Voor de verandering kregen we vandaag weer een onvervalste herfstdag te verwerken. Laaghangende bewolking hield Malderen zowat de ganse dag in haar sombere greep terwijl er van tijd tot tijd wat miezerige motregen viel. Als troost kunnen we echter stellen dat het vanochtend erg zacht bleef, om niet te zeggen zwoel, bij temperaturen die niet lager dan 15,8 graden uitkwamen. Ook overdag was het niet echt koud met temperaturen die ondanks de bewolking nog 21,4 graden haalden. Regen, die zich vooral in de ochtenduurtjes manifesteerde, zorgde voor een dagtotaal van 0,4 mm terwijl de wind het west - zuidwesten er vandaag als favoriet uitkoos. Tegen de avond slaakte eenieder dan een diepe zucht van opluchting toen de zuidwestelijke horizon plots oplichtte en brede opklaringen in een mum van tijd het hele luchtruim inpalmden. De rest van de nacht was de bewolking in de minderheid en dit als aanloop naar een zomerse eendagsvlieg die ons morgen een dagje zal verwennen alvorens aktieve buien en onweders het zomergevoel weer zullen weghozen...
De tropische toestanden van gisteren konden we vandaag nog eens met glans overdoen. De hemel vertoonde opnieuw een diepblauwe kleur zoals je ze meestal enkel in het hooggebergte ziet, terwijl de zon reeds vanaf haar eerste minuutjes hevig begon te branden. Gelukkig was de wind nu wat prominenter aanwezig: gedraaid naar oost- zuidoostelijke richtingen, haalde ze na de middag snelheden tot 20,9 km/h terwijl zich prompt kleine stapelwolkjes vormden. Deze brachten af en toe wat schaduw, maar alles bijeengeteld was dit slechts een paar minuten terwijl de rest van de tijd in het teken van fel zonlicht stond. Niettemin moest het kwik een klein stapje terugzetten, maar met 31,1 graden als maximum zijn we nog steeds onderweg naar de tweede hittegolf van het jaar. De minima maakten trouwens een kleine winst met 15,2 graden. Net als gisteren ging de wind weer liggen naar de avond toe; de stapelwolkjes verdwenen weer en de hitte ging over in een zeer comfortabele avondlijke warmte. De kansen dat de hittegolf met succes volbracht wordt zijn overigens erg groot te noemen zoals de weerkaarten het voor morgen laten uitschijnen. Een lichte afkoeling naar nog steeds paranormale temperaturen zou zich vanaf dinsdagavond lijken in te zetten met een minuscule kans op onweer of een buitje.....misschien zelfs in Malderen?
Hoewel het nauwelijks aktief was, slaagde het onweer van gisterenavond erin om het de ganse nacht vol te houden en ook 's ochtends is de atmosfeer nog steeds electrisch geladen. Dit gaat zo verder tot halverwege de namiddag wanneer het onweer overgaat in gewone regen die tot een eindje in de avond voor een herfstachtige sfeer zorgt. De temperatuur bedroeg kort voor de middag dan ook niet meer dan 10,3 graden. Gelukkig krijgen we 's avonds een plotse weersverbetering waarbij mooie opklaringen komen opzetten en we kunnen genieten van fraaie, diepblauwe luchten die worden afgewisseld met Stratocumulus partijtjes. Bij het opzetten van de opklaringen valt meteen op dat er grote hoeveelheden sneeuw zijn bijgekomen op de hogergelegen bergtoppen en flanken. Opkomende Cirrus en Cirrostratusbewolking is wat we kort voor zonsondergang te zien krijgen terwijl er nog een paar stapelwolkjes voorbijdrijven. Het blijft droog en rustig tot het einde van dit etmaal.
Nog steeds was de hemel volledig wolkenloos en diepblauw gekleurd zodat een herhaling van het hoogzomerweer van gisteren in de maak leek te zijn. Althans voor degenen die ontwaakten in een slaapkamer met ramen die uitkijken op het oosten, want de westelijke helft van het Malderse luchtruim was reeds bezaaid met grote hoeveelheden Stratocumulus castellanus waarvan sommigen zich al hadden ontwikkeld tot statige Cumulus congestuswolken die een convergentielijntje markeerden dat later voor ons van belang zou worden. Halverwege de voormiddag was ook de rest van de hemel met eerdergenoemde wolkensoorten bezaaid, doch er ontstond een sterk contrast met zeer donkere en dreigende wolkenluchten in het zuiden en nog heel wat opklaringen in het noorden. In Brussel leidde dit al snel tot stevige buien die gepaard gingen met een enkele donderklap. Vervolgens werd het weer wat rustiger, maar een tweede buienzone (met MCS- kenmerken) kwam al snel op de proppen, om voorafgegaan door een indrukwekkende shelf- cloud en een 'Egyptische duisternis' nieuwe stortbuien te brengen. Naar het einde van dit onweer toe, wordt de bliksemaktiviteit groter en kwamen er flinke donderklappen aan te pas terwijl de hemel indrukwekkend bleef ogen. Zo werd het aambeeld van deze bui scherp begrensd door een strook diepblauwe lucht met daarachter een eveneens scherp begrensde zone van Cirrostratus en Altocumulusbewolking. Dit was voor het grootste deel van de tijd het geval, wat erop wijst dat we aan de rand van het onweersgebied zaten; En inderdaad: in Malderen bleek ditzelfde onweer slechts een paar druppels te hebben opgeleverd zodat het voor de onweersliefhebber een goede zaak bleek om toch maar geen verlof te nemen en in Brussel te komen werken. Na de middag komen er meer opklaringen en blijven er nog verspreide (flinke) stapelwolken over alsook Altocumulus en Cirrusbewolking. De temperatuur steeg dan nog van 16,6 naar 27,7 graden voordat een geleidelijke afkoeling zich doorzette. De lucht kleurde melkachtig en het werd nevelig zodat er nauwelijks contrast was op het einde van de namiddag. Naar de avond toe kwam er in Malderen veel Stratusbewolking opzetten waarin zich plots flinke stapelwolken gingen ontwikkelen, maar de bijhorende buien misten ons opnieuw zodat het bij een tijdelijke valwind uit het noordwesten bleef die de zuidoostelijke stroming even onderbrak (max. snelheid bedroeg 2 5,7 km/h uit het west- zuidwesten) . Vervolgens draaide de wind terug naar het zuidoosten. Het was wachten tot laat in de avond toen zich uit de restanten van een tot op de draad versleten MCS uit Frankrijk nieuwe buien gingen ontwikkelen, maar deze zouden pas na middernacht echt goed op gang komen terwijl er geen onweer meer opzat. Het neerslagtotaal bleef dan daarna uit op 6,6 mm.
Met nevel en mist leek het vanochtend nog redelijk mee te vallen, maar deze keer bevond de bewolking zich wat hogerop. Er was immers wat Stratus fractus en Stratocumulus castellanus aanwezig die ondanks hun bescheiden optreden op een onstabielere atmosfeer wezen. Eens de 'ochtendkoelte', die ons op 17,1 graden bracht, werd verdreven ontstonden er immers stapelwolken die vanuit het oosten kwamen opzetten. Deze werden tegen de middag ook in Malderen zichtbaar, maar van buien bleven we nog steeds gespaard. De zon leek er evenmin last van te hebben zodat het terug tropisch warm werd met temperaturen die 32,7 graden bereikten. Er stak ook wat wind op, en deze haalde snelheden tot 17,7 km/h uit noordoostelijke richtingen.De stapelwolken kregen het op sommige plaatsen voor elkaar om er een aantal buien met onweer uit te stampen. Deze namen tijdens de avond weer af in activiteit, al werden er af en toe nieuwe buien gevormd door de invloed van een naderende convergentielijn vanuit het zuidwesten. Eén van de buien was vanuit Malderen goed zichtbaar maar dit bracht geen verdere gevolgen met zich mee. Wel bleef het opvallend warm waarbij de temperaturen zelfs na zonsondergang nauwelijks onder de dertig graden zakten. De hemel kleurde melkachtig en er dreef nog wat Cumulus fractus voorbij in de laatste schemering. We sloten uiteindelijk af met 0,0 mm neerslag als dagtotaal (zweetdruppels niet inbegrepen).
Met temperaturen die omstreeks 5H30 nog 23,5 graden bedroegen, was dit de warmste ochtend die het weerstation ooit heeft geregistreerd. De echte minima werden reeds om middernacht bereikt met 21,7 graden, dus het is er tijdens de nachtelijke uurtjes alleen maar warmer op geworden. Dat we ons aan zeer hoge maxima mochten verwachten was dan ook logisch want het koufront zal ons pas morgen bereiken. Wel zitten we reeds in de onstabiele lucht aan de voorzijde ervan en dat was merkbaar aan de diverse Stratocumulus castellanus partijtjes die zich in de met Cirrus en Cirrostratus gevulde lucht hadden gevormd. Deze hadden tijdens de daaropvolgende uren de neiging om weer op te lossen en er bleef enkel dunne Cirrusbewolking over die de schroeiende zon vrijwel niet kon afremmen. Voor iemand het door had, zaten we reeds boven de 30 graden terwijl de verzengende hitte aanleiding gaf tot de vorming van een aantal stapelwolken. Deze groeiden echter niet verder uit waardoor het droog bleef en de opwarming ongestoord verder ging tot er uiteindelijk maxima van 35,8 graden uit de bus rolden. De stapelwolken leken op het einde van de namiddag weer wat in te zinken al deden sommige exemplaren nog verwoede pogingen om het hogerop te gaan zoeken. De onweersdreiging was hiermee echter nog niet verdwenen, want ten westen van ons deed een thermische vore met succes pogingen om de stabiele luchtlaag te doorprikken waardoor er al snel onweerscellen ontstonden. Deze rangschikten zich in een lijn die zeer langzaam naar het oosten opschoof en in Malderen zichtbaar was aan de westelijke horizon. De wolken oogden dreigend door het tegenlicht maar de buien slaagden er net niet in om ons te breiken. De valwinden die de onweersbuien voortbrachten, raakten wél tot in Malderen en deden de wind tijdelijk aanwakkeren tot een brutale 30,6 km/h uit het zuid- zuidwesten. Aan de voorzijde van deze outflow ontstond een tweede wolkenband die de stabiele luchtlaag echter niet kon doorboren en dus enkel uit Stratocumulus castellanus, Cumulus congestus, vliegende parasols en partytenten bestond. Nadien keerde de rust weer en bleven we net tussen de buienlijn en de wolkenband zitten in een gebied met opklaringen. Later op de avond kon één van de buien ons dicht genoeg naderen om drie regendruppels in Malderen te droppen, terwijl er na zonsondergang in het noordwesten een witte lichtflits te zien was die misschien wel eens een bliksem zou kunnen geweest zijn. Ondanks dit alles bleef het neerslagtotaal op 0,0 mm steken.
We begonnen de dag met fraaie stapelwolkjes en diepblauwe luchten terwijl we een tamelijk koele nacht achter de rug hebben bij minima van 8,1 graden. Toen de stapelwolken tegen een temperatuursinversie aanknalden, was de lol er snel af en werd het enige tijd somber en kil onder de dikke Stratocumulus velum wolken die zich onder de inversie uitspreidden. Wel bleef het droog, en na de middag zorgde toenemende stabiliteit ervoor dat de wolken verder werden onderdrukt tot er weer opklaringen ontstonden. Dit leidde ons alsnog naar een aangenaam zomers weertype waarbij het kwik kon uitvloeien naar 20,3 graden. De wind zocht het noordwesten op en haalde snelheden tot 25,7 km/h. Tijdens het tweede deel van de namiddag kregen we Cumulus mediocris te zien die zich in wolkenstraten ging schikken maar geleidelijk oploste naar de avond toe. Deze verliep in heldere omstandigheden onder een diepblauwe lucht waardoor het flink kon afkoelen. Van aangenaam terrasjesweer was dus geen sprake terwijl het zomergevoel tegen zonsondergang ook ver te zoeken was, net als neerslag trouwens bij een dagtotaal van 0,0 mm.
Het was vanochtend erg koud bij minima van 10,3 graden, terwijl een mix van Cirrus en Altocumulus voor een mooie met oranjeachtige tinten opgesmukte zonsopgang zorgde. De rust die er vanochtend hing, bleef tijdens de voormiddag in stand want de wind is duidelijk een aantal versnellingen teruggeschakeld. De Cirruswolken werden talrijker en dikker terwijl er in het zuiden ook Altostratus verscheen maar tegen de middag werd dit proces omgekeerd. Na een paar uur bleven er enkel wat Cirrusplukjes over en kregen we een typisch Belgische zomerlucht te zien met stapelwolkjes erin. Er waaide slechts een zwak briesje met snelheden tot 22,5 km/h uit het zuid- zuidwesten en vooral aan het einde van de namiddag voelde het nog verrassend warm aan bij maxima van 24,9 graden. Volgens de satellietbeelden zaten we inderdaad weer in een zuidelijke stroming en de melkachtige kleur die het luchtruim tijdens de avond kreeg kon vertaald worden naar een warmtefront waarachter nog zachtere lucht klaarligt. Ten westen van ons was ook een minder graag geziene gast te zien, namelijk een koufront al zullen de onweersliefhebbers haar voorkant wel weten te waarderen alvorens koude lucht woensdagavond haar intrede zal maken. We beleefden een erg zachte zomeravond zonder dat er van zwoele plaktoestanden kon gesproken worden. We sloten af met een neerslagtotaal van 0,0 mm.
Bij minima van 9,7 graden was het weer aan de frisse kant, al was dat natuurlijk te verwachten onder een open hemel in polaire luchtmassa's. Ondertussen was het luchtruim echter aan het vollopen met Altocumulus en Cirrostratus terwijl we geleidelijk in subtropische luchtmassa's terecht kwamen aan de achterzijde van een zwak warmtefront. Tegen de middag was het dan ook al aardig opgewarmd en konden we van aangenaam zomerweer spreken. De bewolking nam eerst toe (dikkere sluierbewolking en meer Altocumulus waaronder stapelwolken werden gevormd) maar halverwege de namiddag hadden de opklaringen het opeens weer voor het zeggen. De zon ging nu behoorlijk steken en we haalden maxima van 23,9 graden. vanuit het westen kwam ondertussen echter het koufront aanzetten wat gepaard ging met het binnendrijven van een scherp begrensd veld van Altocumulus en Stratocumulus bewolking. Hier waren we een uurtje zoet mee en toen de bewolking weer oploste bleken de hogere luchtlagen vol te zijn gelopen met Altostratus bewolking zodat het een eerder sombere avond werd. Toch was het uitstekend terrasjesweer want de neerslag bevond zich nog een eind ten westen van ons terwijl het vrijwel niet afkoelde. Onder de Altostratusbewolking ontstonden flinke Stratocumulus castellanuswolken maar voorlopig nog zonder verdere gevolgen. Daar kwam verandering in toen zich aan de voorzijde van het koufront opeens een afzonderlijke bui vormde die Malderen omstreeks 21H verraste met dikke druppels die met een grote intensiteit naar beneden kwamen: de eerste stortbui was hiermee een feit. Onmiddellijk daarna kwamen we in de buien op het eigenlijke koufront terecht, en deze werden voorafgegaan door een indrukwekkende shelfcloud waardoor het leek alsof de apocalyps over ons neerdaalde. Een enormde wolkenmuur kwam op ons afgestormd en er stak een koude noordwestenwind op die de zwoelte in enkele tellen wist te verjagen. Daar waar de eerste stortbui uit warme, tropische regen bestond, werden we nu gegeseld door koude striemende regenvlagen. Aanvankelijk was dit alles onweersvrij maar opeens wist een enkele bliksemflits alles nog in een spookachtig licht te zetten zonder dat de donder echter hoorbaar was. Er viel 9,3 mm over twee stortbuien die respectievelijk 5 en 10 minuten duurden. Daarna klaarde het weer op vanuit het noordwesten en daalde er een koelte neer die op een of andere manier als aangenaam werd ervaren, zeker toen de lucht werd gevuld met zoete geuren van avondbloesems.
Het was vanochtend bibberen bij minima van 8,6 graden en het is ook niet ondenkbaar dat het plaatselijk tot een graadje vorst aan de grond is gekomen daar men vooral in Nederland hier en daar beneden de 4 graden uitkwam. Er hingen wat wolken die het midden hielden tussen Cumulus fractus en toefjes Stratocumulus, en in de loop van de voormiddag dreef er meer Stratocumulus binnen. Deze wolkencompartimenten gingen over in Cumuluswolken die zeer dicht op elkaar zaten en nogal afgeplat waren. Nog voor de middag werden er echter schaarser en gingen ze verder uit elkaar drijven waardoor ze er meer als 'normale' mooiweerswolken aan een typische zomerhemel begonnen uit te zien. Dit proces ging onverminderd door waardoor het nog maar weinig stapelwolken waren die zich op het einde van de namiddag vertoonden. Maar ze hoefden zich niet eenzaam te voelen want ze kregen gezelschap van een aantal Cirruswolkjes. Daar bleef het voorlopig bij en er was een overbloed aan ruimte beschikbaar voor de zon die natuurlijk weinig moeite had om er een zomers sfeertje in te blazen bij maxima die 25,4 graden haalden. De wind kwam overwegend uit noordelijke richtingen en zwas zeer zwak tot onbestaande. Het weersbeeld verschilde hiermee weer een dag en een nacht tegenover Nederland waar het plaatselijk een grijze dag werd met op een aantal locaties zelfs wat lichte regen. Tegen de avond bleven er geen Cmuluswolkjes meer over en werd het luchtruim overgenomen door de eerdergenoemde Cirruswolken die wat verderop gevolgd werden door een tamelijk scherp bergrensde laag van Cirrostratus en Altostratus bewolking. Dit was een warmtefront en de voorbode van een heel ander weertype waar de zomerliefhebber de komende twee dagen weinig over te klagen zal hebben. Het front zelf was niet zo actief waardoor we het droog hielden met 0,0 mm en de bewolking zorgde ervoor dat het veel langzamer afkoelde eens de zon onder was.
Boven het noordwesten en westen van Frankrijk is vannacht flink wat onweer ontstaan dat veelbelovend in onze richting dreef. In Malderen was daar echter nog niet veel van te merken buiten hier en daar wat Castellanus en Floccus bewolking (voornamelijk op Altocumulus niveau). Het was drukkend warm bij temperaturen die niet onder 20,1 graden zijn gezakt. De onweershaarden kwamen uiteindelijk boven West Vlaanderen terecht waar men op verkloekende regen werd getrakteerd. Londerzeel greep andermaal naast de prijzen en het klaarde weer op terwijl de brandende zon onvermoeid verderging met het drogen en verpoederen van plantenresten. Toch was het niet meer zo zinderend heet als gisteren, want de onweersbuien hoorden bij een convergentielijntje waarachter de wind naar het westen ruimde en er veel koelere zeelucht binnenstroomde. Alles wat de hitte en droogde had overleefd kon dus herademen, al bleef het kwik in het oosten van de Benelux tegen recordwaarden aanschampen. In Malderen is het uiteindelijk niet meer warmer dan 34,9 graden geworden (wat natuurlijk ook nog kon tellen), en dreven er regelmatig Altocumulus castellanus veldjes, Cirrus densus, Cumulus congestus en Stratus fractus wolken voorbij. De ijskappen van de West Vlaamse onweersbuien konden van hieruit met lede ogen worden aangekeken. Tijdens de namiddag ontstonden er opnieuw buien, maar echt veel stelden ze niet voor en meestal dreven ze ten oosten van Malderen voorbij. Tijdens de avond zagen we op tamelijk geringe hoogte een nogal bizarre vorm van inkzwarte Stratusbewolking ontstaan waar je ondanks de donkere kleur dwars doorheen kon kijken. Deze bewolking ging over in Stratocumulus castellanus, en bedekte grote stukken van de hemel waardoor het er soms dreigend donker uitzag terwijl verdere gevolgen echter uitbleven. Kort voor zonsondergang konden we terug onze lede ogen gebruiken om de ijskap van een regenbui die ten oosten van ons voorbijtrok te aanschouwen. Die ogen kwamen daarna zelfs nog eens van pas om het bedroevende neerslagtotaal van 0,0 mm te meten en de dodentol onder de Londerzeelse planten vast te stellen en bij te werken
Tegen zonsopgang was het droog en rustig met Stratocumulusvelden en Cumulusbewolking die in verschillende maten beschikbaar was. Het was afgekoeld tot een erg frisse 12,0 graden. Eens de zon weer min of meer op kracht was gekomen, leefden de buien weer op en kwam het tot pittige stortvlagen waar ook wat hagel bij zat. Bij één van die buien begon het uit het niets opeens te onweren, en daarna was het een komen en gaan van schitterende wolkenlandschappen die zich tegen een bijna zwartblauwe Arctische lucht aftekenden. De kleuren waren zeer transparant, en het deed erg denken aan een dag met voorjaarsbuien. De zon was erg krachtig tijdens die opklaringen, maar wie het waagde om de barbecueset en toebehoren tevoorschijn te halen, werd meteen met parasol en al weggezogen toen de volgende reeks buien met ijzige valwinden (meestal uit westelijke richting) toesloeg. Om dan even later met beide voeten tegen de grond gekwakt te worden waar de thermometer ontnuchterende waarden van maximaal 20,1 graden aangaf. De buienwolken begonnen tijdens de avond weer in elkaar te zakken waardoor er meer op rustig en zonnig(er) weer gefocust werd. De wind zwakte daarbij ook af al was het door de razendsnelle afkoeling een alles behalve gezellige bedoening in de buitenlucht waar de pluviometer stond die ongeveer 6,5 mmaangaf
Brede opklaringen zijn vanuit het westen binnengedreven en we kregen de zon weer te zien terwijl de minima op 12,3 graden zijn uitgekomen. Maar het duurde niet lang of alles raakte weer dichtgesmeerd met Altostratus, Stratocumulus en Stratus fractus. Eerst bleef het nog droog maar tegen de middag volgde er in omgeving Genk veel regen waarna terug een sombere en miezerige periode volgde. Uiteindelijk klaarde het tijdens de namiddag op en in Malderen troffen we een vriendelijk weertype aan met kleine stapelwolkjes waarbij de 20,2 graden warmer aancvoelden dan ze waren. In het oosten kwamen wel nog forse buienwolken voor. Tijdens de avond verdween alle bewolking op een paar Cirruswolken en een bankje Altocumulus na waardoor het aangenaam toeven was in de zon. Maar eens deze weg was koelde het bliksemsnel af waardoor duidelijk werd dat de zomer met deze opklaringen nog niet is teruggekomen. Wel zag het er allemaal rustig en vriendelijk uit terwijl de west-zuidwestelijke wijd is gaan liggen. Het neerslagtotaal is op 0,0 mm blijven steken.