zo'n vlek was er soms nog een opklaring te zien maar meer dan een paar minuten zonneschijn leverde dat niet op. De temperaturen waren dan ook navenant in de ook nog eens polaire luchtmassa met 14,1 graden. Voeg daar nog eens een krachtige westenwind tot 35,4 km/h aan toe en het was te begrijpen dat bioscopen en musea vandaag gouden zaken deden, voor zover ze niet werden omvergeblazen en over centrale verwarming beschikten. Op het einde van de namiddag klaarde het net als gisteren op door een combinatie van wegvallende thermiek en advectie uit een naderende regenzone. Het leek wel alsof de weersfilm van gisteren in herhaling werd afgespeeld want ook deze keer zagen we vanuit het westen Altostratusbewolking binnenschuiven met daaronder flinke hoeveelheden Stratus fractus bewolking. En dit proces ging ook weer gepaard met de nodige wind al leek die een (kleine) fractie minder hevig te zijn dan gisterenavond. Tegen zonsondergang begon het dan opnieuw te regenen en het voorlopige neerslagtotaal bedroeg 2,8 mm. al werd.
We bevonden ons vanochtend vroeg nog in de tropische luchtmassa, en dat was ondermeer te merken aan de temperaturen die ondanks de invallende koelte gisterenavond niet onder de 12,9 graden zijn gezakt. Het luchtruim was echter reeds volgelopen met Altostratus bewolking en van de zon was niet meer dan een waterige versie te zien die nauwelijks warmte gaf. Het koufront was duidelijk zeer ernstig verzwakt, want het sloeg er zelfs niet eens in om neerslag voort te brengen, laat staan dat er wat lekkers voor de onweersliefhebbers onder ons inzat. De wolkenliefhebbers gingen daarentegen met de hoofdprijs lopen, want er waren gedurende een uurtje prachtige Altostratus undulatus asperatus wolken te zien met hun bizarre ribbelachtige patronen. Het werd dus een zware dag voor menig fotocamera en smartphone in tegenstelling tot de pluviometers die vandaag werkloos zijn gebleven. Ondanks het zwaarbewolkte weer hoefden we echter niet voor een sombere en grijze dag te vrezen, want we zaten al snel aan de achterzijde van het front waar brede opklaringen hun opwachting maakten. De wind draaide hierbij naar westelijke richtingen en wakkerde flink aan terwijl er merkbaar koelere lucht binnenstroomde. In de vrij vochtige zeelucht die binnenstroomde werden vervolgens Cumuluswolkjes gevormd die echter niet verder dan de mediocris variant uitgroeiden (zomerse mooiweerswolkjes). Het warmde op tot 24,1 graden en zeker op beschutte plaatsen viel het in deze omstandigheden nog best te pruimen. Tijdens het tweede deel van de namiddag gingen de stapelwolken er wat dreigender en chaotischer uitzien waarbij ze iets groter werden en een rafelig uiterlijk kregen. Ondertussen ging de blauwe kleur van de bovenlucht over in een melkachtige variant met fletse kleuren waarbij opviel dat de lucht een nevelige indruk kreeg terwijl er ook opvallende 'jacobsladders' te zien waren. De invasie van uitgroeiende stapelwolken was evenmin de voorbode van buien of een regenzone, want het bleef gewoon droog en tijdens de avond losten de meeste wolken weer op. Tegen zonsondergang was het alweer zo goed als helder al koelde het erg snel af door de wegvallende wind en de open hemel. We sloten af met een neerslagtotaal van 0,0 mm.
De storing met onweersbuien is uiteindelijk ten zuiden van ons gebleven waardoor het droog is gebleven. Wel was het erg zacht tot bijna zwoel met minima van 12,5 graden. Bij het ochtendgloren was het weer lichtbewolkt met enkel wat Cirrostratus die zich vooral in het zuiden ophield. De stroming kantelde meer naar oostelijke richtingen en er stak een aangenaam luchtig briesje op. Het leek alsof het niet meer zo warm zou worden als gisteren maar toch begon de opwarmng na de middag weer goed voelbaar te worden met zomerse maxima van 25,7 graden tot gevolg. Er werden wat stapelwolkjes gevormd al bleven verdere gevolgen op de meeste plaatsen uit. De oostelijke bries zwakte tijdens de namiddag geleidelijk af en de lucht leek wat vochtiger te worden (ook merkbaar aan een meer amberkleurige tint van het invallende licht) waardoor de warmte meer een drukkend karakter begon te krijgen. Zonder dat het ondraaglijk werd echter, en het zorgde vooral voor een zeer aangename zomeravond zoals we ze in onze streken maar zelden mogen meemaken. Kort voor zonsondergang nam de bewolking toe met nogal wat dreigende Cumuluswolken al had dit geen verdere invloed meer op het neerslagtotaal van 0,0 mm.
Een nieuwe storing heeft ons tijdens de nachtelijke uurtjes kunnen bereiken, maar deze keer zaten er geen onweersbuien meer op. We zagen het daglicht terugkeren onder een klassieke regenlucht met Nimbostratus bewolking, maar het bleef wel erg zacht tot een beetje zwoel aanvoelen bij minima van 12,8 graden. De neerslag was meestal licht of matig en tijdens de voormiddag werd het geleidelijk droger vanuit het zuiden waarbij we de bewolking zagen overgaan in Altostratus met Pannus eronder. Deze wolkenflarden werden langzaam groter, talrijker en dreigender en dat was natuurlijk niet verwonderlijk want er werd nog steeds vochtige en onstabiele lucht aangevoerd. De zon kreeg af en toe wat ruimte om ons tussen de wolken door op te warmen tot 23,6 graden terwijl het diezelfde wolken waren die van de zon profiteerden om extra energie op te slurpen opdat ze tot nieuwe onweersbuien zouden kunnen uitgroeien. Tegen het einde van de namiddag was het dan zover en zagen we in Malderen hoe de wolken zich in het zuidwesten samenpakten terwijl het er reeds nat lag van een buie die eerder was gepasseerd. Of deze onweer heeft opgeleverd is niet duidelijk maar de aankomende bui was ondanks de dichte valstrepen en vorming van Cirrus densus nog steeds onweersvrij. Dit veranderde echter toen ze ons bereikte waardoor we weer getrakteerd werden op fraaie bliksemontladingen, stortregen en indrukwekkende wolkenluchten waarin ook een whale's mouth te zien was ten westen van ons. Het deed allemaal heel on- Londerzeels aan om een gewone regenbui over te zien gaan in een onweersbui terwijl het meestal het omgekeerde is met buien die het gebied bereiken. En degenen die er niet genoeg van kregen konden zich al meteen opmaken voor een tweede (misschien was het zelfs de derde) onweersbui die vanuit het zuiden binnendreef en door de outflow van de vorige bui getriggerd werd. Hierin konden we eveneens een aantal flinke bliksemontladingen zien en het bleef vervolgens nog een tijd naregenen uit cellen die zich in de staart van de onweersbui ontwikkelden. Daar na kwamen we in een gordel van opklaringen terecht maar in het zuiden was ondertussen weer meen muur van Cirrus densus te zien die werd geflankeerd door Altocumulusbanden en Cumulus congestus. Het zorgde voor een apart en dreigend sfeertje terwijl het bij de weggevallen wind aangenaam toeven was buiten. Toen de wolkenmuur ons bereikte, bleek dit geen neerslag of onweer meer op te leveren in Malderen, maar net ten westen van ons zagen we wel in zeer korte tijd een flinke Cumulonimbus ontstaan die fraai oranje opgloeide in het licht van de ondergaande zon. Deze trok tussen Malderen en Gent in naar het noorden terwijl we in Malderen zelf de avond in rustige omstandigheden konden afsluiten, genietend van het schitterende wolkendisplay dat zich voor onze ogen aftekende. In de pluviometer vonden we ondertussen een neerslagtotaal van ... mm terug.